Voor de thuisbatterij van Jan Gorter (links) vertelt Dik Goorhuis over het veelbelovende experiment in Ansen. Gerrit Boer
Een veelbelovend experiment met een kleine dertig huishoudens in Ansen werpt een nieuwe blik op de thuisbatterij. Als particuliere accu’s gezamenlijk worden aangestuurd en mensen hun gedrag een beetje aanpassen, kan de ‘verstopping’ van het stroomnet snel worden verminderd.
Waar het kleine Ansen groot in kan zijn. Het dorp met zo’n 350 inwoners is op het gebied van verduurzamen haar tijd ver vooruit.
Wellicht niet vreemd dat partijen als de Hanze Hogeschool, de Technische Universiteit Eindhoven en Enexis meewerkten aan een proef met ‘geschakelde’ thuisbatterijen in juist dit dorp.
Na testen van verschillende scenario’s kwam daar een ideale middenweg uit. Of beter: een ‘tijdelijke vluchtstrook’ voor het stroomnet, omschrijft Dik Goorhuis van de lokale coöperatie EnergieKansen.
Deze vluchtstrook blijkt een snelle en efficiënte oplossing voor netcongestie: het overvol raken van het stroomnet. Het ging als volgt.
Negen batterijen en een ‘energieklok’
In 2022 meldden 26 huishoudens uit Ansen zich aan voor het experiment. Negen van hen kregen een thuisbatterij in bruikleen en werden samen met de andere proefpersonen uit het dorp in een groepsapp gezet. Tijdens een deel van het onderzoek werd ‘energieklok’ gedeeld, die met rode en groene uren aangaf wanneer er die week wel en juist niet stroom moest worden gebruikt in huis.
En na een kleine vier jaar slaat Goorhuis bijna achterover van de resultaten. De negen thuisbatterijen op het laagspanningsnet, waar huishoudens en kleine bedrijven van aftappen, zorgden voor een vermindering van 3,5 tot 6 procent op het middenspanningsnet, dat grotere gebieden en bepaalde industrie van stroom voorziet.
Op landelijke schaal zou dit kunnen betekenen dat er weer ruimte komt voor nieuwe aansluitingen op het overvolle net.
In Ansen lukte het met een slimme, centrale aansturing, tot op een uur nauwkeurig. Goorhuis: „Als er piekbelasting dreigde werden de batterijen opgeladen, waardoor het net minder zwaar werd belast. Voor de huishoudens die meededen, maakten we op die manier een soort vluchtstrook op het laagspanningsnet, waardoor er op de daadwerkelijke ‘snelweg’ - het middenspanningsnet - minder file ontstaat.”
De energieklok, waarmee proefpersonen in Ansen konden zien wanneer ze wel en juist niet stroom moesten verbruiken. Met de klok werden wekelijks verschillende scenario's getest, om de gevolgen voor het stroomnet en de huishoudens zelf te zien. Beeld: EnergieKansen
‘Perfecte manier om betrokken te raken’
Vaak werd gedacht dat oplossingen zoeken op het laagspanningsnet te weinig zou opleveren om het overvolle stroomnet te lijf te gaan. Ansen laat zien dat het wel degelijk nut heeft. „Het helpt enorm als mensen betrokken zijn”, meent Goorhuis. „En dit is daar de perfecte manier voor. Vaak kijken mensen naar partijen als Enexis, maar je kunt dus wel degelijk zelf iets doen tegen die congestie.”
Niet alleen had het stroomnet voordeel van de proef, de deelnemers zelf gebruikten tussen de 20 en 30 procent meer eigen zonne-energie. Hierdoor vallen zonnepanelen minder vaak uit en neemt de kans op storingen op het stroomnet af.
„Dit lijkt ons een nieuwe weg die de overheid moet onderzoeken. Want ja, het stroomnet moet verzwaard worden en dat kost miljarden. Maar met deze werkwijze heb je een sneller middel, dat minder kost”, becijfert Goorhuis.
Met het verdwijnen van de salderingsregeling (waardoor opgewekte zonnestroom terugleveren minder rendabel wordt), schatten experts dat er in 2030 ongeveer een miljoen batterijen in de Nederlandse woningen zullen hangen. Dat biedt dus kansen.
