Peter Oosterbaan tijdens zijn afscheidsinterview: ,,Het was een dilemma, maar ik dacht: ik doe het.'' Fotocollage: Marcel Jurian de Jong
Opvallend. Bij zijn afscheidsinterview krijgt Peter Oosterbaan (66) exact dezelfde vraag voorgelegd als 23 jaar geleden bij zijn aantreden als directeur van het TT Circuit. Komt de Formule 1 nog eens naar Assen? Verslikte hij zich destijds bijna in zijn koffie, nu is het antwoord helder, maar afgewogen.
Het is even wennen voor Peter Oosterbaan en dat is misschien wel een understatement. 23 jaar lang was de directeur van het TT Circuit bijna altijd als eerste op kantoor. Een man van structuur. De kapitein op het schip, maar de wekker hoeft niet meer te worden gezet. ,,Niet dat ik overal maar de lakens uitdeelde’’, zegt de pensionada erbij. ,,Maar ik hoop wel dat ik een punt van rust was op wie de mensen altijd terug konden vallen. Daar heb ik altijd veel waarde aan gehecht en dat lukt je niet als je altijd maar de hort op bent.’’
Het was een bijzondere baan die hij in 2002 aanvaardde toen toenmalig TT-voorzitter Jos Vaessen hem vroeg om rust in de tent te komen brengen. 42 jaar was de geboren en getogen Leeuwarder toen hij het boegbeeld werd van de wereldberoemde kathedraal van de snelheid in Assen. Nu is hij 65 en laat hij aan zijn opvolger Mark van Aalderen (42) een florerend circuit na dat er op deze zondag van de British Superbikes piekfijn bij ligt.
Het interview vindt op Oosterbaans verzoek plaats in de splinternieuwe technische hal aan de achterkant van de hoofdtribune, het kloppende hart van het TT Circuit. De afzwaaiend directeur zit er, uitgedost met een licht, nieuw jasje, speciaal aangeschaft voor zijn afscheidsreceptie, goed voorbereid te wachten met een kop koffie met melk in de aanslag.
Koninklijke onderscheiding
Tijdens zijn afscheid werd Peter Oosterbaan verrast met een koninklijke onderscheiding. Hij is benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Burgemeester Marco Out mocht het lintje uitreiken: „De heer Oosterbaan is een begrip binnen de motorsport. Nationaal én internationaal. Hij heeft het TT Circuit verder op de kaart gezet, de motorsport in Nederland een gezicht gegeven en daarmee de regio versterkt.”
Eerst maar eens terug naar het prille begin. Hoe werd u nou directeur van het TT-circuit?
,,Motoren hebben al van kinds af aan mijn hart. In de tijd dat ik regiodirecteur Noord van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen werd, leerde ik tijdens de sollicitatieprocedure TT-voorzitter Jos Vaessen kennen. Als landelijk CBR-directeur bezocht hij een keer of drie per jaar vanuit het hoofdkantoor in Rijswijk de regiokantoren. Op mijn kamer had ik zo’n kalender met zwart-witfoto’s van vintage races van over de hele wereld. 50cc’tjes, Gilera’s, dat soort dingen. Ik kom uit de tijd van Jan de Vries, de allereerste Nederlandse wereldkampioen. Jos zei: ‘Wat een mooie kalender heb je daar.‘ Ik denk dat toen al het lampje is gaan branden bij hem. Jos is een schaker. Hij wist dat toenmalig circuitdirecteur Wim Huiskes over een jaar of 3, 4 met pensioen zou gaan en ik denk dat hij toen al heeft gedacht: dat is een mooi alternatief voor Peter, want hij wist ook dat ik er niet voor in was om voor een volgende stap in mijn loopbaan naar het Westen te verhuizen.’’
Dat was geen optie?
,,Nee. Ik ben een echte noorderling. Regelmatig ga ik op bezoek bij mijn dochters in Utrecht, die daar overigens goed aarden, maar hier in het Noorden liggen mijn roots. Ik weet niet of ik in het Westen happy was geworden. Een hoop mensen hebben dat nooit begrepen. Het is misschien ten koste gegaan van een stukje carrière. Dat zij dan maar zo. Uiteindelijk heeft het toch in mijn voordeel uitgepakt, anders had ik nooit deze baan gekregen. Ik ben geboren en getogen in Leeuwarden, woon al 33 jaar in Assen en nog altijd denk ik als ik terugkeer van elders: hier hoor ik thuis.’’
Dan was het waarschijnlijk meteen ja toen Vaessen in 2002 met de vraag kwam of u directeur van het TT Circuit wilde worden?
