Jenning de Boo juichend over de streep na zijn 1000m van het olympisch kwalificatietoernooi. Foto: ANP/ROBIN VAN LONKHUIJSEN
Jenning de Boo had maar één doel in aanloop naar de Olympische Winterspelen in Milaan: zich plaatsen op twee afstanden. Dat doel heeft hij bereikt. Zaterdag pakte hij het startbewijs op de 500 meter en maandagavond reed hij ook de snelste tijd op de 1000 meter.
De zenuwen waren iets minder dan bij de 500 meter, maar prettig vond de toekomstig olympiër het nog steeds niet. Tijdens het OKT mocht De Boo op de 1000 meter als eerste van de vier favorieten van start gaan. „Het is eigenlijk best bizar. Ik heb misschien wel mijn meest perfecte 1000 meter ooit gereden. Ik ben superblij, want ik ga nu met een maximale score naar huis”, vertelt de winnaar van het olympisch kwalificatietoernooi op de 1000 meter.
In een uitverkocht Thialf, waar de spanning duidelijk voelbaar was, nam de Groninger het in de achtste rit op tegen Merijn Scheperkamp. Met een wereldtijd van 1.06,84 — de tweede snelste tijd ooit gereden in Thialf — kwam hij juichend met twee handen over de streep. „Dit is mijn beste 1000 meter ooit, dat durf ik wel te zeggen. Ik was goed bezig en heb geen extreme missers gemaakt. Natuurlijk laat je altijd ergens iets liggen, maar dit was nagenoeg perfect voor mij.”
De Boo moedigt teamgenoot Kjeld Nuis na het uitrijden aan. Foto: ANP/Robin van Lonkhuijsen
Na de megasnelle tijd van De Boo kwamen Kjeld Nuis, Joep Wennemars en Tim Prins nog in actie. Geen van de favorieten wist zijn tijd te verbeteren. Daardoor bemachtigde de winnaar van de 500 meter ook het eerste startbewijs voor de 1000 meter op de Olympische Winterspelen in Milaan.
Gevoel
Met een tijd van 1.06,84 gaat De Boo met veel motivatie naar de Olympische Spelen, waar hij het opnieuw opneemt tegen de pijlsnelle Amerikaan Jordan Stolz. „Je hebt nog altijd die vervelende Amerikaan”, zegt hij met een knipoog. „Maar ik denk dat ik met deze wedstrijd een stap in de goede richting heb gezet. Ik hoop dat de volgende stap nu voorbij hem is. Ik kom natuurlijk niet voor olympisch zilver, ik ga voor olympisch goud.”
De schaatser van Team Reggeborgh denkt niet dat zijn concurrent is geschrokken van de zojuist gereden tijd in Thialf. „Volgens mij schrikt hij niet snel. Ik hoop het, maar ik denk het niet. Ik ga nu lekker naar huis, daar even chillen en morgen vanaf de tribune mijn teamgenoten op de 1500 meter keihard aanmoedigen.”
Persoonlijk record
Op de 1500 meter bij de vrouwen kroonde Antoinette Rijpma-de Jong (1.53,027) zich tot de beste. Achter haar eindigden Femke Kok (1.53,038) en Marijke Groenewoud (1.53,050) als tweede en derde, waardoor wereldkampioene Joy Beune (1.53,220) verrassend naast het olympisch ticket greep.
Meike Veen schaatste naar een knappe zevende plaats in een tijd van 1.55,673. „Ik wilde het beste uit mezelf halen en technisch een goede rit rijden, want in de trainingen gaat het de laatste tijd technisch heel goed. Dat wilde ik nu graag terugzien en dat is gelukt”, zegt de schaatsster uit Westerlee.
Uiteindelijk leverde de spanning van het toernooi haar drie persoonlijke records op. Dat had Veen zelf niet verwacht, omdat de omstandigheden volgens haar niet ideaal waren. „Eigenlijk had ik net zo hard of zelfs harder willen rijden. Maar een pr blijft een pr, en ik rijd tijdens dit OKT drie persoonlijke records. Dus ik ben meer dan tevreden.”
Provinciegenoot Leonie Bats uit Froombosch reed een rit eerder en eindigde op de veertiende plaats in een tijd van 1.58,672. Ook zij verbeterde daarmee haar persoonlijke record.