„Het enige wat deze opzet vraagt, is een eigen bijdrage als er stroom naar de accu moet terwijl de zon niet schijnt. In ons experiment kregen mensen dat vergoed. Als je deze opzet landelijk zou invoeren en compenseert met bijvoorbeeld 200 euro per jaar, kost dat 200 miljoen. Veel geld, maar niet zo veel als de miljardeninvestering die verzwaring van het net kost. Bovendien kan dit op korte termijn.”
Goorhuis vertelt het allemaal ‘op de deel’ van de grote boerderij van Jan Gorter. Hij is één van de negen Ansers met een accu in bruikleen. Hoewel hij in het begin sceptisch was, deed hij toch mee. En, hij kan niet anders zeggen, achteraf naar tevredenheid.
Zijn ‘stroomgedrag’ aanpassen voor de proef, kostte nauwelijks moeite, vertelt hij. „Het was soms even niet de wasmachine of de droger aanzetten. Dat was voor mij geen punt.”
Ook zaten er onder de proefpersonen enkele gezinnen met kinderen. Die konden zich niet altijd aan de energieklok houden. „Als het leven hectisch is, kun je wellicht niet altijd rekening houden met je stroomgedrag”, geeft Goorhuis toe. „Maar als ‘energiegemeenschap’ vang je veel gezamenlijk op. Het was geen probleem in deze pilot.”
Ansen heeft grote groene ambities
Ansen schuift de groene ambities niet onder stoelen of banken. De coöperatie EnergieKansen is daar sinds 2015 het toonbeeld van. Zo werd De Bastogne het eerste energieneutrale dorpshuis van Drenthe.
Ook verkende het dorp eerder al de mogelijkheden om de mest van de boeren in het dorp om te zetten in groen gas, om uiteindelijk heel Ansen aardgasvrij te maken. Het Rijk trok er in 2020 ruim 2 miljoen euro subsidie voor uit. Ook voor het Anser accuproject NO-GIZMOS-project telde het ministerie van Klimaat en Groene Groei geld neer.
De vraag is wat de resultaten van dit experiment betekenen in groter verband. Kunnen we met de geschatte honderdduizenden extra thuisaccu’s de jaren van het overvolle stroomnet achter ons laten?
„Uit de simulaties die zijn gedaan, blijkt dat de cijfers wel ‘aftoppen’”, stelt Goorhuis. „Het is niet zo dat als we dit overal zouden invoeren, het stroomnet níét meer verzwaard hoeft te worden. Nee, dat moet deels alsnog gebeuren. Maar met deze opzet wordt het stroomnet veel efficiënter gebruikt.”
‘Het Rijk is aan zet’
Maar met een serieuze landelijke strategie is er voor iedereen winst te behalen met een thuisbatterij. Goorhuis: „Nu is het nog de vraag of de accu’s zichzelf kunnen terugverdienen. Maar als het op andere vlakken bijdraagt en onze overheid daar wellicht wat in kan compenseren, is het nog veel interessanter. Het Rijk is aan zet, zij moet voorwaarden scheppen.”
Goorhuis bekijkt nu samen met EnergieKansen naar de vervolgstappen. In april en mei staan de eerste vooronderzoeken gepland, om te zien hoe de proef daadwerkelijk kan worden doorgevoerd in het dorp. Jan Gorter kijkt ernaar uit. „Ik zou graag meedraaien in het systeem, als de coöperatie het goed van de grond weet te krijgen.”
Daar is een managementsysteem voor nodig zoals Enexis uitrolde voor het experiment. Kan dat met de huidige privacyregels?
In een van de varianten die Goorhuis voor ogen heeft, moet zelfs de energiebelasting op de schop. „Want wat als we in een energiegemeenschap stroom aan elkaar willen leveren? Moet daar dan opnieuw over worden afgedragen? Zolang dat zo blijft, is het niet aantrekkelijk genoeg.”
Vragen voor later, zou je denken. Maar in Ansen speelt de toekomst zich nú af.