Freddy Oostra is niet over een nacht ijs gegaan bij het besluit alle melkkoeien de stal uit te doen. 'Piekbelaster zijn heeft enorm veel impact op de bedrijfsvoering, in juli hebben we de knoop doorgehakt.' Foto: Artizzl Media / Peter Nefkens
De vrijwillige uitkoopregeling voor Nederlandse veehouders laat ook zijn sporen na in Zuidwest-Drenthe. Meer dan 1500 boeren meldden zich, onder hen zijn ook Freddy Oostra uit Wapse en zijn neef Reint uit Wapserveen. De koeien gaan de stal uit en Freddy begeeft zich op het pad van verbouwen van wintertarwe. Biobased, want het stro kan gebruikt worden voor onder andere isolatiemateriaal.
Het aantal melkkoeien is al teruggebracht van 125 naar 75 en dat worden er uiteindelijk nul. Het betekent nogal wat voor de familie Oostra. „Het is wel even slikken, zeker. We hebben deze keuze niet in één dag gemaakt. Het bedrijf zit hier al sinds 1908, mijn overgrootvader is er begonnen en opa heeft dit deel gekocht”, wijst Freddy naar de Heuringsweg. „Een jaar geleden begon het ons te dagen dat wij wel eens piekbelasters konden zijn. We hebben berekeningen gemaakt en het bleek te kloppen. Piekbelaster zijn heeft enorm veel impact op de bedrijfsvoering, in juli hebben we de knoop doorgehakt. Ik heb nu nog een leeftijd om andere uitdagingen aan te gaan.”
Twee melkrobots
Toen de vader van Freddy op nog maar 43-jarige leeftijd overleed, ging zijn moeder verder met het bedrijf met de vader van Reint. „Het was al een maatschap, later hebben wij die overgenomen. We breidden uit met land en gebouwen, maar nu wordt alles anders. De ligboxenstal gaat eraf en de twee melkrobots zijn te koop. Die zijn nog maar vijf jaar oud, maar daar is zeker wel vraag naar, net als voor koeien. Veel melkveehouders hebben namelijk last van blauwtong gehad”, legt de 45-jarige Freddy uit.
Het bedrijf wordt compleet ontmanteld, maar Freddy doet zijn 40 hectare grond niet weg. „We hebben nu nog jonge kinderen, maar wellicht is het over pakweg twintig jaar wel weer interessant om koeien te houden.” Het ontmantelen van de maatschap hakt er best in, maar Freddy gaat onverdroten verder met ondernemen. Samen met neef Reint is hij al langer eigenaar van Voerbedrijf Oostra. „We gaan naar veertien agrarische bedrijven in Zuidwest-Drenthe en leveren precies de hoeveelheid mengvoer aan die de boer wenst, zeven dagen per week”, vertelt Freddy enthousiast.
Teeltbegeleiding
Toen Wiebe Lamsma van de Versnellingshoeve een keer langs fietste en ze in gesprek raakten, kwam het balletje aan het rollen. „Je moet toch wat met de grond doen, behalve het te verpachten. Ik sprak Gerjan den Dolder en die vroeg wat ik wilde: graan of Miscanthus (olifantengras) verbouwen. Zo kreeg ik teeltbegeleiding. Ik heb dan wel de middelbare landbouwschool in Meppel gedaan en weet wel een en ander van grond, maar als het op details aan komt, kan ik nog wel wat leren”, besefte Freddy.
Nu nog melkveehouder Freddy Oostra uit Wapse bij zijn met graan ingezaaide akker: 'Komende zomer kan dat worden geoogst - het is een lange teelt - dan wordt het gezeefd en ontstoft en kan het stro worden gebruikt voor isolatie.' Foto: Artizzl Media / Peter Nefkens
„Ik heb in november wintertarwe ingezaaid op drie hectare grond. Komende zomer kan dat worden geoogst - het is een lange teelt - dan wordt het gezeefd en ontstoft en kan het stro worden gebruikt voor isolatie. Dit is een mooi lokaal project en ik hoop regionale bouwbedrijven voor dit product te interesseren”, legt Freddy uit. De eerste oogst wordt gebruikt voor het isoleren van het pand van Versnellingshoeve ’t Kiemt in Frederiksoord, wat weer het startpunt moet zijn voor meer activiteiten op dit duurzame vlak. Een sprong in het diepe, maar de 45-jarige Freddy is niet bang voor een uitdaging.
Ondergewaardeerd product
Volgens de inwoner van Wapse is graan een ondergewaardeerd product in Nederland. „Het wordt vooral geïmporteerd, maar heeft zeker potentie in Nederland. Er zijn weinig meststoffen voor nodig, nauwelijks bestrijdingsmiddelen en als je het stro ervan ook nog kunt verwaarden, is dat toch helemaal mooi?” De keuze voor wintertarwe was snel gemaakt. „Dat is het meest geschikt voor isolatie, spelt en rogge zijn vooral bedoeld voor de voedingsindustrie.” Het stoort hem dat veel graan nog steeds uit het buitenland wordt gehaald. „Maar ja, dat heeft met de prijs te maken. De kosten zijn hier heel hoog, daar gaat dit land nog eens aan ten onder.”
Gebiedscoöperatie Zuidwest-Drenthe
Freddy heeft zich de afgelopen periode goed georiënteerd alvorens de stap naar biobased werd gezet. Het bracht hem bij meerdere bijeenkomsten over duurzame landbouw, er waren gesprekken, onder meer met de Gebiedscoöperatie Zuidwest-Drenthe, en hij leerde vooral over de mogelijkheden die de korte keten biedt. „Het is voor mij een transitiejaar en kijken wel hoe het allemaal past. Het betekent zeker een risico, maar dat ik lokaal bezig kan zijn, vind ik mooi. Bovendien moet deze markt nog groeien. In 2030 moet 30 procent in de bouw biobased zijn, maar ik heb het idee dat bouwers voor bijvoorbeeld isolatie nog steeds liever producten als Rockwool gebruiken. Het nieuwe moet zich nog bewijzen.” Freddy denkt volgend jaar wellicht van drie naar tien hectare wintertarwe te kunnen groeien.
Het is wel de bedoeling dat op het terrein van de familie Oostra straks nog weidekoeien te vinden zijn, Freddy noemt dat hobbymatig. „Ik wil nog wel graag wat vleesvee. Het stro dat niet wordt verkocht, kan ik dan weer in de eigen potstal gebruiken. Dan heb ik bovendien eigen mest voor op het land.”