Roeicoaches Marloes Oldenburg en Geert Hemminga begeleiden de topsporters van Gyas. „Ik gun iedereen zo'n periode." Foto: Jaspar Moulijn
Zij won olympisch goud, zijn roeidroom werd geknakt door een aanrijding. Nu helpen Marloes Oldenburg en Geert Hemminga studenten bij hun eerste stappen als topsporter. „Ze hebben geen flauw idee waar ze aan beginnen.”
Op de fietssnelweg langs het Noord-Willemskanaal kan Marloes Oldenburg er hartelijk om lachen. Gisteren begeleidde ze hier een roeitraining van haar tweedejaars studenten. Liefst 25 kilometer op het water tussen Groningen en Assen. „Ik vroeg een van de meiden wat ze aan eten meehad. Haar antwoord: een zak Haribo.”
„Iets met een klok en een klepel”, zegt Oldenburg. „Ja, je moet eten tijdens zo’n training. En suikers binnenkrijgen. Dus ik besloot er niet direct iets van te zeggen. Maar ik heb wel een paar keer laten vallen dat je ook drie bananen kunt meenemen.”
De anekdote illustreert de onbekende wereld die zich plotseling opent wanneer studenten zich aanmelden voor een roeivereniging. En daar vervolgens besluiten serieus wedstrijdsporter te worden.
Marloes Oldenburg coacht twee skiffeurs op het Noord-Willemskanaal. Foto: Jaspar Moulijn
„Veel Olympische roeiers begonnen ooit omdat Gyas bekend staat als grote en gezellige vereniging”, vertelt Geert Hemminga op het vlot achter het Bootenhuysch. „Of omdat ze hier toevallig met hun KEI-groepje langskwamen tijdens de introductieweek in Groningen. Eerstejaars wedstrijdroeiers hebben vaak geen flauw idee waar ze aan beginnen. Misschien is dat maar goed ook.”
Onderwater-hardheid, zonder bovenwater-ruigheid
Daarna spreekt Hemminga, deze vroege ochtend in korte broek en bodywarmer, kort zijn opgewarmde pupillen toe. „Dingen worden beter, maar ik wil dat jullie ritmisch meer tijd nemen. Onderwater-hardheid, zonder bovenwater-ruigheid”, geeft hij de acht roeisters mee voordat zij in de Op Roakeldais stappen.
Snel gaat de oud-topsporter op de fiets in de achtervolging; de meegebrachte megafoon werkt helaas slecht vanwege lege batterijen. Uit de tegemoetkomende stroom van fietsen, e-bikes en scooters langs het kanaal duikt dan collega-coach Oldenburg op, druk bezig met de eerder vertrokken skiffs en een dubbeltwee.
De vrouwenacht van coach Geert Hemminga warmt zich op in het Bootenhuysch van Gyas. Foto: Jaspar Moulijn
Het kinderzitje voorop haar oranje fiets is vandaag leeg, maar de kleine Sven (negen maanden) helpt regelmatig coachen. „Dat brengt ontspanning”, lacht Oldenburg. „Hij is de mascotte van de ploeg.”
„Al-le tijd, jullie hebben al-le tijd”, roept Hemminga ondertussen zo langzaam mogelijk naar zijn roeisters. „Neem de tijd zodra de handen over de knieën zijn. Dan kom je ook mooier op de foto.”
Lessen buiten de boot
Nog veel belangrijker dan de technische aanwijzingen zijn de levenslessen die het duo wil meegeven. Blijf mentaal gezond, doe leuke dingen naast het roeien en verwaarloos de studie niet.
„Studenten die net beginnen, komen opeens in een arbeidssport terecht, waarin het loont om hard te werken, met een schema van zes, zeven trainingen per week. Vanuit het niets naar topsport. Wij lopen er tegenaan dat roeiers zich soms alleen nog maar op de sport richten”, zegt Hemminga.
Dan worden de prestatie en de persoonlijkheid één geheel, beschrijft Oldenburg. „Dat willen we niet. Je bent geen slecht mens als je een keer slecht hebt getraind.” Hemminga: „Het is belangrijk de sport te combineren met studie en een gezond leven.”
Geert Hemminga: „Neem de tijd zodra de handen over de knieën zijn. Dan kom je ook mooier op de foto.” Foto: Jaspar Moulijn
De gouden olympiër van Parijs en haar collega Hemminga zijn tegenwoordig als coaches in dienst van de overkoepelende Groninger studentenorganisatie ACLO. In de lente van 2010 begonnen ze toevallig op hetzelfde moment bij Gyas met roeien.
Dat ging voortreffelijk, met de lange Hemminga voorop. Hij trok voor de sport naar Amsterdam, stopte met zijn studie en haalde de Universiade. „Ik had een heel steile prestatiecurve. Het zat erg in mijn hoofd: ik ga straks naar de Spelen in Rio. Dat leek ook mogelijk. Totdat ik werd aangereden op een trainingskamp in Australië. Na die botbreuk stortte alles veel harder in elkaar dan ik had verwacht.”
Identiteitscrisis
In de bestuurskamer van de roeivereniging vertelt hij er lachend over. Nu wel. „Het heeft me gemaakt tot wie ik ben. Maar ik heb daar heel veel moeite mee gehad. Een identiteitscrisis. Ik werd altijd bestempeld en behandeld als een enorm talent. Terugkijkend waren de druk en verwachtingen extreem. Als ik geen toproeier meer was, wat dan wel?”
In die tijd keek Oldenburg enorm op tegen haar huidige collega. „Hij en zijn maatje Gerben Spoelstra waren zoveel beter dan alle anderen. Zij lieten de studie vallen, daar keken wij met jaloezie na. Nu gaat dat gelukkig anders. Wij hebben twee talentvolle tweedejaars die naar het WK onder 23 mogen. Super knap. Maar er moet wel gestudeerd worden. Ik heb vanochtend nog iemand anders uit die ploeg geappt: ga even naar school vandaag.”
De Gyas-roeisters van coach Geert Hemminga op het Noord-Willemskanaal. Foto: Jaspar Moulijn
Het gaat om meer dan alleen roeien in de boot, benadrukt Hemminga. „Ik wil meegeven dat ze het topsportbestaan moeten beleven. Ook de mensen die vanochtend in de vrouwenacht zaten en het olympische niveau misschien niet zullen halen. Ik gun iedereen zo’n periode topsport. Ik heb er zelf ontzettend veel van geleerd.”
Werken aan een gezamenlijk doel, communiceren onder druk, verantwoordelijkheid nemen, vult Oldenburg naadloos aan. „Weglopen of je kop in het zand steken kan niet in sport. Dat soort inzichten.” Met een lach: „Hebben ze nu echt nog niet door, maar daar hebben ze later veel aan.”