Tijdelijke wisselwoningen in aanbouw in Overschild. Foto: Kees van de Veen
Groningers in het bevingsgebied moeten nóg langer wachten op versterking van hun woningen, bleek maandag. Waarom gaat die versterking zo moeizaam?
Bewoners lopen aan tegen zuinigheid. Ook al had het kabinet beloofd dat het herstel in Groningen en Noord-Drenthe ‘koste wat het kost’ doorgaat, speelt geld wel degelijk vaak een rol bij het versterken van woningen. Bovendien maken de verstikkende bureaucratie en tegen elkaar in werkende instanties het nodeloos ingewikkeld. En duurder. Tenslotte zijn er politieke conflicten over deverschillen in de aanpak van woningen.
Drie overheidsinstanties houden zich met ‘Groningen’ bezig: het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG), de Nationaal Coördinator Groningen (NCG) en het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM). Dat SodM rapporteerde maandag dat het versterken van woningen in het bevingsgebied nog weer langer gaat duren. Het zou eerst over drie jaar af moeten zijn, dat wordt over negen jaar.
Kabinet wil er niet nog 2 miljard euro extra in steken
Dat betekent dat veel bewoners jarenlang in onzekerheid zitten. Er zijn grote verschillen ontstaan, soms zelfs per straat: de een woont in een nieuw gebouwde en goed geïsoleerde woning, de ander zit al een jaar of zes in de rotzooi, een derde moet tijdelijk verhuizen naar een wisselwoning. Er is gedoe over fouten in rapporten, en er zijn meningsverschillen over verbouwingen en over isolatiemaatregelen.
Om alle verschillen tussen woningen op te lossen zou er eigenlijk veel meer geld nodig zijn, becijferde de commissie Van Geel twee jaar geleden. Maar tot ergernis van Groninger gemeenten en Tweede Kamerleden van de oppositie blijft het kabinet erbij dat het rapport Van Geel niet geheel uitgevoerd kan worden.
Voor het oplossen van alle verschillen en isolatie zou nog 2 miljard euro extra nodig zijn. Nu is voor de verduurzaming van de huizen in de kern van het aardbevingsgebied maximaal 40.000 euro beschikbaar en in de rest van Groningen en Noord-Drenthe maximaal 20.000 euro. Daar is 1,65 miljard euro voor beschikbaar gesteld. Meer geld wil het kabinet er niet in steken.
‘Onuitlegbare verschillen met rest van Nederland’
Iedereen in het aardbevingsgebied in Groningen en Noord-Drenthe voor 100 procent woningisolatie aanbieden, ,,zou tot onuitlegbare verschillen met de rest van Nederland leiden’’, schreef staatssecretaris Van Marum van Herstel Groningen vorige week aan de Tweede Kamer. Naast de kosten voorziet het kabinet ook ,,uitvoeringsrisico’s’’ zoals tekorten aan personeel. En er zouden uiteindelijk toch altijd verschillen blijven.
Tijdens een Kamerdebat vorige maand kon Van Marum volgens Kamerleden niet goed uitleggen waarom de gevolgen van de aardgaswinning toch niet ‘koste wat het kost’ worden opgelost. Het principe van ‘koste wat het kost’ geldt volgens de staatssecretaris wel voor schade en versterking, maar niet voor het oplossen van alle verschillen tussen bewoners.
Sandra Beckerman van de SP en Julian Bushoff van GroenLinks-PvdA vinden dit antwoord teleurstellend. ,,Van Marum maakt geld weer leidend in plaats van dat bewoners centraal staan’’, zegt Beckerman.
,,Dat hij nu zegt dat er verschillen met de rest van Nederland zouden ontstaan, is een nieuw argument. Onvoorstelbaar dat hij daarmee komt’’, vindt Bushoff.
Protest ambtenaren en wethouders in Tweede Kamer
Ambtenaren en wethouders van Groninger bevingsgemeenten protesteerden twee weken geleden bij het Kamerdebat, omdat ze in de praktijk merken dat geld wel degelijk een beperkende factor is bij versterking en nieuwbouw.
,,Dat we door de staatssecretaris vergeleken worden met de rest van Nederland is bijzonder pijnlijk’’, vindt wethouder Annalies Usmany van de gemeente Eemsdelta. ,,In het bevingsgebied kampen we met unieke en zeer ernstige problematiek waar bewoners zwaar onder lijden. Ze leven in onveilige woningen, tijdens de versterking moeten ze tijdelijk hun huis uit en kunnen geen toekomstplannen maken. We zien niet-uitlegbare verschillen tussen buren.’’
De staatssecretaris heeft 240 miljoen euro beschikbaar voor het aanpakken van die verschillen. Als er nog meer nodig is voor de aanpak van verschillen tussen versterkte en nieuw gebouwde woningen, valt daar volgens Van Marum over te praten. Hij heeft het dan over ‘maatwerk’ en een ‘routekaart’.
Wethouder Usmany hoopt dat die toezegging gestand wordt gedaan. ,,Ik twijfel niet aan de goede bedoelingen van de staatssecretaris’’, zegt Usmany. ,,Inwoners hebben recht op oplossingen. Of ze nu eerst of laatst aan de beurt zijn. Het Rijk maakt nu een financiële afweging per geval. Het belang van Groningen zou bovenaan moeten staan.’’