V.l.n.r.: Leonie Tuparia, Mietji Hully en John Matahelumual bij een van de Molukse KNIL-graven op begraafplaats De Boskamp in Assen. Foto: Harry Tielman
Begraafplaatsen in Assen, Bovensmilde en Hooghalen krijgen een monument om de Molukse KNIL-militairen die er begraven liggen, te gedenken. Daarmee moeten de voormalige KNIL-ers alsnog erkenning krijgen voor hun militaire inzet voor Nederland.
„Het gaat om onze vaders, opa’s en hun partners”, zegt Mitji Hully (72) uit Bovensmilde, bestuurslid van de Stichting Molukse KNIL-graven Assen en Midden-Drenthe. Erkenning, daar gaat het om, vindt medebestuurslid Léoni Tuparia (49) uit Groningen. „Erkenning voor wat deze opa’s hebben gedaan voor de Nederlandse vlag. Dat dit er nu pas komt, vind ik schandalig. Zij zijn hier niet zomaar naartoe gekomen.”
‘Vaders, opa’s en partners’
De stichting is opgericht om de belangen te behartigen van de graven waar Molukse militairen uit het voormalige Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL) en hun partners te ruste liggen. Zij liggen begraven op De Boskamp in Assen, in Bovensmilde en Hooghalen.
De laatste rustplaatsen hebben een bijzondere status, omdat de gemeenten Assen en Midden-Drenthe de grafrechten voor onbepaalde tijd hebben verlengd. Nabestaanden kunnen de grafrechten eventueel overdragen aan de stichting. Die wordt dan rechthebbende, zodat er altijd een partij is die voor het graf verantwoordelijk is.
Maar de stichting wil ook het verhaal van de Molukse KNIL-ers vertellen. Op zaterdag 20 september worden op de begraafplaatsen monumenten onthuld om de voormalige militairen te gedenken. Voor deze activiteiten kreeg de stichting 50.000 euro van zowel Assen als Midden-Drenthe.
Ook worden insignes gemaakt voor op de graven, zodat duidelijk wordt dat daar een voormalig KNIL-militair begraven ligt. Op de begraafplaatsen van Hooghalen en Westerbork komt een speciaal kindermonument, ter nagedachtenis aan de kinderen die omkwamen in Woonoord Schattenberg, het voormalige Kamp Westerbork. Een deel van de Molukkers werd daar in de jaren 50 in barakken gehuisvest. De leefomstandigheden waren erbarmelijk.
Leonie Tuparia, Mietji Hully en John Matahelumual willen het verhaal van Molukse KNIL-militairen vertellen. Foto: Harry Tielman
Zuil en bronzen schip
De voormalige KNIL-militairen werden in 1951 uit noodzaak overgebracht naar Nederland. De militairen vochten tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog aan de kant van Nederland. Nadat Indonesië onafhankelijk werd, was het voor de KNIL’ers te gevaarlijk om in hun nieuwe land te blijven. Bovendien riepen ze in 1950 hun eigen staat uit, Republik Maluku Selatan (RMS).
De monumenten krijgen de vorm van een zuil. Boven op de zuil komt een miniatuur van een bronzen schip, symbolisch voor hoe de Molukkers in 1951 naar Nederland zijn overgebracht. „De zuil staat voor het sterke fundament dat onze ouders en grootouders hier hebben neergezet”, zegt stichtingsvoorzitter John Matahelumual (55) uit Assen.
Verzwijgen RMS
Uit de Molukse gemeenschap in Assen en Bovensmilde klonk eerder kritiek op de plannen. De stichting zou het uitroepen van de RMS bewust onbenoemd laten op de monumenten. Volgens een deel van de Assenaren en Smildegers van Molukse afkomst wordt daarmee de politieke geschiedenis verzwegen.
Het stichtingsbestuur ziet dat anders. „Wij ontkennen de RMS of haar bestaan niet”, zegt Matahelumual. „Sterker nog, wij komen eruit voort. Onze vaders en grootvaders hebben voor de RMS gestreden. Ontkennen zou geschiedvervalsing zijn.”
Maar, zegt hij: „De monumenten zijn geen eerbetoon aan de RMS, maar aan de KNIL-militairen. Om te herinneren welk leed hun is aangedaan, zoals de kille ontvangst in Nederland en de leefomstandigheden in de kampen.” Op de monumenten komt een QR-code naar een website, zeggen de bestuursleden. Daar wordt volgens hen wel het verhaal over de RMS verteld.
‘Cirkel is rond’
Mogelijk komt er vanaf volgend jaar een jaarlijkse herdenking. De bestuursleden zijn blij dat de monumenten er straks staan „Jarenlang hebben de KNIL-ers gevochten voor erkenning”, zegt Matahelumual. „Die wordt hen nu postuum opgespeld. De cirkel is rond.”