Zo komt Ogterop er na de vernieuwbouw uit te zien. Voorlopig is het publiek in Meppel en omstreken aangewezen op alternatieve locaties. Beeld: DVHN
De chaos die ontstaan is rondom de vergunningen van meerdere ‘uitwijklocaties’ van schouwburg Ogterop lijkt langzaam opgelost te worden. Dat laat burgemeester Arjen Maathuis weten. De Vegafabriek en ME productions hebben hun papierwerk inmiddels weer op orde. Ook de activiteiten in De Plataan kunnen medio april weer van start.
Een groot probleem? Zo wil burgemeester Arjen Maathuis de situatie met de vergunningen niet omschrijven. „Dat ziet de gemeente echt anders. Dit is een situatie die tijdelijk is: de getroffen activiteiten moeten allemaal doorgang kunnen vinden, mits het papierwerk op orde is.”
Wat is er aan de hand
Tijdens de verbouwing van Ogterop zijn er films en voorstellingen in De Plataan. Daarnaast wordt uitgeweken naar de Vegafabriek, de ME Studio en de Grote of Mariakerk. Probleem is: deze locaties hebben niet de juiste vergunningen om de voorstellingen van Ogterop over te mogen nemen. Ook andere evenementen, die eerder met een evenementenvergunning werden goedgekeurd, mochten bij deze locaties niet meer plaatsvinden. De podia moesten aan de slag met een omgevingsvergunning (BOPA).
„We zijn al een tijd met de Vegafabriek, ME productions en de Grote of Mariakerk in gesprek over deze situatie”, zegt burgemeester Maathuis. „Laat ik het zo zeggen: deze situatie is niet vandaag opeens ontstaan. We hebben al meerdere keren het verzoek bij de initiatiefnemers neergelegd om de omgevingsvergunning op orde te krijgen. Dat gebeurt niet. Wanneer er dan een handhavingsverzoek bij ons komt te liggen, moeten wij ook daadwerkelijk gaan handhaven.”
BOPA
Een evenementenvergunning is namelijk bedoeld voor incidentele activiteiten, legt Maathuis uit. Wanneer die activiteiten elk jaar plaatsvinden ontstaat een structurele situatie, waardoor een evenementenvergunning niet meer afdoende is.
Kort nadat het gemeentebestuur aankondigde te gaan handhaven, zijn de Vegafabriek en ME productions over de brug gekomen. Beide locaties hebben een aanvraag ingediend voor een ontvankelijke BOPA. Daardoor kunnen de evenementen op die locaties nu weer doorgaan. „Daar ben ik uiteraard heel blij mee”, zegt Maathuis. „We willen dit soort culturele activiteiten faciliteren, maar de juridische grondslag moet wel kloppen.”
De Plataan
In de Plataan, die in gemeentelijk bezit is, liggen momenteel nog twee activiteiten stil. Dit gaat om het filmhuis en de pilateslessen van docent Carla Nijland. Het was vrijdag toen Nijland werd gebeld door een ambtenaar van de gemeente Meppel. Ze kreeg te horen dat haar contract werd stopgezet en dat ze haar lessen in De Plataan in Meppel niet mocht vervolgen. Die lessen zijn op deze locatie niet toegestaan.
„Het zou gaan over dat pilates een sport is en geen dans”, zegt Nijland. „Daarom konden we de balletzaal niet gebruiken dus moesten we een plekje vinden in de sporthal.” Maar, stelt Nijland, dat klopt helemaal niet: „Pilates is geen sport. Ik betaal namelijk 21 procent btw omdat pilates dans is. Als het een sport zou zijn, betaalde ik negen procent btw.”
De burgemeester is in gesprek gegaan met de pilatesdocente. De uitkomst: de gemeente heeft mogelijk iets te snel gehandeld. „Ik steek de hand ook in eigen boezem. We gingen af op de informatie die De Plataan ons gaf, en daarin stond dat het geklasseerd was als sportactiviteit. Na het gesprek met Nijland zie ik dat haar lessen meer als dans zijn ingericht.”
Medio april
Zowel het Filmhuis als de pilateslessen kunnen medio april weer doorgang vinden: dan verwacht de gemeente haar eigen boekhouding weer op orde te hebben. Mogelijk zouden de pilateslessen, met de betere beschrijving, al eerder weer plaats kunnen vinden, is de verwachting van het college. „We hadden de situatie bij het Filmhuis eerder moeten constateren, maar dat is niet gebeurd”, zegt de burgemeester. „Als we met de vinger naar andere ondernemers wijzen, moeten we ook het papierwerk bij onszelf op orde hebben.”
Van een culturele kaalslag wil de burgemeester dan ook echt niet spreken. „Het college staat pal voor een cultureel bruisend Meppel. Wij willen echt helpen waar het kan.”