Groningen is 360 hectare waterberging én nieuwe natuur rijker dankzij een samenwerking tussen de overheid, waterschappen, boeren en burgers. 'Dit bedenk je niet achter een bureau'
Regen was spelbreker bij de overdracht van de eerste vier gebieden van een groot herinrichtingplan voor het Zuidelijk Westerkwartier: Oud bestuurslid van Noorderzijlvest, Paul Tameling, loopt over de natte weg richting het gebouw van het gemaal aan de Lettelberterdijk waar de genodigden zich verzameld hebben. Foto: Peter Wassing
Slagregen, motregen, miezerregen. Aan neerslag geen gebrek zaterdag tijdens de oplevering van de eerste vier onderdelen van een groot gebiedsproject in het Zuidelijk Westerkwartier, dat vooral gaat over de waterhuishouding.
,,Het regent behoorlijk, maar voor de nieuwe waterberging hier vol zit moet er echt wel wat meer gebeuren’’, constateert waterschapsbestuurder Jeroen Niezen van Noorderzijlvest. Hij mag vervolgens als onderdeel van een menselijke keten een paar emmers water uit het Lettelberterdiep in de nieuwe waterberging De Drie Polders leeggooien.
Groningen is 360 hectare waterberging en nieuwe natuur rijker door het project, een samenwerking tussen de overheid, waterschappen, boeren en burgers. Het speelt zich af in een gebied dat grofweg ligt in de driehoek tussen Hoogkerk, Marum en Grootegast, tot aan de provinciegrens met Friesland. Behalve de aanleg van waterbergingen en natte natuur, is er ook geld voor recreatie, verbetering van landbouwgebieden en infrastructuur in de streek.
De verwachting is dat de waterberging eens in de 25 jaar helemaal vol loopt bij extreme wateroverlast. In 24 uur kan er 1,2 miljoen kuub water in de berging van De Drie Polders stromen. In Polder de Dijken-Bakkerom is dit 1,1 miljoen kuub water.
Geslaagd voorbeeld van inspraak omgeving
Gedeputeerde Henk Staghouwer is dik tevreden met het project, volgens hem een geslaagd voorbeeld van hoe je natuur en een waterberging met elkaar verbindt in samenspraak met de omgeving. ,,Je bedenkt zo’n plan niet achter een bureau op het provinciehuis om het vervolgens een-op-een uit te voeren. Nee, je praat met de bewoners en werkt met ze samen. Zo is dat hier ook gegaan.’’
,,Waterbergingen zijn heel belangrijk, dat zien de boeren ook wel. Maar er zijn al heel wat keukentafelgesprekken geweest. Het gaat over hun grond, over hun leven’’, zegt voorzitter Betty de Boer van de gebiedscommissie.
Melkveehouder Henk Hulshoff uit Marum, die namens LTO in de gebiedscommissie zit, zegt dat de meeste boeren content zijn met het resultaat. Een aantal van hen heeft plaatsgemaakt voor nieuwe natuur en is elders neergestreken. ,,In het begin was er natuurlijk wantrouwen door de plannen voor een waterberging en een peilverhoging. Maar de kavelruil werkt goed, ook al is het ruilen van grond altijd een hele puzzel.’’
Toch, waarschuwt hij: ,,Het blijft schuren. We zijn er nog niet. Bij het plan voor de waterberging bij het Dwarsdiep moet nog heel wat worden gepraat. En er moet nog grond worden geruild.’’
De klus is nog niet klaar
Ernst Jan Cornelius, projectleider van de uitvoeringsdienst Prolander, werkt al sinds 2015 aan het project in het Zuidelijk Westerkwartier. En hoewel nu dus de eerste onderdelen worden opgeleverd, is de klus nog lang niet klaar. ,,We moeten nog zo’n 800 hectare van de 2000 die we nodig hebben beschikbaar krijgen. En er moet nog zo’n 1500 hectare worden ingericht voor de natuur.’’
De echt grote opgave komt nog, zegt ook hij. ,,Dit waren de makkelijke delen. We komen ook nog op plekken waar economische landbouw is. Er zijn nu twee waterbergingen ingericht voor 2,3 miljoen kuub. Er komt er nog een van 2,7 miljoen kuub bij het Dwarsdiep, ten noorden van de A7 bij Marum. Die klus moet in 2025 zijn voltooid.’’
Je merkt het wantrouwen over de overheid wel
Er wordt daar nu eerst veel onderzoek gedaan. De omgeving wordt bij de plannenmakerij betrokken. Dat laatste is volgens Cornelius onvermijdelijk in een tijd waarin er niet veel vertrouwen is in de overheid. ,,Dat wantrouwen merk je wel. Je moet dus met de mensen praten, uitleggen wat je doet en waarom. En als iets niet kan, moet je dat goed beargumenteren. Eerst draagvlak zoeken en daarna aan het werk.’’
,,Toen we jaren geleden met dit project begonnen, hebben we wel veertig bijeenkomsten met de streek gehouden. In het begin was niet iedereen enthousiast, er was zelfs een belangenvereniging die zich verzette tegen de waterberging. Maar in 2012 lag Boerakker tijdens de hevige wateroverlast dat jaar bijna aan zee. De bewoners snapten ook: er moet wat gebeuren.’’
Dat boeren vaak huiverig zijn voor de plannen, begrijpt Cornelius wel. ,,Je komt soms aan hun bedrijfsvoering als je grond nodig hebt. Dat raakt ze. Maar uiteindelijk gaan we met iedereen in gesprek en komen er uit. We hebben wisselgeld in de vorm van grond elders, die we kunnen ruilen met kavels van boeren in dit gebied.’’