Een ingekleurde foto van Betty Simmeren, op het Hereplein in Groningen. Beeld: Auschwitz Memorial/Palette
Wie was Betty Simmeren? We zoeken naar het verhaal achter de foto van een Joods meisje uit Groningen, dat vermoord werd in Auschwitz. Beetje bij beetje leren we Betty kennen. Al weten we altijd te weinig.
Een foto van een glimlachend meisje in een zomerjurk. Zo begint onze zoektocht naar het verhaal van het Joodse meisje Betty Simmeren uit Groningen. De tweet van Auschwitz Memorial, het Twitter-account dat de slachtoffers van het vernietigingskamp elke dag weer een gezicht geeft, is van 6 oktober. Betty’s verjaardag.
Betty wordt op 19 oktober 1942 vergast in Auschwitz. Ze is dan net 15 jaar oud. Haar laatste verjaardag brengt ze amper twee weken daarvoor door in kamp Westerbork. Maar dat zijn de kille feiten. Wie was Betty? Waar woonde ze? En waar is de foto gemaakt? We roepen de hulp in van lezers van deze krant. Tientallen reacties stromen binnen.
Stolpersteine
Dit verhaal werd eerder gepubliceerd in oktober 2022. Omdat er onlangs stolpersteine zijn gelegd bij het voormalige huis van Betty aan de Herestraat 86a in Groningen, plaatsen we dit artikel nu opnieuw. Op 16 oktober is er vanaf 19.00 uur een bijeenkomst in de synagoge aan de Folkingestraat om de familie Simmeren te herdenken.
Waar stond Betty?
Eerst de locatie van de foto. Daarover worden we voornamelijk getipt. De meeste mensen zoeken het antwoord op of rond de Groninger singels. Zo denken sommigen de villa van Van Panhuys, aan het Hereplein, in het gebouw op de foto te herkennen.
En inderdaad, op het eerste oog zijn de gelijkenissen met de foto van Betty treffend. Maar, zoals een tipgever bij nader inzien opmerkt: ,,Bij het vergelijken van de gevels blijken er teveel verschillen in stucwerk en het naar voren stekende deel van de gevel te zijn.”
Toch hebben we het gevoel dat we dichtbij zijn. Wat blijkt? Het Hereplein is inderdaad de plek waar we moeten zoeken. Op de plek waar nu de ING Bank huist, nog geen 50 meter van de villa van Van Panhuys, stond de stadsvilla waar Betty en haar hondje voor poseerden.
In april 1945, tijdens de bevrijding van Groningen, wordt er hevig gevochten op het Hereplein tussen de Canadezen en de Duitsers. Verschillende panden aan de noordoostelijke kant van het plein worden verwoest, waaronder het huis dat we zoeken.
Een ansichtkaart van het Hereplein uit 1938. Links achter het Jozef Israëlsmonument staat de stadsvilla waar Betty voor poseerde. Beeld: Groninger Archieven
De in april 1945 verwoeste panden aan het Hereplein in Groningen, waaronder de stadsvilla waar Betty enkele jaren eerder voor poseerde. Foto: P. Kramer, Groninger Archieven
Dat ziet ook Janneke Kip, die een zwart-witfoto opduikelt waaruit blijkt dat er destijds op het Hereplein lage ijzeren hekjes stonden. Een van die hekjes is ook te zien op de foto van Betty. ,,Als kind probeerden wij altijd over dat hekrandje te lopen”, stuurt Willy van Jeveren.
Zo is het vraagstuk van de foto opgelost. Maar over Betty zelf weten we nog vrijwel niets. Waar woonde ze? En vooral: wie wás ze?
De tips die over Betty zelf binnenkomen, zijn minder talrijk. Logisch. Als Betty nog had geleefd, zou ze nu 95 jaar oud zijn. Hoe groot is de kans dat bekenden van vroeger nog in leven zijn?
Waar woonde Betty?
