Cuby op de gevel van het Drents Museum. FOTO ARCHIEF DVHN
In het Drents Museum opent zaterdag de expositie Window of my Eyes – 75 jaar Harry ‘Cuby' Muskee. Donderdag mochten we al even rondkijken in de Abdijkerk, waar de laatste hand wordt gelegd aan de tentoonstelling.
De Abdijkerk van het Drents Museum is veranderd in een bluestempel. Niet blauw is de overheersende kleur, maar zwart. ,,Het is de bedoeling dat je de expositie verlaat met het Drentse bluesgevoel'', had gastconservator Albert Haar ons voorafgaand aan de voorbezichtiging gezegd. Dat lukt goed, is de conclusie na een uur ronddwalen, kijken, luisteren en blues proeven.
Meteen bij binnenkomst lopen we tegen een vitrine aan met daarin, keurig naast elkaar gerangschikt, laarzen, schoenen, hoed, cap, zonnebril, mondharmonica's en microfoons. Dit is Harry Muskee (1941-2011). Maar dan zonder de man zelf. Het is een mooie, doeltreffende start. Want in wat volgt, verrijst de Drentse blueslegende in volle glorie. We zien aan de zwarte wanden heel veel foto's uit alle perioden van zijn leven, alle platen, cd's en singles, en veel concertaffiches.
Her en der liggen ook wat persoonlijke spulletjes. Zo is er in de eerste ruimte een vitrine met Muskees mulo-diploma, dat hij kreeg uitgereikt op 15 juli 1963. Toen was hij net 22 geworden. De begeleidende cijferlijst kan gezien het aantal onvoldoendes – een 1 voor bedrijfsrekenen, een 5 voor handelskennis en alleen maar onvoldoendes voor de middenstandsvakken – bijna niet van dit examen afkomstig zijn.
Erg commercieel aangelegd was Muskee dus toen ook al niet, kun je in elk geval concluderen. Maar met een 9 voor aardrijkskunde en een 8 voor geschiedenis was het niet alleen maar kommer en kwel. Het is een goede vondst om de foto's en objecten vergezeld te laten gaan van teksten uit interviews met Muskee en enkele uitspraken van anderen (in het Engels en het Nederlands). Daardoor zit je meteen midden in zijn leven.
Dat leven doorlopen we in min of meer chronologische volgorde in de Abdijkerk. Met herinneringen aan zijn moeder, zijn jeugd en zijn eerste optredens met een dixielandband (,,We speelden altijd voor een soort van VVD-feestjes''). En met een geweldig -filmpje uit de tijd dat Muskee in Grolloo bivakkeerde en zijn boerderijtje als oefenruimte van Cuby and the Blizzards fungeerde.
Het filmpje levert een prachtig tijdsbeeld in zwartwit, waarin het oude Drentse dorpsleven op de nieuwe tijd stuit, met de voorspelbare tegengestelde reacties. Waar de jonge inwoners van Grolloo Muskee en de zijnen welwillend begroeten, moeten de ouderen niks van hem hebben. ,,Dat lange haar en zo… dat mogen wij niet graag'', zegt een dorpsgenoot. Of: ,,Die kleding lijkt nergens op'', en: ,,Ik vind niet dat dit thuishoort op het platteland.'' Maar ook: ,,De jeugd wil 't nou eenmaal zo.''
Natuurlijk ontbreek het beroemde Perkaan-filmpje niet, waarin die tegenstelling in nog wat aangescherpte vorm naar voren komt met een striptease-act in het café, tussen de dorpsbewoners van Wezup. Bijzonder zijn de beelden die filmmaker Willem van der Linde maakte tijdens de tweede Amerika-reis van Muskee in 1999. Die beelden zijn nog niet eerder vertoond.
Ze zijn te zien op een lange bank in de centrale ruimte van de tentoonstelling, die wordt gedomineerd door een podium met originele instrumenten. Alsof Muskee zo met zijn band kan aantreden. Overal in de expositie heeft vormgever Aat Doek uit Assen, een persoonlijke vriend van Muskee, op subtiele wijze dat dubbele gevoel gecreëerd: Harry Muskee is er niet meer maar tegelijk toch wel. Hij is met deze expositie misschien wel definitief een Drents icoon geworden.
Albert Haar formuleerde het voorafgaand aan de bezichtiging zo: ,,Harry Muskee behoort net zo goed tot het Drentse erfgoed als de archeologische vondsten uit het verre verleden. De gitaar van Eelco Gelling is net zo belangrijk als het hunebed van Drouwen.'' En daarom is het Drents Museum ook een uitstekende plek voor een tentoonstelling als deze.