Oogsttijd op een graanveld bij Winsum. Foto: Han de Graaf
Drie boerenbedrijven in Groningen hebben een tik op de vingers gekregen van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) omdat ze niet op de juiste manier met gewasbeschermingsmiddelen hebben gewerkt.
Het gaat om een akkerbouwbedrijf in Slochteren waar vorig jaar bieten werden verbouwd en een collegaboer in Bellingwolde die in het graan zit. Beiden kregen vorig jaar bezoek van de NVWA, die constateerde dat er onjuist gebruik is gemaakt van pesticiden. Ze kregen er een officiële waarschuwing voor.
Eenzelfde sanctie kreeg een aardappelboer in Pekela opgelegd, maar dan voor het niet op orde hebben van de administratieve voorschriften rondom het gebruik van de bestrijdingsmiddelen. In Drenthe werden ook bedrijven bezocht, maar dit leidde niet tot soortgelijke sancties.
103 keer goed, 19 maal mis
De drie boerenbedrijven worden met naam en toenaam genoemd in de inspectierapporten van de NVWA naar het gebruik van pesticiden nabij scholen en Natura 2000-gebieden. In heel Nederland zijn er 103 inspecties uitgevoerd. In 71 gevallen was alles in orde, maar bij 32 inspecties werden één of meer overtredingen vastgesteld.
19 keer leidde dit tot een interventie, zoals een officiële waarschuwing, zoals bij de Groningse boeren. De NVWA maakt de rapporten openbaar om transparant te zijn over wat het op welke plek aantreft.
Muggenzifterij
Het akkerbouwbedrijf van Albert Moedt in Slochteren, die suikerbieten verbouwt in een perceel naast een school, is een van de Groningse bedrijven die een officiële waarschuwing aan de broek hebben gekregen. Hij erkent dat hij zich niet volledig aan de regels heeft gehouden, al noemt hij de manier van werken van de inspecteurs „muggenzifterij”.
„Ik heb een bepaald sproeimiddel gebruikt waarvan je 1,5 liter mag gebruiken, verdeeld over drie keer sproeien”, legt Moedt uit. „Ik heb in mijn rapporten eerlijk opgeschreven dat ik 1,6 liter heb gebruikt, wat ik in twee keer heb uitgesproeid. Een keer in de avond en een keer in het weekend, op het moment dat er niemand in en rond de school aanwezig was. Ik probeer juist rekening te houden met mijn omgeving.”
‘In feite een boete’
Moedt noemt het ‘absurd’ dat hij door overschrijding van 1 deciliter gekort wordt op verschillende subsidies. „Dat kost me in totaal 3000 euro. Dat is in feite een boete. Natuurlijk moet de NVWA controleren of alles volgens het boekje gaat, maar dit is wel heel rigide. Een boer als ik, die alles juist goed en eerlijk probeert te doen, jaag je hiermee tegen je in het harnas.”
Ook bij de maatschap Buijs-Vermue in Bellingwolde ging het mis. „In ons geval was het een administratieve fout”, zegt een medewerker van het bedrijf. „Ik heb ingevuld dat een bepaald middel op wintertarwe is gespoten, terwijl het in werkelijkheid om zomertarwe ging, waar iets minder op mag. Het ging om 0,05 liter per hectare, wat te veel was ten opzichte van wat mag. Dat is verwaarloosbaar.”
„Dat is niet goed gegaan”, erkent de medewerker. „Maar met alle regeldruk ligt een administratieve fout op de loer. De NVWA-medewerker erkende dat en hield het daarom op een waarschuwing, na de toezegging van onze kant om het dit jaar beter te doen.”
Rauw op het dak
De maatschap dacht dat daarmee de kous af was, maar kreeg een paar maanden terug te horen dat er (net als bij Moedt in Slochteren) op basis van het NVWA-rapport een korting zou komen op subsidies vanuit de RVO (Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland). „Dit viel ons rauw op het dak, want het was toch alleen waarschuwing? Dit gaat ten koste van onze inkomsten.”
Het bedrijf is tegen de korting in beroep gegaan. „Dit voelt niet eerlijk omdat de boete niet in verhouding staat tot de administratieve fout.”
In het NVWA-rapport staan ook meerdere bedrijven in Groningen en Drenthe die alles goed voor elkaar hadden, zoals in Coevorden, Borger-Odoorn, Het Hogeland en Tynaarlo. De bevindingen van de NVWA zijn hier na te lezen.