Beeld uit de Groningse game Outbound. Square Glade Games
Een klein, Gronings ontwikkelteam reisde deze week af naar Rotterdam om daar hun nieuwe game Outbound aan het hele land te presenteren. Daar stonden ze als een klein Gallisch dorp tussen de grote studio’s uit de Randstad - maar wel met een kwart miljoen en steun van Microsoft in de zak.
„Het is geen Volkswagen-busje, maar een Outbound-busje”, grapt gamemaker Marc Volger als hij de eerste beelden van de game laat zien. Spelers moeten in de wildernis overleven in een omgebouwd camperbusje dat verdraaid veel lijkt op de Volkswagen T1, het klassieke busje dat in de jaren ‘60 en ‘70 op nagenoeg ieder festivalterrein te vinden was. Het Volkswagen-logo voorop ontbreekt wel: „we hebben met een jurist goed gekeken hoe we mogelijke problemen uit de weg gaan.”
Gezellig overleven
Het idee achter Outbound klinkt erg serieus, maar de game zelf moet vooral gezellig zijn. Daarmee speelt Marc met zijn team in op de huidige trend voor cozy games; spellen die een stressloze ontsnapping bieden aan de soms harde realiteit van de echte wereld. De wereld waar je doorheen rijdt is verlaten, maar ook kleurrijk en uitnodigend. „We hadden de fantasie om samen op zo’n manier rond te reizen in een busje. Ik denk dat veel mensen wel dat idee hebben, maar niet het geld om dat te doen. Dus we dachten: wat als het dan in een game kan?”
Je hakt hout en verzamelt andere grondstoffen, waarmee je weer upgrades bouwt om in je busje te installeren. Eerst is dat simpel, zoals een keukentje, maar later kun je op het dak zelfs allerlei dingen neerzetten. Marc noemt het ‘solarpunk’: „we willen laten zien hoe je duurzaam kunt overleven. Dat is waarom er ook grote zonnepanelen bovenop de bus zitten.”
De game is alleen te spelen, maar online kun je ook met drie vrienden aan de slag. Daarmee lijkt het ook een beetje op populaire survivalspellen zoals Minecraft.
‘We wilden samen op roadtrip’
Aan de grootste games werken vaak teams mee van honderden of zelfs duizenden mensen, maar in de afgelopen vijftien jaar is het steeds makkelijker geworden om met een kleine club een spel te ontwikkelen. Deze zogeheten ‘indiegames’ hebben geen dure uitgever nodig om schijfjes te drukken, omdat ze vooral digitaal in downloadwinkels worden verkocht.
Marc’s studio Square Glade is zo’n indiestudio. Hij en medeoprichter Tobias Schnackenberg bouwen samen de game grotendeels zelf. Voor wat ze zelf niet kunnen, huren ze hier en daar iemand in: zo is een Groningse vriend bij ze aangeschoven om de online systemen te ontwikkelen.
Marc heeft er zijn veilige carriere in de auto-industrie voor achtergelaten: in de Verenigde Staten hielp hij jaren met het programmeren van kunstmatige intelligentie voor in auto’s, bijvoorbeeld voor het gebruik van kunstmatige intelligentie. „In de Randstad zou ik daar nog veel werk in kunnen vinden, maar ik wilde weer in Groningen wonen.”
Marc Volger van gamestudio Square Glade Games met de game Outbound op zijn beeldschermen. Foto: Peter Wassing
Kwart miljoen euro ingezameld
Op crowdfundwebsite Kickstarter haalden de ondernemers afgelopen jaar een flinke smak geld om waarmee ze hun game konden bouwen. Ze hoopten op een potje van 30.000 euro, maar hebben uiteindelijk maar liefst 265.000 euro opgehaald. Genoeg geld om het spel in alle rust door te ontwikkelen. „We merken dat erg veel mensen ernaar uitkijken. In de digitale pc-gameswinkel Steam hebben al 846.000 mensen hem op hun verlanglijst gezet, dat kunnen er zomaar een miljoen worden.”
Deze week reisde het ontwikkelteam af naar Rotterdam, om de game te demonstreren op de Nederlandse gameconferentie Indigo. Op deze jaarlijkse bijeenkomst komt de gehele Nederlandse videogamesector samen, om te laten zien wat de grootste titels van het jaar zijn. Voor de leden van het Groningse team best spannend, want het was de eerste keer dat ze daar een eigen game kwamen presenteren.
De Groningse game Outbound was speelbaar op de Nederlandse spellenbeurs Indigo. Foto: Bastiaan Vroegop
Weinig games uit het Noorden
De Outbound-makers waren deel van een slechts kleine delegatie van noordelijke gamebouwers op Indigo. Naast hen was er alleen nog het ook Groningse Eloquence, een game bedoeld om er een vreemde taal in te leren. Uit Friesland was ook het bedrijf achter de Laptitude aanwezig, een soort gamecontroller waarmee chirurgen spelenderwijs leren opereren.
De games daarnaast kwamen eigenlijk alleen uit de Randstad. Amsterdam, Rotterdam, Breda en Utrecht waren breed vertegenwoordigd, gemaakt in gemeenten waar financieel meer steun bestaat voor nieuwe gamestudio’s. Dat wil niet zeggen dat de kleine selectie noordelijke inzendingen de aandacht niet waard was: zo zette gamereus Microsoft juist Outbound uitgebreid in de schijnwerpers. Het spel werd internationaal gepresenteerd aan fans en journalisten bij een jaarlijkse presentatie van indrukwekkende indiegames.
Het zal hoe dan ook nog even duren tot fans met de game aan de slag kunnen: volgens Marc is het plan om het spel in de eerste helft van 2026 uit te brengen. Tot die tijd wordt er nog veel getest, waarbij soms ook fans van het eerste uur worden betrokken om te zien hoe het speelt.