Schelpen lossen in Harlingen Foto: Catrinus van der Veen
Vier bedrijven willen fors minder schelpen uit de Noordzee halen om aan bezwaren van milieuclubs tegemoet te komen. Het schelpenwingebied in de diepere geulen tussen de Waddeneilanden kan terug van 2400 naar 500 hectare.
De schelpenwinbedrijven, waaronder de Rousant Zoutkamp en het Harlingse bedrijf Zand & Schelpenwinning Waddenzee, gaan over de krimp in gesprek met minister Robert Tieman (Infrastructuur en Waterstaat) en de Waddenvereniging en Natuurmonumenten. Dat was dinsdag de voorlopige uitkomst van een rechtszaak bij ’s lands hoogste bestuursrechter, de Raad van State, in Den Haag.
Er staat voor de Nederlandse schelpenwinbedrijven heel veel op het spel. Want die winnen jaarlijks bijna 170.000 kuub schelpen in het Wadden- en Noordzeekustgebied. Mocht de Raad van State uiteindelijk de winnings(ontgrondings)vergunningen vernietigen, dan staan de bedrijven zo goed als met lege handen en kunnen ze alleen nog met veel moeite 40.000 kuub schelpen winnen voor de Noordzeekust van Den Helder tot Terneuzen.
Milieuclubs willen stop
De meeste (dode) schelpen, die onder meer voor rustieke paden en isolatiedoeleinden worden gebruikt, belanden in de diepe geulen die de Wadden met de Noordzee verbinden. Een winningsverbod zou de nekslag voor de bedrijven en hun werknemers kunnen betekenen.
Volgens Auke Wouda van de Waddenvereniging en Natuurmonumenten zijn er echter nog voldoende alternatieve locaties die niet in zwaar beschermde Natura-2000-gebieden liggen. De milieuclubs willen het liefste een eind maken aan de schelpenwinning rond de Waddeneilanden. Om die reden eisen de Waddenvereniging en Natuurmonumenten een uitgebreid milieueffect (MER)-onderzoek naar het winnen van schelpen in de Waddenzee, de geulen tussen de eilanden en de Noordzeekust langs de Waddeneilanden.
Een paar jaar geleden ging de Natuurvergunning voor de schelpenwinning in het kwetsbare Waddengebied al van tafel. En de nieuwe Natuurvergunning ligt momenteel bij de rechtbank Noord-Nederland ter beoordeling. Desondanks verleende de minister van Infrastructuur en Waterstaat eind 2023 nog een schelpenwinvergunning die eind dit jaar afloopt.
Meer dan 500 hectare
Tijdens de rechtszaak in Den Haag stelde rechter Jade Gundelach al snel vast dat de vier bedrijven, die voornamelijk met zogenoemde steekzuigers werken, gezamenlijk een wingebied van boven de 500 hectare (ha) bestrijken. En volgens de natuurwet- en regelgeving is boven de 500 ha een tijdrovende en kostbare MER nodig. Dergelijk onderzoek kan maanden tot jaren duren en in de tussentijd zou de schelpenwinning stil komen te liggen.
De schelpenbedrijven willen dat koste wat het kost voorkomen en deden daarom een voorstel om de milieuclubs tegemoet te komen. De bedrijven zijn bereid om alleen nog schelpen te winnen in een gebied dat kleiner is dan 500 ha.
Rechter Gundelach gaf de bedrijven – naast de Groningse en Friese ondernemers ook twee uit Zeeland – het ministerie en de Waddenvereniging en Natuurmonumenten tot 10 september de tijd om met een overeenkomst te komen. Lukt dat niet dan doet de Raad van State direct uitspraak. Lukt dat wel dan is dat nog niet einde verhaal. Want de milieuclubs willen sowieso in een inhoudelijke rechtszaak al hun bezwaren tegen het winnen van schelpen in het Waddengebied naar voren kunnen brengen.
’Schelpen zijn duurzaam’
Volgens de milieuclubs is de schelpenwinning schadelijk voor de natuur. Theo Portegijs, deskundige van de winbedrijven, wees erop dat het winnen van schelpen juist bijzonder duurzaam is. Het opzuigen van schelpen met steekzuigers zou de zeebodem nauwelijks aantasten. Bovendien staat er in de diepe geulen zoveel stroming dat daar niet veel kwetsbaar bodemleven voorkomt.
,,Als we de schelpenpaden moeten vervangen door beton, betekent dat een veel grotere uitstoot van het broeikasgas CO2. Dat is zeker niet duurzamer dan het winnen van schelpen, iets dat al honderden jaren gebeurt.” Wordt vervolgd.