Jacqueline Zomers werd dit jaar leidinggevende van het crematorium in Emmen. Foto: Boudewijn Benting
Tientallen jaren werkte Jacqueline Zomers (56) uit Odoorn in hotels. Tot ze dit voorjaar koos voor een baan bij het crematorium in Emmen. „Het is zo fijn om na al die jaren weer nieuwe dingen te leren.”
Als meisje van 12 wist Jacqueline Zomers al heel goed wat ze later wilde: een eigen hotel. ,,Met mijn ouders en mijn broer Jeroen gingen we geregeld uit eten bij hotel Ten Cate in Emmen. Ties ten Cate was daar toen de hotelier en de manier waarop hij de zaak runde, sprak me heel erg aan. Dat wilde ik later ook!’’
Het lukte. Na bij meerdere horecabedrijven ervaring te hebben opgedaan, opende Zomers in 2001 in haar woonplaats haar eigen hotel, Lubbelinkhof.
Afgelopen voorjaar, bijna een kwart eeuw later, deed Zomers iets wat veel mensen juist niet hadden zien aankomen. Ze werd leidinggevende van het crematorium in Emmen. ,,Toen ik de vacature op Linkedin zag, dacht ik meteen: dat is interessant. Na zo’n 35 jaar in de hotelwereld leek het me heel fijn om weer nieuwe dingen te leren. En de uitvaartbranche sprak me aan. Het gaat echt ergens over, je hebt te maken met diepe emoties. Het is heel waardevol om mensen in zo’n periode te begeleiden en te helpen.”
Overlijden vader
Zelf verloor Jacqueline Zomers toen ze 34 was haar vader Henk Zomers. Hij was in Zuidoost-Drenthe een bekende bouwondernemer, was onder meer nauw betrokken bij de verbouw van het stadion van FC Emmen.
Hij overleed geheel onverwacht, op 59-jarige leeftijd. ,,Mijn vader was een zakenman met een groot sociaal hart. Een man ook zonder poeha. Ik word er nog altijd op aangesproken. Of ik dat plezierig vind? Jazeker! Het is fijn om te merken dat mensen hem ruim twintig jaar na zijn dood nog niet vergeten zijn.’’
Jacqueline Zomers. ,,Er zijn zeker parallellen met de hotelwereld." Foto: Boudewijn Benting
Jacqueline Zomers en haar vader hadden een goede band, belden elkaar meerdere keren per dag. Ze hadden ook veel gemeen: niet stil kunnen zitten, altijd bezig zijn en kansen zien. Zelf had Jacqueline nooit de ambitie om ook te gaan werken in het in 1894 opgerichte bouwbedrijf.
De wereld van de hotels, dat moest het worden. Na de middelbare school ging ze naar de hotelschool. Voor haar stage vertrok ze naar Londen, waar zangeres Sinead O'Connor haar buurvrouw was.
Johan Cruijff
In haar woonplaats Odoorn had Zomers toen in hotel De Oringermarke al wat vlieguren gemaakt als vakantiewerker. ,,Ook in de periode waarin Johan Cruijff daar vanwege een trainingskamp met zijn FC Barcelona logeerde. Ik had het gevoel alsof ik de hele dag verse jus d' orange voor die spelers aan het persen was.”
Haar eerste echte baan was op Schiphol, bij hotel Dorint. ,,Ik had geluk. Daar liep een heel aardige directeur die me als een soort mentor het hele hotel liet zien en van alles liet doen.’’
Jacqueline Zomers in een centrale ruimte van het crematorium. "Maatwerk wordt steeds belangrijker, het persoonlijke." Foto: Boudewijn Benting
Daarna werd Zomers, die inmiddels ook een opleiding marketing en communicatie had gevolgd, manager van restaurant De Toerist bij Zwolle. Vervolgens kwam ze weer terecht bij De Oringermarke in Odoorn en daarna bij De Giraf in Emmen.
De droom om zelf een hotel te hebben, kwam uit in Odoorn. Een oude boerderij die haar vader had gekocht van weduwe Lubbelinkhof werd zo verbouwd en uitgebreid dat er een luxe hotel ontstond voor het hogere segment. In 2015 viel het doek, vanwege tegenvallende resultaten en privéomstandigheden.
Paralellen
Zomers zat niet bij de pakken neer en ging verder, dit keer in loondienst. Eerst bij verschillende Fletcher-hotels, daarna naar landgoed/hotel Fredeshiem in Steenwijk-de Bult en in 2023 naar landgoed en hotel Ehzerwold in Almen, vlakbij Lochem.
In Fredeshiem werden ook uitvaarten verzorgd en Zomers was daarbij betrokken. ,,Ik merkte dat ik dat fijn vond om te doen. Een uitvaart moet perfect verlopen, nabestaanden moeten ondanks het verdriet daar een goed gevoel aan overhouden. Dat het gegaan is zoals zij graag wilden.”
Jacqueline Zomers. "Soms zijn er nabestaanden die meewillen naar de oven. Ook dat kan." Foto: Boudewijn Benting
Toen Zomers de vacature van het Emmer crematorium zag, was de keus dan ook snel gemaakt. Ook omdat Zomers graag wel weer wat dichter bij huis wilde werken. ,,Er zijn mensen die het niks lijkt, omdat je met de dood bezig bent. Maar dat is natuurlijk maar een deel van het verhaal. Je bent vooral met nabestaanden bezig. Er zijn zeker parallellen met de hotelwereld. Gastvrijheid is heel belangrijk, net als goed luisteren naar wat mensen echt willen. En daar vervolgens op een goede manier op inspelen.”
Taboe
Een van de taken van Zomers in haar nieuwe functie is om de gastvrijheid op een nog hoger niveau te brengen. ,,Maatwerk wordt steeds belangrijker, het persoonlijke. Willen nabestaanden na afloop verse krakelingen van een bepaalde bakker? Dan moeten wij zorgen dat die er zijn. Soms zijn er nabestaanden die meewillen naar de oven. Ook dat kan.”
Enige tijd na de crematie volgt de uitnodiging voor een gesprek over de bestemming van de as. ,,Daar trekken wij een uur voor uit. Ook om nog even samen terug te kunnen blikken.
Bij een open dag van het crematorium kwamen dit jaar zo’n 320 belangstellenden. Het toont volgens Zomers aan dat de dood steeds minder een taboe is. „Iedereen krijgt ermee te maken en het gaat zelden zonder heftige emoties. Aan ons de taak om samen met de uitvaartleider hier alles zo goed en naar wensen van nabestaanden te laten verlopen. Daar doen we alles voor. Want een uitvaart, die kun je nooit meer overdoen.”