Columnist Maaike Borst Foto: Marcel Jurian de Jong
Omdat bijna niemand weet hoe de inductiekookplaat werkt, ben ik verantwoordelijk voor het opwarmen van de soep. In de ene pan zit de ouderwetse groentevariant met balletjes, in de andere iets pittigs vegetarisch met linzen. Het is altijd fijn om op een feestje iets te doen te hebben.
De meeste gasten zijn buiten, binnen zit een klein gezelschap met de benen omhoog aan tafel. „Ze hebben het over de sterren”, fluistert een hongerige vrouw die wacht tot de soep heet genoeg is. „Nu al?”, zeg ik.
Heelal-gesprekken associeer ik met diep in de nacht. Als na veel drank de nietigheid van de mens ter tafel komt en de geesten zo overmoedig zijn dat ze vat denken te krijgen op de hogere natuurkunde. Maar het is nog vroeg in de avond, volop licht, geen ster te zien.
De gastvrouw, goeie vriendin, is 50 geworden en wordt getrakteerd op een roze gespoten rollator en incontinentieluiers. Het bier ligt in een wasmand met een klomp ijs ertussen, in de tuin staat een heater, onder de partytent-voor-noodgevallen zit niemand.
Mensen houden van simpel
Het gesprek over de sterren heeft een nuchtere oorsprong; aan tafel zit een inmiddels gepensioneerde instrumentenbouwer van een ruimteonderzoeksinstituut. Hij vertelt over zijn werk, en over zijn bewondering voor een onlangs overleden collega. „Over hem zouden jullie eens een stukje moeten schrijven”, zegt hij tegen mij, journalist.
Ik google de man en lees een indrukwekkend cv. Over telescopen en ontvangers, European Space Agency, Groningen, Hawaiï, Chili, internationale prijzen. Ja, denk ik, over hem zouden we best eens een stukje kunnen schrijven. Wel jammer dat zijn werk zo complex klinkt; dat zou de lezer weleens kunnen afschrikken.
Mensen houden van simpel. Kijk maar hoe het hier gaat met die inductiekookplaat. Ze willen het liefst gewoon gas, vuur en actie. Geen ingewikkeld gedoe met verstopte touchscreenknopjes en onzichtbare warmte.
De onvoorstelbare grootsheid
Hoe dan ook, de soep raakt er wel van aan de kook. Ik neem een kopje van de groente met ballen, wat broodjes en loop de tuin in. Daar moet de heater al snel plaats maken voor een houtgestookt vuurtje en zo knetteren we, simpele zielen, ouderwets de nacht in.
Dit keer draait het gesprek niet uit op de nietigheid van de mens en de onvoorstelbare grootsheid van het heelal. Het gaat over religie en gemeenschap. Over de vraag of er wel verbinding tussen mensen kan bestaan zonder daarbij onherroepelijk anderen uit te sluiten. Onze overmoedige geesten komen er niet uit. Hoe doe je dat toch, een beetje eerlijk en rechtvaardig samenleven?
De ontdekker van inductie, Michael Faraday, weigerde het ridderschap dat koningin Victoria hem aanbood. Hij was een bescheiden man, die gewoon ‘meneer Faraday’ wilde blijven. Hij stierf arm, omdat hij van zijn geloof al zijn verdiende geld moest weggeven. Aan de behoeftige leden van zijn eigen kerk, welteverstaan.