Snookeraar Matthias (links) stoot een bal weg. Bjarne (midden) en Casper (rechts) kijken toe. Foto: Geert Job Sevink
Van 1 tot en met 8 maart is het Spaanse Gandia het decor van het Europees kampioenschap snooker voor junioren. Daar komen drie 16-jarige Groningers in actie: Matthias Weening, Casper Benjamins en Bjarne Piekema.
In een kleine ruimte met een groen- en grijs getint geblokt tapijt staan vier snookertafels. Matthias, Casper en Bjarne trainen ieder aan hun eigen tafel. Op het laken liggen de rode ballen in een strakke T-vorm, met de roze bal precies in het midden. Her en der liggen nog andere gekleurde ballen. Geconcentreerd stoten de jongens telkens met de witte bal een rode of gekleurde bal weg.
Snookervereniging Groningen is ontstaan na de coronapandemie, toen de vereniging een pilot startte met introductiecursussen voor jeugd. Met succes: Weening, Benjamins en Piekema begonnen vier jaar geleden tegelijk en zijn sindsdien blijven snookeren. Inmiddels maken ze deel uit van een snelgroeiende jeugdgroep.
Weinig jeugd in het snooker
Deelname van de jongens is bijzonder, want jarenlang kende Nederland nauwelijks jeugdspelers op dit niveau. Na de coronaperiode was er zelfs nog maar één actieve snookerspeler onder de achttien jaar in Nederland. Dat gaat nu veranderen. Namens Nederland meten vijf jongens zich met de Europese top: drie van Snookervereniging Groningen en twee uit de provincie Utrecht. „Het is heel vet”, zegt Matthias. „Volgens mij zijn er sowieso nog nooit Groningers naar een EK gegaan”, vult Bjarne aan.
Volgens mij zijn er sowieso nog nooit Groningers naar een EK gegaan
Eigenlijk hadden de jongens nooit verwacht dat het zo zou lopen. „Om eerlijk te zijn realiseer ik me niet eens dat ik nu al naar een EK mag”, zegt Casper. Bjarne: „Meestal heb je een paar jaar nodig om dit niveau te bereiken.”
Bescheiden verwachtingen
De verwachtingen zijn daarom bescheiden. „Het is vooral kijken waar we staan”, zegt Matthias. Tegelijkertijd weten ze dat het niveau hoog ligt. „Het beste van het beste komt hier samen. Er zijn spelers die komen om te winnen. Dat zeggen wij niet”, aldus Bjarne.
„Ik schat mijn kansen zelf niet zo groen in”, lacht Matthias in zijn groene clubshirt, „maar het draait vooral om ervaring opdoen; kijken waar je staat en proberen het beste er uit te halen.” Casper en Bjarne snappen de woordspeling meteen en kunnen de grap waarderen.
Nationaal succes, internationaal leren
Matthias en Casper werden afgelopen seizoen respectievelijk tweede en derde op het Nederlands kampioenschap. „Het motiveert mij dat ik tweede van Nederland ben geworden”, zegt Matthias. Casper: „Derde van Nederland zegt iets, maar het betekent niet dat we meteen heel Europa aankunnen.”
Bjarne is de enige met internationale ervaring. Hij speelt, vanwege een visuele beperking, in een andere competitie dan Matthias en Casper. Ook hij weet dat het een zware opgave wordt om hoge ogen te gooien. „In elke poule zitten wel uitblinkende spelers, maar ik ga mijn best doen.”
Hoe werkt een classificatie met een visuele beperking?
Bij visuele beperkingen bij snooker wordt er gekeken naar twee factoren: gezichtsscherpte en gezichtsveld. Gezichtsscherpte gaat over het vermogen om details duidelijk te zien, gemeten via een standaard oogtest en het gezichtsveld gaat over het totale gebied dat iemand kan zien zonder de ogen te bewegen, inclusief het perifere zicht.
De regeling ziet er als volgt uit:
Het schema waarin spelers met een visuele beperking worden ingedeeld. Foto: KNBB
Je wordt ingedeeld in B1 als je slecht ziet en B5 als je wel redelijk goed ziet. Bjarne is ingedeeld in categorie B5. Dat betekent dat als hij speelt tegen iemand die ingedeeld is bij B1, dat zijn tegenstander met een voorsprong van 28 punten begint.
Wanneer is het EK geslaagd?
„Ik vind het heel gaaf dat ik Nederland mag vertegenwoordigen”, zegt Matthias. „Beter kon ik het eigenlijk niet wensen. Vier jaar geleden had ik niet gedacht dat ik hier nu al zou staan.” „Episch”, noemt Casper het. „De ontwikkeling is best snel gegaan.”
De jongens hebben vrij identieke doelen voor het EK. „Als ik een wedstrijd heb gespeeld, ben ik al tevreden. Ik leg de lat niet te hoog voor mezelf”, zegt Matthias. Casper: „Ik zie het als een mooie uitdaging en een leuke ervaring. Plezier staat voorop. Als ik met een lach aan de eettafel zit, vind ik het geslaagd.” Bjarne: „Als ik mezelf aan het eind van de dag heb verbaasd, al is het maar met één mooi shot, dan ben ik tevreden.”
Liever sterke tegenstanders
Hoewel nog niet alle deelnemers bekend zijn, heeft Casper al een opvallende tegenstander gespot. „De tienjarige Freddie Smith uit Wales. Hij is zes jaar jonger, maar speelt op een niveau waarop hij kans maakt om te winnen.” Mocht hij tegen Smith spelen, dan heeft Casper zijn tactiek al klaar. „Gewoon veilig spelen, of de bal in het midden van de tafel leggen, zodat hij er niet bij kan”, lacht hij. De andere twee lachen mee.
Snookeraars Matthias, Bjarne en Casper (vlnr) gaan naar het EK in Spanje. Foto: Geert Job Sevink
Bjarne en Matthias spelen liever tegen sterke tegenstanders. „Daar word je zelf beter van”, zegt Bjarne. Matthias: „Toch zou ik ook graag Benjamin uit Nederland willen verslaan. Hij won van mij op het NK, dus als ik die gast kan terugpakken op het EK, lijkt me dat ook wel vet.”
Dromen, maar eerst Gandia
Over een paar jaar hopen de jongens vaker internationaal actief te zijn. „De snookertour lijkt me wel wat”, zegt Matthias. Bjarne: „Ik hoop op een mooie ranking en veel internationale toernooien.” Casper blijft voorzichtig: „Ik hoop ooit een mooie trofee te winnen, maar ik doe liever geen voorspellingen. Dan valt het straks alleen maar tegen.”
Eerst is het EK aan de beurt. Daar kijken ze naar uit, al sluipt de spanning langzaam binnen. „Nu nog niet”, zeggen ze eensgezind, „maar dat komt vast nog wel.”