De politie doet onderzoek op de plek waar het lichaam van de fietser is gevonden. Foto: Persbureau Meter
Mateusz H., de Pool die wordt verdacht van het doodrijden van een 60-jarige wielrenner uit Smilde in november afgelopen jaar, dacht dat hij een dier had geraakt. Dat zegt zijn advocaat Michel de Klerk.
H. verscheen donderdag voor de Internationale Rechtshulpkamer in de rechtbank in Amsterdam, omdat Polen om zijn uitlevering heeft gevraagd. De 33-jarige man is in Polen eerder veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf voor het bezit van of de handel in softdrugs. De straf was aanvankelijk voorwaardelijk, maar omdat de man zich niet hield aan de voorwaarden van de reclassering, moet hij de straf alsnog uitzitten.
De Klerk bepleitte in de Amsterdamse rechtbank dat de Pool, die momenteel vastzit in Veenhuizen, niet moet worden uitgeleverd. Als reden voerde hij aan dat er grote zorgen zijn over de detentieomstandigheden in Polen. Dit naar aanleiding van een onderzoek door het Europees Comité voor de Preventie van Foltering en Onmenselijke Behandeling of Bestraffing (CPT).
Ook wees De Klerk de drie rechters op de strafzaak die in Nederland loopt naar aanleiding van de fatale aanrijding met de wielrenner. „Mijn indruk is dat de zaak hier dermate belangrijk is, ook voor nabestaanden, dat die voorrang moet krijgen”, aldus de advocaat. „Een afgrijselijke zaak”, voegde hij eraan toe, terwijl Mateusz H. naast hem zat te knikken. Een tolk vertaalde alles voor de Poolse man.
Donkere asfaltweg
Op de avond van 13 november werd de 60-jarige wielrenner rond 22.30 uur door zijn familie als vermist opgegeven, nadat hij niet thuis was gekomen van een rondje op de racefiets. Een aantal uren later werd zijn lichaam gevonden in een droge sloot langs de Boerenlaan, een smalle, donkere asfaltweg in het buitengebied van Smilde. Hij bleek eerder op de avond te zijn aangereden, maar van de dader ontbrak elk spoor.
Omdat er ook een autospiegel lag en de politie camerabeelden uit de omgeving bekeek, kon de auto de volgende dag worden getraceerd. Hij stond bij een bedrijf in Beilen, waar M. en zijn verloofde aan het werk waren. Daar werden ze beiden aangehouden. De twee woonden in het Pipodorp bij het voormalige Speelstad Oranje, waar veel meer arbeidsmigranten wonen.
Mateusz H. heeft verklaard dat hij die avond zelf reed en dat zijn partner naast hem zat, zegt De Klerk. „Hij ontkent dat hij wat gebruikt of gedronken had. Hij heeft wel gemerkt dat hij iets raakte.” Het stel, dat volgens de advocaat vermoedde dat het om een dier ging, is ook uitgestapt. „Maar ze konden niks vinden, alleen wat glas.”
Vrouw geen verdachte meer
De twee werden na een paar dagen voorarrest vrijgelaten in afwachting van verder onderzoek. H. werd meteen weer opgepakt vanwege het uitleveringsverzoek van Polen. De 33-jarige vrouw is inmiddels geen verdachte meer, laat een woordvoerder van het Openbaar Ministerie Noord-Nederland weten. Verder wil hij niks kwijt, omdat het onderzoek nog loopt. „Mijn cliënt heeft verklaard dat hij reed”, aldus De Klerk.
De man wordt verdacht van het veroorzaken van een dodelijk ongeluk en het verlaten van de plaats van het ongeval. Zijn verloofde is inmiddels terug naar Polen.
De Internationale Rechtshulpkamer zit in de Amsterdamse rechtbank. Foto: ANP
H. zat er in de rechtbank Amsterdam ogenschijnlijk monter bij in zijn zwart-wit geblokte jas met daaronder een grijze joggingbroek. Hij woont en werkt volgens zijn advocaat al meer dan vijf jaar in Nederland. „Net als velen is hij het wat grimmige land Polen ontvlucht.”
De zaak waarvoor hij daar is veroordeeld, is een stokoude zaak, waar de man zelf niets van wist. „Toen hij daarvoor werd opgepakt, woonde hij nog bij zijn ouders. Daar ging later de post over de rechtszaak en het vonnis ook naartoe, maar toen had hij geen contact meer met ze.”
‘Poolse autoriteiten corrupt’
„Ik was 17 destijds. Alles wat de Poolse autoriteiten over die zaak zeggen is niet waar. Ze zijn corrupt”, aldus de Mateusz H. in zijn laatste woord. „Ik zou mijn Poolse straf liever hier in Nederland willen uitzitten.”
De Amsterdamse officier van justitie zei nog geen informatie te hebben over het onderzoek naar de dodelijke aanrijding in Noord-Nederland. „Maar als ik afga op wat de advocaat zegt, kan dat ongetwijfeld een beletsel zijn voor uitlevering.”
Wanneer het onderzoek naar het ongeluk in Smilde is afgerond, is nog niet bekend. Op 30 januari doet de Internationale Rechtshulpkamer uitspraak. Daarin worden de detentieomstandigheden meegewogen, vertelde de voorzitter. „Daar heeft de rechtbank zorgen over.”