De officier van justitie eist donderdag in de rechtbank in Groningen 4 jaar cel tegen een man die wordt verdacht van een verkrachting en een poging tot verkrachting in Groningen, afgelopen augustus. De man ontkent.
Foto: Shutterstock
Twee keer vergreep een 34-jarige man zich in Groningen in augustus volgens justitie aan jonge vrouwen die na een nacht stappen op weg waren naar huis. De verdachte ontkent. ‘Ze zei tegen mij: je bent mooi’.
Op 14 augustus vorig jaar was een vrouw na een nacht stappen om 5 uur ‘s ochtends op weg naar huis. Er liep een jongen met haar mee, waar ze zich niet comfortabel bij voelde. Ter hoogte van het UMCG zag ze de verdachte, die ze om hulp vroeg. Hij liep vervolgens met haar mee naar huis.
Over wat er daarna gebeurde, lopen de lezingen van de vrouw en de verdachte uiteen. Het slachtoffer zei dat de verdachte haar verhinderde de deur dicht te doen. Hij duwde haar tegen de trap en werd handtastelijk. Ook begon hij zijn broek omlaag te doen.
De vrouw begon te schreeuwen en trapte de verdachte in zijn kruis. Ze wist hem uiteindelijk naar buiten te duwen.
Elkaar verkeerd begrepen
De verdachte, die uit Gaza komt en 3 jaar in ons land woont, zegt dat sprake is van miscommunicatie. „We hebben elkaar verkeerd begrepen. Ik wilde haar alleen maar helpen. Ze praatte tegen mij, ze zei: wat ben je mooi. Maar toen ze me knuffelde heb ik haar niet terug gekust.”
„Maar u erkent dat ze begon te schreeuwen en heeft geschopt? Hoe kan dat dan”, vraagt de rechter.
De verdachte, die die avond 18 blikjes bier had gedronken, heeft er geen verklaring voor. Evenmin voor de vondst van zijn dna op de hals van het slachtoffer.
Op 22 augustus zou de man zich opnieuw hebben vergrepen aan een vrouw. Het ging om een meisje uit Assen dat rond een uur ‘s nachts op weg was naar het station. Ze had veel gedronken en liep moeizaam. De verdachte nam haar mee naar een kraakpand in het centrum, waar hij wel eens overnachtte. Daar zou hij hebben geprobeerd haar te verkrachten op een matras.
Dna op borsten van slachtoffer
„Heeft u haar jurk uitgedaan? En haar gekust?” wil de rechter weten. „Ik heb maar één kusje gegeven”, zegt de man. Hij weet niet goed hoe het kan dat zijn dna op de borsten van de vrouw werd aangetroffen.
De officier van justitie vindt dat de verklaring van de man bij de politie veelzeggend is. „In zijn eigen woorden zei hij: het was uit lustgevoel. Het is net als met eten, als je zin hebt, ga je op zoek. Hij zette zichzelf neer als de held die dames helpt. Niets is minder waar, hij was alleen bezig met zijn eigen lustgevoelens.”
Ze zegt voorts dat de verdachte in de verhoren bij de politie vaak iets anders zei dan op de zitting. „Bij elke confrontatie past hij zijn verklaring aan.” De eis: 4 jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor verkrachting en poging tot verkrachting. Ook wil ze een contact- en locatieverbod voor een van de slachtoffers.
De advocaat van de verdachte vraagt zich af of de politieverhoren geschikt zijn als bewijs. „Hoe zit het met zijn verstandelijke vermogens? En hij spreekt geen Nederlands en Engels. Bij hem werd aangenomen dat hij alles begreep, maar het ging niet goed met de tolk. Kent hij het woord aangerand wel? Bestaat dat wel in het Arabisch?”
„Cliënt is een buitengewoon behulpzame man, die altijd helpt volgens verklaringen”, aldus de raadsvrouw. Ze vermoedt dat de taalkloof er mede aan bijdroeg dat de beide slachtoffers zich geïntimideerd voelden door hem.
En, zegt ze, is de verklaring van het tweede slachtoffer wel betrouwbaar, gezien haar staat die nacht?