Lamert Kieft döt verslag van de gebeurtenissen in zien woonplaots, argens in Zuudwest-Drenthe. Beeld: Coen Berkhout | Midjourney
In de plaatsenlijke courant De Heidepost verscheen een advertentie welke de aandacht trok van een zekere Hilbert Fictorie van Kluitenberg. ‘Gezocht dikbevleesde HUISDIEREN om op volkomen natuurlijke wijze op te voederen aan hongerige roofdieren in de DIERENTUINEN’, aldus de advertentie, gevolgd door een tel. nr. voor nadere info. Welke gebeld werd door Hilbert Fictorie.
„Ja, hier met Tiese Slagter even, Unie van Dierentunen en Zoo’s ofdieling Drenthe”, hoorde hij in de haak, „zegt ’t ies”, aldus dhr. Slagter. „Eh, heer Slagter, ’t is even met Hippe Fictorie”, aldus Hilbert Fictorie, „eh, ik laze oen adverteensie daj op zuuk bint naor huusdieren veur oen leeuwen en tiegers encetera, um op te vrèeten. Nou, ik hebbe nog wel ’n dikke katte veur oe; ja, een lummel heur, iene bonke vleis. Ie magt hum vergees hebben. Hej daor belang bij?”, wat welzeker het geval bleek.
Levendig veur de leeuwen
„Mar ik wil oe veuròf wel even waorskouen, Hippe”, aldus dhr. Tiese Slagter, „de mieste dierentunen geeft de op te voederen huusdieren eerst een spuitie, mar dat doede wij dus niet. Oenze Unie viendt dat volstrekt onnatuurlijk gedrag. As een leeuw of tieger in de vrije natuur een aander wild biest grep, een jong eulifantie of een zebra of zo wat hen, dan kump der eerst ok niet een veearts langs umme de prooi òf te spuiten. Dat zul mij daorzoot in de boesboes een mooie tegennatuurlijke bende worden, of niet dan, dat wij dondert oen katte levendig veur de leeuwen”, wat Hilbert Fictorie goed met deze eens was.
„N…nou, dat vien ik ok, Slagter heur”, aldus hij, daar er hem prompt allerhande realistische doch aangrijpende beelden op het netvlies verschenen, „a…aal dat on….onnatuurlijke gedoe, bah”, en Hilbert Fictorie thans in snel tempo volkomen overstuur dreigde te raken. „S…Slagter, is ‘t ok meugelijk da’k der bij binne as oenze katte, dommiet egrepen wordt deur veer, v…v..vief l…leeuwen en t…t..tie…tiegers en lekker op…oppekauwd…?”
Listen en lagen
Geharde lezers hebt vanzelf allang door dat hier een nieuwe doch zo mogelijk nog ontroerender hoofdstuk geschreven wordt in de tragische contriversio tussen Hilbert Fictorie en Herman, de kat van diens vrouw Griet. Daar Grietje Fictorie Herman in alles pleegt voort te trekken inzake lekkere hapjes, beste plekjes voor de buis en in de sponde, encetera encetera. Daar Hilbert Fictorie hier onderhand aardig flauw van is, beraamt hij div. listen en lagen om van Herman af te komen; zonder resultaat tot op heden.
Rodeo
„Ditmaol gung ’t ok weer mis, Jan”, aldus Hilbert Fictorie later op de dag aan de patateskraam van Jantinus Schut alhier, alias Jan Eulie in de dorpsmond. En aangeslagen verslag deed. Namenlijk dat de mensen van de Unie van Dierentuinen Herman de kat halen zouden komen, ‘toevallig’ net in de periode dat Grietje Fictorie een paar dagen bij haar zus in Rotterdam zijn zoude.
„Aanderdaags waren ze der al, Jan”, aldus Hilbert Fictorie, en ik wees ze waoras Herman lag te pitten, lekker op boeten. Afijn, die jongens gooiden Herman een schepnette aover de kop, mar ze gooiden gekvergimme mis. En Herman der vandeur vanzelf, mauwend en blaozend deur de tuun galopperend. En die jongens van Unie der achteran, te roepen en te zweeien mit ’t schepnettte. ’t Leek wel een rodeo van de cowboys, Jan”, aldus Hilbert Fictorie.
„Afijn”, vervolgde hij, „midden in die bende kwam iniens Griet de tuun in staampen; ik had mij hier en ginder een dag vergist. Die jongens van de Unie hebt ’t er net nog levendig van òf ebracht en ik kon drekt opdondern”, besloot Hilbert Fictorie. „’t Is mit oe ok altied ’t zelfde Hippe”, aldus Jan Eulie hoofdschuddend, „woj gauw even wat eten dan, veur de schrik?”