,,Nou, ik heb me nog wel even achter de oren moeten krabben. Ik was wel vaste bezzoeker van de TT, maar wist van de binnenkant eigenlijk niets. Ik was blanco op het gebied van sportcommunicatie, sportmanagement. Bovendien was er nogal wat heibel hier. We draaiden na de ingrijpende renovatie rode cijfers. Het was een instapmoment waarvan je dacht, nou... Ik ben een deler, vraag graag advies bij mensen van wie ik een hoge pet op heb. Die adviezen waren wisselend. Er waren die zeiden, als je volgend jaar op straat wilt staan, moet je dat maar doen. Aan de andere kant dacht ik: als ik nu niet instap, komt die trein misschien nooit meer voorbij. Het is toch een uniek bedrijf. Het was een dilemma, maar het laatste argument bleef hangen. Ik dacht, ik doe het.’’
Nu zijn we bijna een kwart eeuw verder. Is het onderweg nooit gaan kriebelen?
,,Na mijn 50ste heb ik wel een moment van bezinning gehad. Ga ik dit afmaken of wil ik toch nog een sprong wagen? Ik zat wel eens te denken aan het openbaar bestuur of aan mezelf inkopen in een commercieel bedrijf. Een internationale loopbaan heb ik nooit geambieerd. Dat moet het thuisfront ook maar willen. Je leeft vanuit je koffer, bent nooit meer thuis. Uiteindelijk ben ik nooit aan het netwerken of solliciteren geweest. Als ik werd benaderd, sloeg ik het af. Het TT Circuit is een organisatie die nooit verveelt. Het is buitengewoon complex. Heel anders dan een doorsnee bedrijf. Je hebt met je team te maken, met Dorna als internationale organisator, de huurders van het circuit, 1500 vrijwilligers, politiek, pers. Een ingewikkeld uurwerk met tandwielen die allemaal in elkaar moeten draaien. Het uurwerk moet op tijd lopen. Je zit als organisatie in een glazen kast en iedereen heeft een mening. Er werden bovendien veel beslissingen genomen waarvan ik de follow up graag wilde meemaken. Ik wilde continuïteit aanbrengen in het geheel. Die kans is mij gegeven. Ik ben er heel zorgvuldig mee omgegaan en heb het altijd als een voorrecht beschouwd dat ik hier mocht werken. Voor mijn gevoel heb ik alles eruit gehaald wat erin zit.’’
In 23 jaar is er natuurlijk ontzettend veel gebeurd. Wat springt er voor u echt uit?
,,Dat is dit jubileumjaar. In het kader van 100 jaar TT hebben we dingen kunnen doen die once in a lifetime waren. Neem de film die we hebben gemaakt. Daar ben ik zo trots op. Maar ook het boek. De munt. De persconferentie in Rolde waar we het startsein gaven. Ik heb ongelooflijk mazzel gehad dat mijn laatste jaar samenviel met het jubileum. Alsof het zo bedacht was. Ik was er geen jaar langer voor gebleven, maar ik had het ook niet willen missen.’’
Was het een teleurstelling dat de TT niet de koninklijke status heeft gekregen? Daar werd immers op ingezet.
,,Het is aangevraagd, maar het was een beslissing die buiten onze macht lag. We hadden het heel graag gezien. We hebben ons daarbij neergelegd. Dat was niet moeilijk, omdat we verder ontzettend veel positieve reuring hebben gehad. Je kunt niet alles binnenhalen wat je voor ogen hebt. De koning was er en daar waren we erg blij mee. Wie weet, is het iets voor de toekomst.’’
Peter Oosterbaan: ,,De koning was er. Daar waren we heel erg blij mee.'' Foto: Marcel Jurian de Jong
Zijn er zaken die u betreurt na 23 jaar directeurschap, dingen die niet van de grond zijn gekomen?
,,Wat ik jammer vind is dat het Factory Outlet Centrum dat bij het TT Circuit moest verrijzen niet is doorgegaan. Ik heb het nooit begrepen. De beslissing daarover lag helaas ook buiten ons krachtenveld. Het gaf destijds een brede, maatschappelijk-politieke discussie. Ik denk dat het uiteindelijk niet is doorgegaan vanwege de bescherming van ondernemers in de binnenstad, maar dat is korte-termijndenken. Het had in mijn ogen een enorme bijdrage kunnen leveren aan het toeristisch product Drenthe. Het was een heel mooi, afwisselend element geweest in het mandje van dierentuin, hunebedden, hei, de TT, de Bonte Wever, de fietsprovincie, noem maar op. Collectief was je spekkoper geweest. Niet alleen Assen, maar Drenthe in zijn totaliteit en zelfs het hele Noorden van het land. En dan was het uiteindelijk ook ten goede gekomen van mensen die zorg hadden om hun eigen nering. Daar ben ik van overtuigd. Hetzelfde geldt overigens voor het grote bioscoopcomplex voor Drenthe, Groningen en Friesland dat de firma Libéma wilde vestigen in de Expo-hal. Er lag een uitgewerkt businessplan aan ten grondslag. Maar goed, dat alles was uiteindelijk niet aan ons, maar aan de politiek. Alleen mag ik het wel jammer vinden.’’
