Tennissers Jarno Jans (25) uit Roden en Niels Visker (24) uit Groningen zijn nauwelijks te verslaan in dubbels. ‘Dit is wel de manier om prof te worden’
Niels Visker (links) en Jarno Jans na hun zege op het ITF-toernooi van Glasgow vorig jaar. Foto: ITF Glasgow
Ze wonnen dit jaar toernooi na toernooi, worden inmiddels gevreesd in het dubbelcircuit en dienden onlangs als sparringduo voor het Davis Cup-team: de tennissers Jarno Jans en Niels Visker zijn als noordelijk dubbelduo met een opmerkelijke opmars bezig. ‘We haken snel aan op een hoger niveau.’
Afgelopen zaterdag wonnen ze het 25.000 dollar toernooi van Glasgow. En dat was bepaald niet hun eerste toernooizege van dit jaar. Voor Visker (24) was het zijn zevende ITF-dubbeltitel in het profcircuit van 2025, voor Jans (25) zelfs zijn achtste. Drie daarvan (Sharm-El-Sheikh, Monastir en Bolzano) won hij met een andere partner. Visker won twee toernooien (Boekarest en Alkmaar) met een andere partner dan Jans.
Beiden gestegen naar top 300
Vijfmaal dus stonden ze samen met de winnaarsbokaal te pronken. Die toernooizeges gaven beide noorderlingen een flinke boost op de wereldranglijst, maar dat deden twee halve-finaleplekken in twee Challengertoernooien nog meer: op Kreta haalden Visker en Jans in oktober tweemaal achter elkaar de halve finales.
De berg punten die dat opleverde bracht Visker en Jans naar veruit hun beste positie ooit op de ATP-werelddubbelranglijst. Jans staat nu 297ste, Visker 309de.
‘We passen ons snel aan op een hoger niveau’
„Ik geloof wel dat sommige spelers het echt niet leuk vinden om momenteel tegen ons te spelen”, lacht Visker. „Het loopt lekker. We passen ons op een hoger niveau snel aan; ik denk dat dit wel de voornaamste reden is dat het zo goed gaat.”
„We zien tegenstanders vooral in die Challengers nu dingen doen die we goed oppikken, waar we van leren”, vult Jans aan. „Denk bijvoorbeeld aan een snelle return. Als je telkens je servicegame moet inleveren, dan doen onze tegenstanders dus iets goed. Bijvoorbeeld nog sneller die return slaan, eerder nemen, hoger nemen, dat soort zaken. Vaak kleine details, maar als je die goed oppikt, kun je er je voordeel mee doen.”
Jarno Jans in actie tijdens het NRT 1000 in Roden, dat hij onlangs wederom won. Foto: Claus Dijk
Sparringduo van het Davis Cupteam
De opmars van de Gronings-Drentse combi bleef niet onopgenerkt. Het Davis Cup-team dat in september in het Groningse Martiniplaza tegen Argentinië speelde, nodigde Jans en Visker uit om als sparringpartners te fungeren voor het Oranjeduo Sander Arends en Sem Verbeek.
„Achter gesloten deuren”, vertelt Visker, „hebben we toen met ze getraind. Ja, dat is natuurlijk eervol, maar we wisten dat we redelijk richting dat niveau gaan. We kennen die jongens natuurlijk ook van TC Suthwalda, dat scheelt.”
Verbeek, die dit jaar verrassend het gemengd dubbelspel won op Wimbledon, en Arends waren afgelopen seizoen, waarin Suthwalda wederom landskampioen werd bij de mannen, teamgenoten van Visker en Jans bij TC Suthwalda.
Kiezen voor het dubbelspel?
Waar gaat de opmars van de twee noorderlingen eindigen? Potentie voldoende, zo lijkt het, om bijvoorbeeld de weg in te slaan die Arends, Verbeek en eerder al Wesley Koolhof gingen: volledig focussen op het dubbelspel. Koolhof werd er nummer 1 van de wereld mee, Arends reikte dit jaar al tot plek 23 en Verbeek won Wimbledon en staat nu 38ste op de wereldranglijst.
Visker en Jans zijn zelf ook wel een beetje overdonderd door het succes. „Ik was eigenlijk vooral een beetje verrast dat we Glasgow wonnen”, zegt Visker. „Omdat we ervoor hadden gekozen om te wisselen van kant. Ik stond altijd links, Jarno rechts. Dat hebben we omgedraaid, omdat we op hardcourt speelden daar.”
Op die snelle baan verwachtte het noordelijke duo minder vaak de goede backhandpassing van Visker langs de lijn te kunnen benutten. „En Jarno kreeg zo meer kansen aan het net, op rechts. Dat heeft heel goed uitgepakt en geeft vertrouwen. Als je het eerste toernooi na zo’n wissel direct ook wint, is dat heel lekker.”
Niels Visker. Foto: Jaspar Moulijn
‘Die keus kan ik nog maken als ik 28 ben’
Toch wil Visker nog niet definitief voor het dubbelspel kiezen. „Dat kan altijd nog”, zegt de onlangs naar de stad Groningen verhuisde tennisser die opgroeide in Schildwolde. „Die keus kan ik ook nog maken als ik 28 ben. Voor nu is het enkelspel nog altijd het belangrijkste voor me. Ik heb een matig jaar gehad in het enkelspel, maar ik sta nu lekker te spelen en hoop dat ik nog een paar stappen kan maken. Maar het is natuurlijk wel een optie. Wij zien natuurlijk ook wat Wesley, Sander en Sem hebben bereikt.”
Jans heeft de keuze al wel bijna gemaakt, en dat is ook vanwege een hardnekkige elleboogblessure die hem langer dan een jaar aan de kant hield. „Ik sta nog vaak met pijn op de baan en dat is natuurlijk erger in het enkelspel, omdat je dan veel meer ballen slaat en ook vaak harder slaat. Dus ik neig langzamerhand wel naar het dubbelspel. Dat is wel een serieuze manier om tennisprof te blijven. Maar nu nog niet, ik ga eerst proberen mijn ranking in het enkelspel omhoog te halen.”
Voorlopig samen
Eigenlijk, zegt Jans, hoopt hij stiekem dat hij het in de komende maanden of heel goed, of heel slecht doet in de enkeltoernooien. „Dat maakt de keus makkelijker. In het eerste geval blijf ik voorlopig enkelen, in het andere geval stap ik eerder over. Maar voorlopig blijven we lekker samen dubbelen.”
Niels Visker slaat een backhandvolley in zijn halve finale in Haren tegen Alec Beckley vorig jaar. Foto: Claus Dijk
„Onze kracht”, zegt Visker, „is denk ik dat we het ook buiten de baan heel goed met elkaar kunnen vinden. We zijn echt vrienden geworden. En op de baan willen we alles geven. We kunnen heel goed een redelijk constant niveau halen tijdens een wedstrijd; vanaf het begin spelen we eigenlijk altijd met focus en veel energie. Veel spelers in het circuit doen het dubbelen erbij, maar wij willen altijd volle bak. We doen het 100 procent of niet.”