Theodor Kockelkoren van Staatstoezicht op de Mijnen (SodM). Foto: Marco Keyzer
De versterking van woningen in Groningen verloopt nog altijd te langzaam, waarschuwt Staatstoezicht op de Mijnen (SodM). Mocht de huidige planning de komende jaren gehaald worden, dan is de versterking in Eemsdelta pas in 2031 klaar.
Dat is de conclusie van Staatstoezicht op de Mijnen (SodM). De waakhond heeft alle versterkingsplannen (’Programma’s van Aanpak’) van de Groningse versterkingsgemeenten beoordeeld. Het gaat om de gemeenten Eemsdelta, Groningen, Het Hogeland, Midden-Groningen en Oldambt. SodM heeft gekeken of hun plannen bijdragen aan de juiste balans tussen snelheid, kwaliteit en veiligheid van de versterkingsopgave.
SodM ziet dat gemeenten plannen zorgvuldig opstellen, maar maakt zich zorgen over de steeds verder vertraagde planning. Er moeten nog zeker 8.500 adressen worden aangepakt. In 2025 werden 120 adressen aan de versterking toegevoegd. Voor een deel is onduidelijk waarom. SodM heeft kritiek op de NCG, omdat onnodige uitbreiding voor meer vertraging kan zorgen. SodM gaat onderzoek doen naar de wijze waarop NCG adressen toevoegt aan de versterking.
‘Zo veel mogelijk inspannen om 2031 te halen’
SodM-baas Theodor Kockelkoren benadrukt dat de aandacht niet mag verslappen en dat de versterking geen vaart mag verliezen. „Het grootste deel van de gemeenten is met de huidige inzichten in 2029 klaar, in Eemsdelta duurt het tot 2031. Het is belangrijk om dat te halen.”
Net als staatssecretaris Eddie van Marum (BBB, Herstel Groningen) maakt Kockelkoren zich zorgen over bewoners die vastlopen in de versterking, de zogeheten ‘complexe dossiers’. Voor deze bewoners stapelen stress, onzekerheid en onveiligheid op door het lange wachten. „Dat is niet alleen pijnlijk, maar ook schadelijk voor hun gezondheid.”
Actiever en concreter
SodM juicht toe dat Nationaal Coördinator Groningen (NCG) is begonnen om de complexe gevallen met voorrang aan te pakken. Kockelkoren: „Gemeenten kunnen hierbij een actieve rol spelen door te ondersteunen bij het in beeld brengen van die dossiers.”
De SodM-baas benadrukt dat niet alleen de NCG maar ook de Groninger gemeenten medeverantwoordelijk zijn voor het langzame tempo. Die moeten daarom ‘actiever en concreter’ aansturen op snelheid en kritisch blijven als de NCG opeens adressen aan de versterking toevoegt. „Meer voortvarendheid is nodig om woningen zo snel mogelijk te versterken. Dat draagt bij aan rust en zekerheid bij bewoners.”