Nathan van Gelder was 12 jaar directeur van het Bevrijdingsfestival Drenthe. Foto: Jaspar Moulijn
Nathan van Gelder (65) moest twee jaar geleden terugkomen van een korte sabbatical om het Bevrijdingsfestival Drenthe opnieuw te redden. Hij redde, bouwde een fundament voor de komende edities en stopt nu echt. „Ik wil niet weer gevraagd worden.”
Hij heeft een broertje dood aan vergaderen, hij volgde „de school des levens” en hij betaalt nooit en te nimmer de volle mep. Hij begon veertig jaar geleden met twee dranktentjes tijdens het TT Festival, bestierde jarenlang 23 snacktentjes in het voormalige Oosterparkstadion in Groningen en draaide op z’n hoogtepunt zestig producties per jaar.
Met evenementenorganisator Nathan van Gelder (65) weet je wat je in huis haalt: een uitgesproken Groninger, recht door zee, ondernemend zonder scrupules. „Ik ben er niet alleen voor de leuk”, zegt hij. „Als je mij haalt, dan krijg je me helemaal. Ik kan best een vervelend mannetje zijn. Maar ik lever altijd.”
‘Bemoei me nergens meer mee’
Van Gelder blaast de damp weg boven een mok warme chocolademelk in wegrestaurant Van der Valk in Assen. Het is enkele dagen na het Bevrijdingsfestival van 2024 („de beste ooit”). Voor hem zit de klus in Assen er nu echt op, na een dienstverband van twaalf jaar.
In 2012 stapte hij in om het toentertijd noodlijdende festival weer kleur op de wangen te geven. Hij stopte in 2021, maar keerde in 2022 toch weer terug om het tot op het bot gestreste bestuur te helpen. „Maar nu is het echt klaar. Volgend jaar ben ik ongetwijfeld in Assen. Maar dan als toerist met een biertje in mijn hand. Ik bemoei me nergens meer mee.”
De evenementenorganisator kan bogen op een indrukwekkend trackrecord: hij draaide het negatieve sentiment rondom het Bevrijdingsfestival Drenthe in 2012 helemaal om. Toen hij begon, lag het festival op sterven na dood. Hoe anders is de situatie nu. Van Gelder trok nieuwe sponsoren aan, peuterde extra subsidies los, sloot langdurige contracten af met leveranciers en met zijn omvangrijke netwerk gingen deuren open die anders dicht bleven.
Inmiddels overheerst er trots in de Drentse hoofdstad en behoort het festival aan de Baggerhuizerplas tot de top van Nederland, met zo’n 40- tot 45.000 bezoekers per jaar (tegenover 8.000 in 2012). Scheidend voorzitter Ger Boes klopte zich vorig jaar zelfs openlijk op de borst door tegen deze krant te zeggen dat in Assen een mooier feestje wordt gehouden dan in Groningen.
Het optreden van Son Mieux tijdens het Bevrijdingsfestival Drenthe. Foto: Corné Sparidaens
‘Twintig uur per dag’
Toch dreigde alles in 2022 nog in de soep te lopen. Ruim een maand voor 5 mei moesten nog duizend-en-één zaken geregeld worden. Terwijl Van Gelder op dat moment net was gestopt na een dienstperiode van tien jaar, liep het de nieuwe festivaldirecteur aan alle kanten over zijn schoenen. Laatstgenoemde viel uit met burn-outklachten en Van Gelder kreeg eind maart 2022, met nog vijf weken op de kalender, een telefoontje. Of hij het festival kon redden.
Zuchtend ging hij akkoord. „Het is een festival met maatschappelijke waarde. Dat moet doorgaan. Bovendien heb ik mijn hart verpand aan het festival”, zegt hij. Extra motivatie voor Van Gelder is zijn joodse komaf – verschillende familieleden werden in de oorlog vermoord in de gaskamers.
Het werd een helse klus. „Ik heb die weken twintig uur per dag gewerkt. Ik werkte door totdat ik omviel. En als ik dan weer wakker werd, dan ging ik verder.” Een onorthodoxe werkwijze, die exemplarisch is voor Van Gelder. „Ik denk niet uren. Ik werk door totdat iets klaar is.”