In 1942, het jaar dat het gezin Simmeren (zie kader) wordt opgepakt door de Duitsers, woont het gezin aan de Herestraat 86a. Op steenworp afstand van het Hereplein, waar Betty met haar hondje wandelt. ,,De foto moet gemaakt zijn voor 3 mei 1942, want vanaf die datum mochten Joden vanaf 6 jaar oud alleen nog op straat komen als ze goed zichtbaar een gele ster op hun kleding droegen”, laat Chris van der Wolff weten.
Betty en het gezin Simmeren
Betty werd op 6 oktober 1927 in Groningen geboren als dochter van Bernard Simmeren (1897-1979) en Grietje Polak (1896-1942). Betty en haar moeder belandden begin oktober 1942 in kamp Westerbork. Nog diezelfde maand werd zowel Betty als Grietje naar Auschwitz vervoerd. Daar zijn beiden vrijwel zeker direct na aankomst vergast. Hun overlijdensdatum is vastgesteld op 19 oktober 1942.
Betty’s broers Ephraïm (1921-1944) en Benjamin (1923-1944) werden vermoord in Blechhammer, een subkamp van Auschwitz. Vader Bernard Simmeren overleefde de kampen en dodenmarsen en keerde na de oorlog als enige van het gezin terug in Groningen.
Van der Wolff reageert ook omdat Bernard Simmeren - de vader van Betty - een oudoom was van zijn schoonmoeder. ,,Mijn vrouw heeft Bernard wel eens ontmoet. Zij wist van haar moeder dat Bernard in de oorlog vreselijke dingen had meegemaakt en dat zijn vrouw en kinderen de oorlog niet overleefd hadden.”
Hij wenst ons veel succes met de zoektocht naar Betty’s verhaal. Van der Wolff waarschuwt ons ook: ,,Meisjes van 15 hebben meestal nog niet heel veel ‘sporen’ nagelaten.”
Gelukkig rolt er weer een e-mail binnen. Geert Volders, directeur van de Synagoge Groningen, heeft in het gebedshuis aan de Folkingestraat bezoek gehad van Dicky Knap. Ze is van 1933 - zo’n zes jaar jonger dan Betty - en groeit op in een huis aan de Herestraat. Of we contact kunnen leggen met mevrouw.
Natuurlijk, graag zelfs. Als we bellen, moet mevrouw Knap diep graven in haar herinneringen. ,,Mijn ouders hadden een fotozaak aan de Herestraat 86. Betty en haar gezin woonden boven. Van Betty kan ik me weinig herinneren. Ik weet nog wel dat haar twee broers zich met Sinterklaas eens hadden verkleed als zwarte pieten. Ik kroop onder de tafel. Zo bang was ik voor ze.”
Ze kan zich nog herinneren dat het gezin Simmeren in 1942 ineens was verdwenen. ,,Toen we ‘s ochtends wakker werden, zei mijn moeder: ‘Ze zijn weggehaald.’ Ze hebben nog kleren in onze tuin gegooid. Die heeft mijn vader opgestuurd naar kamp Westerbork.”
Mevrouw Knap baalt dat haar geheugen haar af en toe in de steek laat. Toch vallen er weer een paar puzzelstukjes op hun plaats. Maar wat we inmiddels over Betty zelf weten? Nog steeds nagenoeg niets.
De fotozaak van de ouders van Dicky Knap aan de Herestraat 86. Betty Simmeren woonde met haar gezin op 86a. Hun voordeur is op deze foto links in beeld te zien. Foto: onbekend/Groninger Archieven
Wie was Betty?
Maar dan mailt een man. ,,Ik zou graag met u in contact komen over Betty Simmeren. Zij was de dochter van mijn stiefgrootvader”, schrijft Bernard van der Leij. Bernard van der Leij? Was dat niet de directeur van recyclingsbedrijf Simmeren Schroot in Groningen? We balen dat we de link met Betty niet eerder hebben gelegd.
