De Britse variant van het coronavirus is in het Noorden van het land nog minder ver verspreid dan in het Zuiden. Dat signaleert medisch epidemioloog en microbioloog Matthijs Berends van het laboratorium Izore.
Premier Mark Rutte zei dinsdagavond in de persconferentie dat al twee derde van de nieuwe besmettingen de gevreesde, besmettelijkere Britse variant is. Die uitspraak deed hij op basis van een schatting van het RIVM.
Volgens Berends is dit niet het beeld in het Noorden. ,,De verspreiding van de Britse variant is niet helemaal eerlijk verdeeld over het land. Persoonlijk vind ik het jammer dat daar steeds makkelijk aan voorbij wordt gegaan. Wij lijken net als bij de eerste golf en in het najaar een week of drie, vier achter te lopen op het Zuiden, zoals West-Brabant en Zeeland”, stelt de Burgumer epidemioloog van Izore en Certe, gevestigd in Leeuwarden en Groningen.
Hoger dan in Groningen
Het RIVM onderzoekt met kiemsurveillance hoe het virus verandert. Hiertoe worden wekelijks 400 willekeurig gekozen monsters geanalyseerd in het Rotterdamse Erasmus MC. Izore stuurt iedere week veertig monsters uit Friesland in, meldt Berends. Hij heeft nog niet de beschikking over de gegevens van de regionale resultaten van die analyses. ,,Maar ik kan wel zien dat het aandeel Britse variant hier lager ligt dan in het Zuiden.”
In Friesland lijkt het aandeel Britse variant iets hoger dan in Groningen. ,,Dat is wel opvallend, in andere golven gingen Friesland en Groningen gelijk op. Een paar uitbraken in verpleeghuizen, waaronder in Surhuisterveen, spelen daarin een grote rol. Daar moet je je niet te veel door laten leiden. Het verschil tussen Friesland en Groningen is ook weer niet zo groot.”
Reproductiegetal lijkt aanzienlijk hoger
Volgens Berends is het van belang te volgen hoe groot het aandeel Britse variant nu is in Friesland. Het reproductiegetal van de Britse mutant lijkt aanzienlijk hoger dan die van het oorspronkelijke virus, waardoor de verspreiding van het virus sneller gaat. ,,Juiste cijfers zijn heel belangrijk om te voorspellen in hoeverre over vier tot zes weken de ziekenhuizen weer vollopen. Daar stemmen we de hele zorgcapaciteit op af.”
Hoe groot het aandeel Britse variant in Friesland exact is, is onduidelijk. GGD Fryslân kon voor het weekeinde slechts uit een steekproef onder 26 gevallen constateren dat het aantal besmettingen met de Britse variant een derde was, in lijn met het landelijke beeld van het RIVM.