Aan zijn reddingsoperatie stelde hij één voorwaarde: hij wilde twee jaar de tijd krijgen om een nieuwe structuur op poten te zetten, zodat hij na de editie van 2024 echt zou kunnen stoppen. „Als ik wegga, wil ik niet nog een keer gebeld worden.” Is dat arrogant gedacht? „Nee, hoor”, zegt Van Gelder. „Maar niet iedereen kan een festival organiseren. Dat bleek wel toen, toch? Veel bevrijdingsfestivals zitten in zwaar weer. We moeten dat in Assen zien te voorkomen.”
En dus werkte Van Gelder als een bezetene aan een toekomstplan, met als belangrijkste pijler „een cultuuromslag”. Hij voerde indringende gesprekken met het bestuur, dat hij „de zwakste schakel” noemt. „Als ik het over de artiest Typhoon heb, denken sommigen dat ik het over een tropische storm heb”, zegt hij enigszins gekscherend. Hij lacht. „Zij erkenden ook wel dat er iets moest gebeuren. Dit is geen geroddel, zo moet je het niet zien. Ik heb mijn zorgen aangegeven en mijn mening werd gedeeld.”
Dan, op serieuze toon: „In het bestuur zit veel verloop en dat is een zwakte. De afgelopen jaren heb ik negentien bestuursleden meegemaakt. Slechts drie voegden in mijn ogen iets toe. Er zitten veelal leken of mensen uit de politiek in, zonder enige ervaring in de branche van evenementenorganisatie. Zij hebben geen verstand van het organiseren van een festival.”
Een wegwerpgebaar. „Eens in de zes weken vergaderen ze. Daar ben ik nooit bij, vaak is het eindeloos gezever. Ik ben een doener, geen prater. Het Bevrijdingsfestival is geen tuinfeestje. Dat moet je runnen als een bedrijf. Dat kan niet door eens in de zes weken bij elkaar te komen.”
Van Gelder schudde het bestuur als een jonge boom heen en weer. Hij wilde dat de bestuursleden „meer met de poten in de klei staan”. „Als je de materie niet eigen bent, moet je zorgen dat je de materie eigen maakt.”
Daarom bedacht hij een constructie waarbij ieder bestuurslid een portefeuille krijgt, zoals fondsenwerving, veiligheid en verkeer, juridische zaken en programmering. Bestuursleden koppelde Van Gelder aan betrokken vrijwilligers met organisatie-ervaring – mensen die hij zelf selecteerde. „Zo krijg je één familie en voorkom je dat er een kloof ontstaat tussen vrijwilligers en het bestuur.”
Nathan van Gelder. Foto: Jaspar Moulijn
‘Kan ik mezelf verwijten’
Zelf keek Van Gelder ook in de spiegel. In ‘zijn’ periode opereerde de Groninger vooral op eigen houtje, samen met een rechterhand. Hij delegeerde wel, maar controleerde vervolgens de pietluttigste details en deed, kortom, uiteindelijk alles zelf. „Dat kan ik mezelf achteraf verwijten. Het kan eigenlijk niet zo zijn dat één producent alles regelt. Wat als ik onder de bus was gekomen?” Soleren is een familietrekje, zegt hij besmuikt. „Wij weten alles beter.”
Dit jaar was de meesterproef voor Van Gelders nieuwe werkwijze. De Groninger is laaiend enthousiast. „Dit was de meest complete en volledige editie ooit. Alles klopte. Het hele Baggelhuizerterrein was vol. Het festival kan op deze plek niet meer groter. Natuurlijk gingen er nog dingetjes fout, maar als directeur hield ik toezicht op alles en kon tijdig ingrijpen indien dat nodig was.”
Hij is dan ook vol vertrouwen voor de toekomst. „Het Bevrijdingsfestival Drenthe is het enige in Nederland dat financieel gezond is. De knip is vol, er is een nieuwe organisatiestructuur voor de toekomst. En als het toch niet lukt, dan is het jammer. Mijn taak zit er nu echt op. ”