Eind vorig jaar plaatste Enexis een grote transformator in de buurt van de Euroborg in Groningen. Foto Jaspar Moulijn
Het regent indrukwekkende cijfers in het jaarverslag van Enexis. Het bedrijf investeerde 1,9 miljard euro in uitbreiding van de energienetwerken. Toch blijven er wachtlijsten. En hoe financiert Enexis dit allemaal?
Tevredenheid overheerst bij CEO Rutger van der Leeuw en de oorspronkelijk uit Meppel afkomstige CFO Marjanne van Ittersum. De zo noodzakelijke uitbreiding van het stroomnet gaat sneller dan gepland. Zo legde Enexis vorig jaar 1631 kilometer laagspannings- en middenspanningskabels aan, bouwde het bedrijf 670 middenspannings- en laagspanningsstations en nam het aantal elektriciteitsaansluitingen toe met zo’n 23.000.
Marjanne van Ittersum. Foto Enexis / Maaike Poelen
Maar helaas, de wachtlijst van bedrijven die smachten naar een aansluiting op het stroomnetwerk groeide desondanks ook, inmiddels zijn er 10.000 aanvragen van zakelijke klanten. De vraag neemt sneller toe dan Enexis kan bijbenen.
Netwerkcapaciteit
Elektriciteit is er genoeg, maar om die stroom bij alle afnemers te krijgen is er onvoldoende netwerkcapaciteit. De uitbreiding daarvan kost heel veel geld. Van de 1,9 miljard euro die Enexis vorig jaar investeerde in het netwerk, heeft het bedrijf 1,5 miljard geleend. En Enexis is ‘van ons allemaal’. De aandeelhouders zijn de gemeenten en provincies in het werkgebied: (delen van) Groningen, Drenthe, Overijssel, Limburg en Noord-Brabant.
Van Ittersum: „We financieren onze investeringen met groene obligaties. Die nemen institutionele beleggers zoals pensioenfondsen, van ons af. Het wordt beschouwd als een veilige, stabiele belegging. En omdat elektriciteit schoner is dan fossiele energie, geldt dit als een groene, duurzame belegging, die de fondsen dus als zodanig kunnen opvoeren.”
Rutger van der Leeuw, de topman van Enexis. Foto Corné Sparidaens
We hoeven volgens de financiële topvrouw niet bang te zijn dat Enexis bezwijkt onder de leningen. „We zitten nog ver onder de schuldenlast die we kunnen dragen. En je moet bedenken dat het gaat om investeringen. Door het netwerk uit te breiden, kunnen we ook nieuwe klanten aansluiten en dus nemen ook de inkomsten toe. De kost gaat hier voor de baat.”
De vele noodzakelijke investeringen betekenen wel dat Enexis consumenten en zakelijke gebruikers hogere netwerkkosten in rekening brengt. Dit jaar bedraagt de stijging, afhankelijk van het gebied, gemiddeld 2,8 procent, zegt Van Ittersum. In de komende jaren zal dat verder doorstijgen.
Vaatwasser, wasmachine en wasdroger
Volgens Van der Leeuw lukt het steeds beter om consumenten ervan te doordringen dat ze ‘netwerkbewust’ met hun stroomverbruik moeten omgaan, dus niet de vaatwasser, de wasmachine en de wasdroger om zes uur ‘s avonds aanzetten, wanneer het stroomverbruik toch al hoog is. Met bedrijven gaat dit wat minder voortvarend, zegt de ceo.
„Bij zakelijke gebruikers is dit wat ingewikkelder. Dikwijls verbruiken bedrijven niet alleen stroom, maar hebben ze ook veel zonnepanelen. We proberen dit te ondervangen door meer data met bedrijven te delen en te overleggen hoe ze piekbelasting van het netwerk kunnen afvlakken. Soms vergt dat investeringen en dus vaak wat meer geduld voordat dit alles geregeld is.”
Meer kosten voor gasleidingen
Het gasnet van Enexis krijgt doorgaans wat minder aandacht dan dat voor elektriciteit, maar ook op dit gebied zijn veel ontwikkelingen. Geleidelijk gaan er steeds meer woningen ‘van het gas af’, bijvoorbeeld door in plaats van de cv-ketel een warmtepomp te nemen. Een steeds kleinere groep moet de kosten van onderhoud en vernieuwing van de gasleidingen opbrengen, wat nadelig is voor huishoudens die niet zo gemakkelijk hun gasaansluiting vaarwel kunnen zeggen.
Volgens Van der Leeuw gaat dit niet zo hard. „We hebben ongeveer 2,3 miljoen gasaansluitingen, jaarlijks verdwijnen er ongeveer 15.000. Het effect is dus niet zo groot. Daarnaast houden we ons gasnetwerk relevant door het open te stellen voor groen gas, dat afkomstig is uit mestvergisters.”
Datacenters
Terwijl consumenten hun best doen het stroomnet te ontzien, verrijzen er in Nederland datacenters die enorme hoeveelheden stroom verbruiken. „Bedenk wel dat die achteraan in de rij staan voor een aansluiting”, reageert Van der Leeuw. „Woningen, ziekenhuizen, gemalen en dergelijke gaan altijd voor.” „Maar we gebruiken steeds meer digitale diensten, waarvoor die datacenters nodig zijn”, vult Van Ittersum aan. „Ook willen we niet meer dat onze data allemaal in de VS worden opgeslagen. Dan moeten we dat hier dus doen.”
Gelukkig doet de netcongestie zich niet overal in Nederland in dezelfde mate voor. Van der Leeuw: „Overal in Nederland is wel in zekere mate wel netcongestie, behalve bij jullie in Groningen. Althans, in delen van de provincie is er wél ruimte op het net, waardoor er dus ontwikkelingen mogelijk zijn.”