Vroegere Threant-bezoekers Henk ten Oever, Harry Tijms en Wim Joosten (vlnr.) halen herinneringen op. Foto: Gerrit Boer
Jeugdsoos Threant in Beilen is voor veel ‘oudere jongeren’ uit die plaats een plek waar ze in hun tienerjaren regelmatig kwamen. In de jongerenboerderij waren concerten, filmavonden en tal van andere activiteiten. Op een begrafenis eerder dit jaar ontstond het idee voor een reünie. Tijd om herinneringen op te halen.
„Ik weet nog dat we vergaderden bij dominee Pomp thuis. We zaten met z’n allen op de grond. Er waren te weinig stoelen”, lacht Henk ten Oever (72). De oud-journalist uit Westerbork die opgroeide in Beilen, was betrokken bij de oprichting van jeugdsoos Threant. In 1970 kreeg die een plek in een oude vervallen boerderij aan de Eursingerweg.
„Ik heb wel eens gedacht: stel dat dominee Pomp er niet was geweest was, zou er dan ooit een jeugdsoos in Beilen zijn gekomen?” vraagt oud-bestuurslid Wim Joosten (67) die tegenover hem zit. Nee, denken ze allebei.
Koffiebar
Eind jaren 60 wil een groep jongeren in het dorp een plek om elkaar ’s weekends te ontmoeten, zonder toezicht van hun ouders. Ten Oever: „In sommige plaatsen in Drenthe waren al jongerencentra. Koffiebar Tin Pan Alley in Emmen was ons grote voorbeeld. We wilden ook popconcerten organiseren. In Beilen was haast niks te doen. We hadden één coverband in het dorp, The Tender Tunes. Die trad ongeveer één keer per jaar op en dat was het wel zo’n beetje.”
De verzuiling speelt ook in Beilen op dat moment een grote rol. Kerkgangers en ‘openbaren’ gaan nauwelijks met elkaar om en onder de gelovigen is een strikte scheiding tussen de Nederlands hervormden en de gereformeerden. Roel Pomp is van 1967 tot 1973 dominee in de hervormde kerk. Hij raakt in gesprek met de jongeren van de verschillende gezindten en helpt ze, als een soort jongerenwerker, op weg. „Hij was de inspirerende kracht, een vernieuwer”, zegt Ten Oever.
De eerste jeugdboerderij aan de Eursingerweg. Foto: archief Henk ten Oever
De gemeente is bereid om tijdelijk een oude boerderij aan de Eursingerweg beschikbaar te stellen. Die staat op de nominatie voor de sloop, want de bouw van een sporthal - de huidige Drenthehal - staat op de planning. Op 31 oktober 1970 opent burgemeester Beckeringh van Rhijn Threant. „Het was er stervenskoud op de deel. We hadden heteluchtkanonnen, maar die deel was haast niet te verwarmen”, herinnert Ten Oever zich. In de koude maanden regelt Pomp steevast een heteluchtkanon bij melkfabriek DOMO. Die haalt hij vrijdag op met zijn auto en brengt hem maandag terug. „Toen onze koffiebar na een opknapbeurt in voorhuis in werd geopend, werd de koude deel haast niet meer gebruikt.”
Cassis met alcohol
Het is dan 1971. Met de komst van de koffiebar verdrievoudigt de omzet en neemt ook het aantal bezoekers flink toe. De jeugdboerderij is een vrijplaats, waar ook wordt gedronken en geblowd. Het is de tijd van seks, drugs en rock-’n-roll. Dat dominee Pomp geregeld in de soos te vinden is, wordt hem in de kerk niet in dank afgenomen. „Hij is erom verketterd en uiteindelijk weggepest. Ze vonden hem veel te vrijzinnig”, zegt Ten Oever. „Er ontstonden ook praatjes in het dorp dat de koffiebar een drugshol was. Tja, wie blowde niet in die jaren.”
De entree van de boerderij aan de Eursingerweg. Foto: archief Henk ten Oever
„Op zich was dat in de soos helemaal niet zo’n grote groep, maar softdrugs was bij ons wel toegestaan. Harddrugs niet”, reageert oud-bestuurslid Harry Tijms (68). „De koffiebar was eerst ook nog alcoholvrij. Het drinken van alcohol is gek genoeg begonnen met cassis. Hier in het dorp zat limonadefabrikant De Bron. Daar haalden we onder andere cassis. Maar op één of andere manier ging er soms wat mis in het productieproces en dan vergistte het goedje, waardoor er alcohol in kwam. We schonken dus alcoholhoudende cassis in de koffiebar! Ik heb zelf lang achter bar gestaan in de latere boerderij aan de Reigerlaan.”