We bellen Van der Leij. Hoe zit de familieband precies in elkaar? ,,Bernard Simmeren keerde als enige overlevende terug in Groningen”, vertelt Van der Leij. ,,Hij en zijn vrouw Grietje waren bevriend met mijn opa en oma. Mijn opa is overleden tijdens de oorlog. Bernard Simmeren en mijn oma hebben elkaar na de oorlog weer opgezocht. Ze wilden samen nog wat van het leven maken en zijn in 1957 getrouwd. Zo kwamen mijn oma en moeder in Groningen terecht.”
Als Bernard terugkeert in Nederland, is hij door zijn tijd in de werkkampen zeer verzwakt. Als Bernard enigszins is aangesterkt, weet hij nog niets van het tragische lot van zijn vrouw Grietje, zoons Ephraïm en Benjamin, en dochter Betty. ,,Hij was ervan overtuigd dat ze nog terug zouden komen uit het oosten. De geboortedagen van zijn vrouw en kinderen werden de eerste jaren nog gevierd als verjaardagen.”
Bernard beseft na verloop van tijd dat zijn gezin nooit meer terugkeert en herdenkt hij zijn vrouw en kinderen vanaf dan op hun geboortedag. Van der Leij weet nog hoe het er aan toe ging. ,,Er werd niet gesproken. Mijn opa had het nooit over de oorlog. Maar de foto’s van zijn kinderen en vrouw stonden op tafel. We herdachten ze in stilte.”
Pas veel later trekken Bernard Simmeren en Van der Leij echt veel met elkaar op. Bernard, die voor de oorlog al metaalhandelaar is, maakt Simmeren Schroot weer tot een bloeiend bedrijf. Later leert hij Van der Leij de fijne kneepjes van het vak.
‘Als die Duitsers op ons terrein komen, ben ik er niet’
Met Duitsers wil de oude Bernard de rest van zijn leven niets meer te maken hebben. Van der Leij: ,,De machines van ons bedrijf kwamen tijdens de wederopbouw uit Amerika. Via het Marshallplan. Maar die Duitsers begonnen later ook heel goede machines te bouwen. Mijn opa zei: prima dat je die machines koopt, maar als die Duitsers op ons terrein komen, ben ik er niet. Hij heeft altijd geweigerd zelf een van die machines te gebruiken.”
Bernard overlijdt in 1979. Of hij na de oorlog ooit nog gelukkig is geworden? ,,Hij kon heel blij en vrolijk doen”, zegt Van der Leij. ,,Doen, inderdaad. Want ik had altijd de indruk dat de vrolijkheid gemaakt was. Vergeet niet: hij was niet alleen Grietje en zijn kinderen kwijtgeraakt. Ook broers, zussen, neven en nichten van hem waren vermoord.”
Nooit meer terug
Van der Leij heeft een brief van zijn stiefopa in bezit. Daarin neemt Bernard Simmeren afscheid van een oude klant met de mededeling dat hij zich moet melden in Westerbork. ,,Hij is daar vrijwillig heengegaan met zijn oudste zoon Ephraïm. Dat deden ze in de veronderstelling dat de rest van het gezin met rust gelaten zou worden, zoals de nazi’s hadden beloofd. Bernard geloofde dat. Maar ook Grietje, Ephraïm, Benjamin en Betty werden later weggevoerd. En zij kwamen nooit meer terug.”
Bernard Simmeren zou nooit meer over Betty praten. Maar Van der Leij kan toch iets over haar vertellen. ,,Mijn moeder heeft Betty als kind met enige regelmaat gezien. Ze vertelde dat Betty hield van piano spelen. Ze was ook gek met dieren. Een slim meisje, zei mijn moeder altijd. Dat is alles wat ik weet. Het is nog steeds veel te weinig. Maar iets is beter dan niets. Zolang we haar maar niet vergeten.”
Dit artikel werd eerder gepubliceerd in oktober 2022.