Veendam, AZC COA Veendam in een voormalig autdealerpand aan de Lloydsweg. Corné Sparidaens
Eind maart beslist de raad van Veendam over de omgevingsvergunning, of de noodopvang voor asielzoekers langer openblijft. Sinds april vorig jaar verblijven zo’n honderd asielzoekers in een voormalige showroom/autogarage op een bedrijventerrein in Veendam. Hoe is dat? ,,Sober, met heel weinig privacy en veel onzekerheid.’’
Het sneeuwt. Buiten liggen kinderfietsjes. In een container heeft een bewoner, die liever anoniem blijft, een fietsenwerkplaats ingericht. ,,Dit noem je koud’’, lacht hij. ,,Ik heb op plekken gewoond waar het echt winter is met wekenlang strenge vorst.’’
Hij en zijn gezin horen tot de bewoners van het eerste uur van de opvang in Veendam. Zeker tien maanden verblijven ze in het opvangcentrum, waar het overdag vrij rustig is.
Kinderen gaan naar school, ook die van hem. Zijn vrouw heeft haar eigen bezigheden. Om wat te doen, doet hij klusjes en knapt fietsen op. ,,Ik ben blij dat ik wat omhanden heb. Je moet bezig zijn, anders ga je te veel denken.’’
Kinderen maken fleurige schilderijen voor aan de muur. Corné Sparidaens
De noodopvang is ’sober maar doelmatig’ ingericht en staat aan de Lloydsweg. Het is een drukke doorgaande weg op een industrie- en bedrijventerrein in Veendam. Grote bedrijfsgebouwen met veel glas bepalen het beeld . Er is veel autoverkeer. Niet echt een plek waar je een ’gemeenschap’ van honderd mensen verwacht, vooral gezinnen met jonge kinderen.
De noodopvang in de oude garage. Corné Sparidaens
Kamers zonder daglicht
Toch wonen ze er, in het gebouw waar tot 2022 autohandelaar Wensink auto’s verkocht. Binnen vind je her en der nog zwarte bandensporen op vloeren. Op sommige plekken hangen posters van bedrijfswagens. Het terrein is omheind. Hekken moeten onverlaten weren. En ze moeten voorkomen dat kinderen de drukke weg opgaan of in het water komen. Het A.G. Wildervanckkanaal loopt achter de Lloydsweg langs.
Mensen wonen verspreid over 30 kamertjes zonder direct daglicht. Corné Sparidaens
Mensen huizen verspreid over dertig kamers van elk 25 vierkante meter. Onderkomens met een standaard inrichting: vier bedden, vier stoelen en vier kluisjes. ,,Het zijn ingebouwde kamers zonder direct daglicht, vaak niet eens met een plafond en met muurtjes van gipsplaten’’, zegt locatiemanager Gerwin Jobing. ,,Het is heel gehorig.’’
Jobing gaat al wat jaren mee en was eerder locatiemanager van het asielzoekerscentrum (azc) Musselkanaal en het azc in Delfzijl. ,,Mensen die niet beter weten, denken misschien dat het voor asielzoekers een pretje is. Ze hebben toch een dak boven het hoofd? Het is tijdelijke opvang, noodopvang, met weinig privacy. Je moet de hele dag rekening houden met een ander. Mensen zitten op elkaars lip en leven in onzekerheid en vragen zich af: hoe ziet de toekomst eruit? Toen ik vorig jaar voor het eerst binnenstapte, dacht ik: Whoo, wat moet dit worden.’’
De entree in de voormalige showroom is groot, ruim en licht. De voorzijde van het voormalige bedrijfspand is één en al glas. ,,Leuk in de winter, maar in de zomer wordt het bloedheet.’’
Kinderen spelen op de trap. Corné Sparidaens
‘We proberen er het beste van te maken’
De opvang heeft een eenvoudige inrichting. Bij de ingang huist 24/7 de beveiliging. Muren zijn versierd met manshoge tekeningen en schilderijen die door kinderen zijn gemaakt. Schilderijtjes met vlaggen van allerhande landen zoals Somalië, Jemen, Eritrea, Colombia en Nigeria. De meeste bewoners komen uit Syrië, Turkije en Irak en hebben een Koerdische achtergrond.
Een muur hangt vol met schilderijtjes met vlaggen van allerhande landen. Corné Sparidaens
Kleine kinderen spelen op de trap. Een aantal mensen maakt schoon. Jobing: ,,Er is veel zelfredzaamheid en we werken met een club enthousiaste vrijwilligers. We proberen er het beste van te maken.’’
Er zijn lokalen waar muziekinstrumenten en dozen met kinderboeken staan die ook door volwassenen worden gebruikt om Nederlands te leren. De bovenste etage waar eens luxe wagens zij aan zij stonden, is ingericht als recreatieruimte. Een plek die jongeren, kinderen en volwassenen moeten delen.
Uit een openstaande deur dringen etensgeuren naar buiten. Het ruikt lekker. In de grote gezamenlijke keuken kookt een jongen pasta. Ook een moeder en twee dochtertjes bereiden een warme maaltijd.
,,Dat mensen hier zelf hun eten kunnen bereiden is heel belangrijk. Het is meer dan koken, het is een sociaal gebeuren’’, vertelt Alet Bouwmeester. Ze is woordvoerder voor het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) dat de opvanglocatie beheert. ,,We waren blij met het aanbod vorig jaar van de gemeente Veendam om voor noodopvang te zorgen.’’
Omdat er nog steeds een groot tekort is aan asielplekken, vroeg het COA de gemeente of de opvang anderhalf jaar langer mag blijven. Burgemeester en wethouders willen wel meewerken voor een nieuwe periode van noodopvang. Er zijn weinig klachten uit de buurt en noodopvang is nog steeds dringend nodig. De inzet om Ter Apel bij te staan is er.
De verlenging is nog niet helemaal rond. Het woord is nog aan de gemeenteraad. Die beslist 31 maart over de omgevingsvergunning.