Vindt u het ook jammer dat u de Formule 1 niet naar Assen heeft kunnen halen?
,,Dezelfde vraag die je 23 jaar geleden stelde. Ik weet het nog precies. Ik had toen geen idee. Het was ook een beetje gemene vraag aan een nieuwe directeur en ik wilde er geen kletsverhaal omheen hangen, dus verwees ik naar het bestuur. Het onderwerp leefde toen maatschappelijk niet. Inmiddels is er heel veel over gediscussieerd. Kijk, organisatorisch, logistiek, qua catering en management kan het gewoon. Maar het gaat niet zozeer om de accommodatie. Het gaat om de businesscase. Het antwoord daarop is heel eenvoudig. Dit bedrijf kan het zich niet permitteren om een evenement van 30 miljoen euro op poten te krijgen. Zandvoort had een netwerk waarmee het buiten het circuit om lukte om dat wel voor elkaar te krijgen. Daar gaat de discussie over. Het zou hier ook kunnen, maar dan moet er dus een partij zijn die de businesscase op orde krijgt en het circuit wil huren. Daarvoor zou je een consortium van zakenlieden moeten formeren die het aankan en aandurft. En dan hebben we het nog niet over de veranderende wereldorde en de concurrentie die Europese circuits wacht uit andere delen van de wereld.’’
Wat zou u uw opvolger Mark van Aalderen, die ooit als stagiair binnenkwam bij het TT Circuit, mee willen geven?
,,Hou alle ontwikkelingen om je heen heel goed in de gaten, zodat het bedrijf daarmee in de pas blijft lopen. Zorg dat het uurwerkje goed blijft lopen en dat de harmonie en het onderlinge respect op de werkvloer in stand blijft. We hebben heel korte lijnen en een enorme vertrouwensbasis in ons kleine team. We kunnen snel schakelen. Dat is een heel groot goed. Voor de rest heeft Mark een heel aantal uitdagingen. De fees worden hoger, waardoor de tickets steeds duurder worden. Dat is een gegeven. Nederland vergrijst. Dat ga je in je klantenkring en in je vrijwilligerskorps merken. En je moet blijven aanhaken op de ontwikkelingen in duurzaamheid. Dat moet je niet te vroeg doen, maar ook niet te laat.’’
Er liggen nu zeeën van tijd voor u. Wat gaat u doen?
,,In de eerste plaats gaan we na 33 jaar Assen terug naar Leeuwarden. Daar hebben we lang over nagedacht. In feite ben ik een Drent geworden. Maar we ruimen het spulletje op en gaan het draadje doorknippen. Mijn stelling is: als je iets niet loslaat, kan je ook niets oppakken. We hebben al een huis gekocht in onze geboortestad. Een bewuste keus, ook al heb ik in Assen heel veel liggen qua sociale contacten, herinneringen, netwerk. Maar het is behapbaar vanuit Leeuwarden om het allemaal gewoon aan te houden. Over en weer kunnen mensen bij mij te gast zijn in mijn nieuwe huis, maar ik kan ook heel makkelijk op en neer naar Assen om hier een gezellige avond door te brengen. En ondertussen hebben wij the best of both worlds. Verder gaan we wat reizen maken. We gaan onze dochter opzoeken in Singapore. Zij is op wereldreis. Daarna gaan we nog door naar Indonesië. In het voorjaar gaan Janet en ik een rondreis maken door Frankrijk. Wij kennen dat land vreemd genoeg niet zo goed. We zijn er maar twee keer op vakantie geweest. Een keer in Parijs en een keer in Normandië. We hebben wat in te halen. Janet heeft er speciaal 3 maanden voor vrij gepland. We gaan het op ons dooie gemakje verkennen, waarschijnlijk helemaal rond. We hebben geen haast, keren Frankrijk helemaal binnenstebuiten.’’
Carrière: begonnen als manager bij KPN. Tot 2002 regiodirecteur bij het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen Regio. Vanaf 2003 directeur van het TT Circuit
Privé: getrouwd met Janet Pasma, woonplaats Assen (sinds 1992). Twee dochters, Simone van 30 en Anna van 33