Helen Kämink, directeur van het Museum van de Streek, en Jolanda Robben van Biblionet Groningen, in het nieuwe onderkomen in Stadskanaal. Foto: DVHN
Het Museum van de Streek in Stadskanaal staat letterlijk in de bibliotheek. Je loopt van een boekenkast zo een expositie in. „Hier kunnen we mensen ongemerkt laten zien wat we te vertellen hebben.'’
Dat zegt museumdirecteur Helen Kämink (53). „We willen dat bezoekers vanzelf in een verhaal stappen, zonder dat ze erover na hoeven te denken. Zo wordt hun nieuwsgierigheid vanzelf geprikkeld.”
Maar wat is het nu precies? Een bibliotheek met een museum erin, of een museum dat ook boeken uitleent? „Geen van beide”, zegt Kämink. „Het één gaat vloeiend over in het ander. Het verleden, heden en de toekomst van de kanaalstreek staan centraal.”
Met de stem van Bert Hadders
Je pakt een boek uit de kast, draait je om en staat oog in oog met een vitrine vol streekgeschiedenis. Een paar stappen verder speelt een filmpje of klinkt een stem uit een audioscherm. Muzikant en theatermaker Bert Hadders uit Groningen, die veenkoloniale wortels heeft, schreef en sprak zeven verhalen in.
Je loopt van een boekenkast zo de expositie in. Foto: DVHN
Twee instellingen die jarenlang naast elkaar bestonden, hebben nu de handen ineengeslagen. Het pand van Biblionet aan de Continentenlaan is sinds kort de gezamenlijke locatie van Bibliotheek Stadskanaal en het Museum van de Streek, de nieuwe naam van het vroegere Streekhistorisch Centrum in Huize ter Marse.
Dat oude pand voldeed niet meer aan de eisen van deze tijd: te klein, slecht toegankelijk en zonder ruimte voor onderwijs, digitale presentaties en grotere exposities. „We kunnen nu veel meer scholen ontvangen”, zegt Kämink. „ In het oude pand was het gewoon te krap. Nu hebben we een gezamenlijke jeugdafdeling en een zaal voor lezingen en exposities.”
Ik loop hier nu met zo’n smile rond
Daarnaast wilde het museum laagdrempeliger en zichtbaarder worden. De verhuizing naar de bibliotheek bood precies dat: meer ruimte, betere voorzieningen en een natuurlijke stroom bezoekers die bijna vanzelf het museum binnenlopen.
„De verhuizing was een enorme operatie, maar het heeft geweldig uitgepakt. Ik loop hier nu met zo’n smile rond”, aldus Kämink.
Het resultaat is een open, lichte plek waar lezen, leren, ontdekken en herinneren in elkaar overlopen, zoals Jolanda Robben (43) van Biblionet het omschrijft. „Het is er allemaal: boeken, beeldschermen, foto’s, audiomateriaal en nieuwe digitale snufjes.”
Een oude winkel, foto’s, digitale schermen en audiopunten staan niet weggestopt in een aparte museumvleugel, maar vormen een route die zich tussen de boekenkasten door slingert. Bezoekers kijken soms verrast om zich heen. Robben: „Ze komen voor een boek en belanden ineens in een verhaal van honderd jaar geleden. Dat moment van verwondering is precies wat we willen bereiken. Het is zo ingericht dat je misschien iets oppikt dat je niet zocht.’’
De Braaiwichter
Bij binnenkomst lopen bezoekers zonder loket of entreebalie te passeren, direct de tentoonstelling in. Die ligt grotendeels vast, maar wordt geregeld aangevuld met tijdelijke exposities.
Zoals Knoal in Wol, een maquette van Stadskanaal die volledig uit wol is gemaakt. Huizen, straten, bruggen, zelfs stukjes groen: alles is gebreid door inwoners van de gemeente, een vaste groep vrouwen die zichzelf De Braaiwichter noemt. Twee jaar lang werkten ze eraan, thuis en in de bibliotheek, onder begeleiding van kunstenaar Constance Willems.
Volgende week officiële opening
Het publiek kan al enige tijd terecht in het nieuwe onderkomen. De officiële opening is volgende week vrijdag met een minisymposium. Dan wordt ook de nieuwe naam van het gezamenlijke onderkomen bekendgemaakt. Eerst is er komende maandag om 10.00 uur een presentatie van Stads(kanaal)dichteres Harma de Roo.