De stoet voor de onthulling van het KNIL-monument wordt bij de begraafplaats in Bovensmilde ontvangen met een stil protest. Foto: Rens Hooyenga
In Assen, Bovensmilde en Hooghalen zijn zaterdag monumenten onthuld voor KNIL-militairen. Maar niet heel de Molukse gemeenschap is daar blij mee. In Bovensmilde en Assen was een stil protest met vlaggen en spandoeken.
Bij de ingang van de begraafplaats in Bovensmilde staat een groep Molukkers met spandoeken en vlaggen van de Vrije Republiek der Zuidmolukken (RMS). Ze houden een stil protest als de stoet van de stichting Molukse KNIL-graven Assen en Midden-Drenthe aankomt bij het kerkhof waar veel Molukse militairen van het voormalig Koninklijk Nederland Indisch Leger hun laatste rustplaats vonden. De stichting wil ter nagedachtenis aan deze KNIL-militairen én hun vrouwen een monument onthullen.
Het KNIL-logo op een van de graven in Bovensmilde. Foto: Rens Hooyenga
Binnen de Molukse gemeenschap valt dat niet overal in de goede aarde. De harde RMS-aanhang vindt het maar niets dat de gemeenten Assen en Midden-Drenthe de monumenten in Assen, Bovensmilde en Hooghalen mogelijk maakten en financierden met 100.00 euro. De stichting Molukse KNIL-graven liet de monumenten maken, evenals de KNIL-logo’s voor op de grafstenen. Beide gemeenten kenden in 2023 de KNIL-graven een bijzondere status toe, ze zijn vrijgesteld van grafrechten.
Landelijke eerbetoon
De gemeenten, met beide een grote Molukse gemeenschap binnen de grenzen, laten zich van hun goede kant zien zou je denken. Wat is daar nu mis mee? ,,Het gebaar lijkt goed, maar het is een gemeentelijk initiatief. We vinden dat er een landelijk eerbetoon voor de KNIL-militairen moet komen. Het lokale karakter doet geen recht aan de historische achtergronden en redenen van de komst van de Molukkers naar Nederland. De gemeenten speelden daarbij geen enkele rol, de gedwongen overtocht was een besluit van de Nederlandse Staat”, zegt Otto Tatipikalawan van de werkgroep RMS Assen-Bovensmilde.
De Molukse vlag bij een stil protest. Foto: Rens Hooyenga
,,De KNIL-militairen zijn met hun gezinnen in 1951 onder valse voorwendselen naar Nederland gehaald en bij aankomst direct ontslagen. Ze zouden zes maanden in Nederland blijven en dan terugkeren naar Indië. Hun koffers stonden klaar voor de terugreis. Maar dat is nooit gebeurd en deed veel pijn. Nu liggen ze hier begraven in plaats van op de Molukken.”
De werkgroep van Tatipikalawan roept de Nederlandse regering op tot een landelijke regeling voor de grafrechten van KNIL-graven en eist excuses van de Nederlandse regering aan de Molukse gemeenschap voor het onrecht en leed als gevolg van de ‘deportatie’ van de Molukse bevolking naar Nederland. De RMS-werkgroep is een handtekeningenactie gestart en heeft er volgens Tatipikalawan inmiddels 3500 opgehaald.
Het onthulde KNIL-monument in Bovensmilde. Het schip herinnert aan de komst per boot van de KNIL-militairen en hun gezinnen in Nederland in 1951. Foto: Rens Hooyenga
Het protest was stil en waardig en verstoorde de onthulling van het KNIL-monument niet. Carel Mauwa en wethouder Jan Schipper van Midden -Drenthe trokken een wit doek met sarongs van de Molukse eilanden weg voor het beeld.
,,Dat had mijn vader moeten doen. Dit monument komt 75 jaar na dato, dat is natuurlijk veel te laat”, zegt Mauwa. Het monument bestaat uit een zwarte marmeren pilaar voorzien van Moluks-Maleise tekst, het KNIL-logo en twee kruidnagels. Kruidnagel en nootmuskaat waren de reden waarom de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) naar Indië voer en het koloniseerde.
Kei in Hooghalen en Westerbork
Behalve in Bovensmilde zijn zaterdag ook soortgelijke monumenten onthuld in Assen en Hooghalen. In Hooghalen is ook een kindermonumentje geplaatst, bestaande uit een Drentse kei met inscriptie. Op het kerkhof in Hooghalen zijn 81 Molukse kinderen begraven. Zij stierven vroeg mede door de slechte omstandigheden in woonoord Schattenberg, het voormalige kamp Westerbork, waar in 1951 KNIL-militairen en hun gezinnen werden ondergebracht. De kindersterfte was hier bijzonder hoog.
In Hooghalen werd ook een KNIL-monument onthuld Eigen foto
Op de begraafplaats in Westerbork is ook een kei met inscriptie geplaatst ter nagedachtenis aan zeven jonggestorven Molukse kinderen en de echtgenote van een Molukse KNIL-militair. Zij verbleven niet in Schattenberg, maar in het kleinere kamp Pieterberg in Westerbork.