Joosten: „Daar was ook maar een klein groepje dat blowde. In die tijd kwamen er ook wel eens dealers van harddrugs, maar die werden meteen weggestuurd. Dat wilden we niet.” De Beilenaar is, net als plaatsgenoot Tijms, als bestuurslid alleen betrokken geweest bij de boerderij aan de Reigerlaan, die in januari 1973 de deuren opende. Het eerste onderkomen van Threant aan de Eursingerweg mocht van de gemeente worden gebruikt tot in het voorjaar van 1972. Kort voordat de boerderij werd gesloopt, ging het pand in vlammen op. De oorzaak is nooit achterhaald.
‘Andere hygiënestandaard’
Ten Oever is tot in 1975 betrokken bij Threant. „Wat ik mij van de nieuwe boerderij herinner, is dat we geweldige popconcerten hebben gehad van bands als Supersister met Robert Jan Stips, Lucifer met Margriet Eshuijs, Livin’ Blues, Q65… De topbands van die tijd kwamen naar Beilen.”
Optreden van de band Boozy in 1978. Foto: archief Harry Tijms
Threant kampt aanvankelijk wel met ruimtegebrek in het nieuwe onderkomen, dat de jongeren onder meer moeten delen met een peuterspeelzaal. Geen gelukkige combinatie. Tijms: „Een jongerensoos heeft een andere hygiënestandaard dan een peuterspeelzaal. Dus daar was nogal eens strijd over na het weekend. Wij hadden in het begin alleen de koffiebar bovenin het pand. Beneden was een veel grotere ruimte, maar die was niet van ons. Af en toe konden we er een discoavond houden, maar verder niet. Ondertussen puilde de koffiebar steeds verder uit.”
Als de peuterspeelzaal een ander onderkomen vindt, kunnen de jongeren standaard gebruikmaken van de grote ruimte beneden. „Dat betekende dat we konden groeien”, vertelt Tijms verder. „Maar omdat wij sinds de verhuizing naar de Reigerlaan onderdeel waren van Stichting Jeugdwerk Beilen, moesten we alle winst die we maakten, afdragen aan die stichting. We wilden het geld houden, zodat we verder konden groeien.”
Op eigen benen
Dat lukt uiteindelijk; Threant wordt steeds zelfstandiger en groter. Er ontstaan binnen de soos groepjes jongeren die zich bezighouden allerlei activiteiten, zoals schaken, het maken van zeefdrukken en fotografie. De soos krijgt daarvoor een eigen donkere kamer. Ook worden er filmavonden, quizzen, politieke avonden, excursies en jamsessies georganiseerd. De discoavonden zijn ook enorm populair. Jongeren uit de wijde omgeving komen daar op af. Discotheken als Skopje zijn er nog niet. Joosten: „Aan die avonden verdienden we veel meer dan aan concerten: dan werd er minder gedronken, omdat mensen naar de muziek luisterden.”
Het latere onderkomen, de boerderij aan de Reigerlaan. Foto: archief Henk ten Oever
Als Skopje elders in het dorp de deuren opent, wordt het bezoekersaantal minder. Veel vrijwilligers en één van de dj’s kunnen bovendien daar aan de slag. Tien jaar na de opening sluit de gemeente de boerderij aan de Reigerlaan; het zou niet meer brandveilig zijn. Boze jongeren kraken het pand, waarna de soos nog een tijdje verder gaat onder de naam Outcast. Stroom wordt afgetapt bij de buren en later verkregen via een aggregaat. Joosten is één van de laatste bezoekers. „Wij voelden ons outcasts op dat moment, vandaar de naamsverandering”, legt hij uit. In 1986 gaat ook deze boerderij in vlammen op.
Grote reünie
Als één van de vaste soosbezoekers eerder dit jaar overlijdt, komen anderen elkaar tegen op haar uitvaart. Daar komt het gesprek op gang om een reünie te organiseren. Er wordt een organisatie gevormd, waar onder anderen Joosten en Tijms deel van uit maken.
De feestelijke bijeenkomst is zaterdag bij café De Cerk in Beilen. Tijms: „Er komen mensen die tegenwoordig in Den Haag, Hengelo en bovenin Groningen wonen. Joosten: „Zelf iemand uit Zwitserland.” „Verschillende reüniebezoekers blijven ook overnachten hier in de buurt. Het wordt een hele happening”, lacht Tijms.
Hij heeft speciaal voor de bijeenkomst bandopnames van popconcerten bij Threant op een cd gezet om aan de reüniebezoekers te laten horen. Verder treden onder meer bandjes op die zijn ontstaan tijdens jamsessies in de soos en is er een quiz. Oud-dominee Pomp, 92 jaar oud inmiddels, komt om gezondheidsredenen niet naar Beilen. Maar meer dan honderd oud-bezoekers van Threant hebben zich wél aangemeld. Ten Oever: ,,Als je ruim vijftig jaar na de oprichting zoveel mensen bij elkaar weet te krijgen, dan heeft die boerderij dus wel iets betekend. Dat vind ik echt heel bijzonder.”