Twee keer per jaar moeten agenten een verplichte schiettoets afleggen. Foto: Jilmer Postma
Politiebonden en vuurwapentrainers van de politie willen dat agenten méér trainingsuren krijgen om te kunnen oefenen in het gebruik van hun vuurwapen. De helft van alle wapendragende politiemensen in Noord-Nederland haalt niet de norm van jaarlijks 32 uren training op een schietbaan.
,,Ja, wij zijn voorstander van het uitbreiden van de trainingsmogelijkheden, al dan niet verplicht. Zeker gezien de spanningen in de samenleving. Schieten is echt een vaardigheid die je moet trainen”, zegt Wim Groeneweg, voorzitter politiebond ACP.
Hans Schoones, vice- voorzitter van de politiebond ANPV, zegt dat ,,uitbreiding van trainingsuren altijd beter is natuurlijk”. Maar volgens hem is het ,,geen haalbare optie” vanwege werkdruk en gebrek aan trainingscapaciteit. ,,Elk uur extra training moet je vermenigvuldigen met alle wapendragenden en die uren kunnen niet meer ter beschikking komen van het reguliere werk.”
Echte wapens en trainingswapens van de politie, met bijbehorende patronen, op de schietbaan in Drachten Foto: Jilmer Postma
‘Uitdaging om doelstelling te halen’
In 2018 werd door de politie en de Arbeidsinspectie afgesproken dat werd toegegroeid naar minimaal 32 trainingsuren per jaar. Dit jaar moet de helft van de wapendragende agenten minimaal 32 uur zijn getraind, volgend jaar 70 procent zijn en in 2024 90 procent. Schoones heeft er een hard hoofd in dat dat gaat lukken: ,,Door de druk op de politieorganisatie zal het een heuse uitdaging worden om ook de doelstellingen van 2023 maar zeker die van 2024 te gaan behalen.”
Groeneweg bepleit meer uren op de schietbaan: ,,De meeste agenten hoeven in de praktijk nooit hun wapen te trekken. De enige keer dat ze dat doen is tijdens een training: vier keer per jaar. Dat is niet royaal. Want in die trainingen komen ook vele andere aspecten aan bod. Het aantal verschoten patronen stelt niet veel voor. In die vier keer acht uur zit ook de rijtijd, en het gebruik van andere geweldsmiddelen, plus het ophalen van de wetskennis. Nogmaals, dat is dus niet royaal als je dan ziet wat de netto tijd is dat je patronen verschiet.”
Ook de landelijke politiewoordvoering erkent dat de norm nog lang niet door iedereen wordt gehaald: ,,Het zal verder niemand zijn ontgaan dat de druk op de politie groot is. Dat komt onder meer door personeelstekort, dat piekte in 2022 en nog meerdere jaren zal aanhouden. Maar ook door het grote beroep dat op de politie wordt gedaan vanwege bijvoorbeeld maatschappelijke onrust en het begeleiden van een groot aantal demonstraties. En door de toename in het bewaken en beveiligen van personen en objecten. We groeien geleidelijk naar de 32 uur trainen toe, zodat de andere politietaken niet het geding komen.”
Onzeker is of de politie voldoende trainers heeft om de doelstelling te halen: ,,Zoals overal in de arbeidsmarkt is het momenteel lastig om alle vacatures vervuld te krijgen. Tot dit jaar was er nog geen tekort aan docenten, inmiddels loopt het aantal vacatures op. Waarbij je moet bedenken dat onze instructeurs veelal afkomstig zijn van andere politiefuncties, waarvoor eveneens veel vacatures zijn. Er is nog voldoende trainingscapaciteit om aan de norm van 70% te kunnen voldoen, maar we zullen een flinke inspanning moeten leveren om voldoende nieuwe docenten te werven.”
Een dienstpistool voor schoonmaak en onderhoud uit elkaar gehaald. Foto: Jilmer Postma
‘Méér trainen moet, staat buiten kijf’
Ook de politietrainers op de schietbanen in Drachten en Zuidlaren die alle agenten in Noord-Nederland trainen zeggen: ,,Dat we er naar moeten streven méér te trainen dan de gemiddelde 26 uur die afgelopen jaar door de Noord-Nederlandse wapendragende collega’s werd gedaan, staat wat ons betreft buiten kijf.”
De politie-eenheden hebben hun eigen schietbanen. Politieagenten in Noord-Nederland trainen in Drachten en Zuidlaren. Ook huurt de politie verspreid door het land tien schietbanen van schietverenigingen om te kunnen trainen. Elk halfjaar moet een agent de verplichte schiettoets afleggen. Wanneer een collega de toets niet haalt, gaat deze niet meer als agent de straat op. Het wapen moet dan worden ingeleverd. De betrokken agent moet dan bureauwerk verrichten. Dat gebeurt in de praktijk zelden.
Deze week maakte justitie bekend dat er geen strafvervolging komt voor de agenten die in Boelenslaan op 6 september 202 Andries Booi (28) doodschoten. Booi werd in de nacht van 15 op 16 september 2021 tot stoppen gemaand. Hij zou op de vlucht zijn geslagen en bij de achtervolging zou hij zijn ‘ingereden op de agenten’. De nabestaanden accepteren dit niet en eisen strafvervolging van de agenten. Jouke Hospes (16) uit Akkrum werd op 5 juli 2022 door een agent beschoten toen hij een politieblokkade passeerde tijdens een boerenprotest. De kogel miste zijn hoofd rakelings. Die agent wordt wel strafrechtelijk vervolgd.
De vuurwapentrainers van de politie zeggen dat zij het schieten met het dienstpistool op een rijdend voertuig afraden in de meeste gevallen. ,,Binnen ons onderwijs laten we mensen niet schieten op wegrijdende voertuigen.” Maar wettelijk is het wel toegestaan, ter afwending van onmiddellijk gevaar. ,,Zoals in het geval van de terroristische aanslagen in Parijs, dat zou een situatie zijn die zich daarvoor leent. Maar we geven alle collega’s mee: er zijn risico’s bij het schieten op een voertuig. Komt dat overeen met het doel dat je wilt bereiken? Als je dat niet kan waarmaken, dan kan je het beter nalaten.”
Doorzeefd; de auto waarin Andries Booi stierf na een wilde achtervolging door de politie. Foto: Jilmer Postma
Nooit trainen op schieten op rijdende auto’s
Agenten worden nooit getraind op het schieten op bewegende voertuigen: teveel variabelen, zoals de snelheid van het voertuig, het gevaar van afketsen, de hoek waaronder een kogel een raam raakt, dat maakt het allemaal onvoorspelbaar. ,,Je moet die risico’s afwegen. En daarbij: de impact van de kogel: stopt die een auto? Een 9mm kogel doet niet zoveel tegen een auto”, aldus één van de trainers.