Piloot Dieter Goedbloed met traumaheli 'Lifeliner 4' op Airport Eelde. Foto: Marcel Jurian de Jong
Een verkeersongeluk, een hartaanval, een steekpartij. Overal waar mensen in levensgevaar verkeren, schiet de traumahelikopter van het Mobiel Medisch Team van het UMCG te hulp. Ook als een tulpenperkje het daarvoor moet ontgelden.
De knalgele traumahelikopter komt luid ronkend overvliegen. Hij maakt een rondje boven het kruispunt, waar ambulancepersoneel bezig is een gewonde te verzorgen. Dan daalt hij neer, trefzeker, op een plekje tussen de lantaarnpalen waar hij net, maar dan ook net, in past.
„Na zo’n rondje vragen ze weleens, ‘kon je het niet vinden?’”, lacht Dieter Goedbloed (55). Hij is al vijftien jaar piloot bij het Mobiel Medisch Team (MMT) van het UMCG. Dat team runt de traumahelikopterdienst voor Noord-Nederland.
Mobiel Medisch Team UMCG
De traumahelikopter en het vliegend personeel vallen onder ANWB Medical Air Assistance (ANWB MAA), dat in opdracht van het UMCG de luchtvaartoperaties verzorgt. ANWB MAA levert de piloten en beheert de toestellen, terwijl het medische team afkomstig is van het ziekenhuis.
Dit jaar bestaat het MMT 25 jaar. Naast de traumahelikopter beschikt het team ook over een MMT-auto, voor het geval de helikopter niet kan vliegen vanwege het weer, of wanneer er een incident is in de buurt van thuisbasis Airport Eelde.
Het meest voorkomende misverstand over de traumahelikopter is, dat hij bedoeld zou zijn om patiënten mee te vervoeren. Goedbloed schudt zijn hoofd: „We zijn echt wel een kwartier of twintig minuten bezig om iemand gereed te maken voor transport. En achterin is erg weinig ruimte om te werken.”
Patiëntenvervoer wordt liever gedaan met de rijdende ambulance. De traumahelikopter is er om speciaal medisch personeel op de plek van een incident te krijgen. Zij hebben meer kwalificaties en meer apparatuur dan wat er op een ambulance aanwezig is.
Verkenningsrondje
Soms kan de helikopter niet direct op de plaats van het incident landen, bijvoorbeeld als er te veel bomen staan. „Dan landen we zo dicht mogelijk in de buurt. Het medisch personeel kan dan het laatste stukje met een andere hulpdienst meerijden. Het is zelfs weleens gebeurd dat ze de fiets van een voorbijganger moesten lenen.”
Maar als het even kan, komt de helikopter gewoon ter plekke. En er kan veel. Van een verkeersplein met lantaarnpalen, tot een fietspad op een smalle dijk, tot het tulpenperkje van het Historisch Centrum Leeuwarden.
Daar dient dan ook dat rondje voor. „Dan kijken de navigator en ik naar de beste plek om te landen. Dat moet je ter plaatse beoordelen. We willen ook niet in de weg staan, en we willen liever geen extra schade veroorzaken bovenop wat er al is.”
Toch wordt het landen op krappe plekjes nooit hachelijk. „Als het te uitdagend lijkt, zoeken we een andere plek. Wanneer ik de landing inzet, weet ik al dat het kan.”
Vliegen leerde Goedbloed bij Defensie, bij de Marineluchtvaartdienst. Toen hij in 2010 overstapte naar het MMT kwam zijn ervaring goed van pas. „We begonnen toen net met nachtvliegen, die vaardigheid had ik.”
Je ziet rust op de locatie ontstaan, je hoort de paniekstemmen langzaam verdwijnen
De geboren Leidenaar moest er wel voor verhuizen naar Groningen. Gelukkig kwam zijn vrouw daar vandaan, waardoor de overstap makkelijk was. „Het voordeel van werken bij het MMT is dat je in Nederland blijft. Dan kan je in de gezinssituatie de boel ook beter draaiende houden.” Inmiddels heeft het stel drie dochters.
Naast nachtvliegen was ook Goedbloeds ervaring met teamwork een pré. „Bij Defensie kreeg je de sleutel van de helikopter mee, en succes. Voer gewoon de opdracht uit. Dat is hier net zo. We zijn een klein team met veel bevoegdheden en verantwoordelijkheid.”
De aankomst van de traumahelikopter maakt altijd veel indruk. Niet alleen de machine zelf, maar vooral het team dat het vervoert. „Petje af voor de medische afdeling. Die stralen professionaliteit en kunde uit. Je ziet rust op de locatie ontstaan, je hoort de paniekstemmen langzaam verdwijnen.”
Piloot Dieter Goedbloed in de cockpit van traumahelikopter 'Lifeliner 4'. Foto: Marcel Jurian de Jong
„Ze hebben heel snel het overzicht, dat leer je alleen in het veld. En mensen pikken dat op. Iemand zei ooit achteraf: ‘toen jullie aankwamen, kreeg mijn kind weer een naam.’ Tot die tijd was het kind alleen als patiënt behandeld.”
Goedbloed heeft veel meegemaakt in de vijftien jaar dat hij bij het MMT vliegt. Maar het zijn de situaties met jonge kinderen die het meeste indruk maken. „Een aantal daarvan weet ik nog precies. Als zo’n kind er weer bovenop komt, dat houdt het mindere van het werk in balans.”
Weer naar school
Hij wordt zichtbaar blij wanneer hij over zo’n goede afloop vertelt. „Een jaar later kregen we een kaartje: ‘vandaag gaat mijn dochter voor het eerst weer naar school.’”
Er zijn in Nederland vier MMTs en er wordt nagedacht over een vijfde op vliegveld Teuge, nabij Apeldoorn. Landelijk komen ze meer dan 16.000 keer per jaar in actie. Goedbloed heeft voorlopig dus werk zat.
Maar op zijn 65ste moet hij stoppen, dan mag hij vanwege regelgeving niet meer vliegen als enige piloot in een toestel. En dan? „Daar heb ik nog niet over nagedacht”, zegt hij opgeruimd. „Misschien kan ik mijn expertise dan weer overbrengen.”
Traumahelikopter Noord-Nederland - ‘Lifeliner 4’
De traumahelikopter van ANWB Medical Air Assistance (MAA) wordt ingezet door het Mobiel Medisch Team (MMT) van het UMCG.
ANWB MAA levert de helikopter en de piloten
UMCG en Noordelijke ambulancediensten leveren het medische personeel