Aant Durk van der Veen op het wad op Vlieland. Foto: Dirk Bruin
Bewoners van het Waddengebied staan op scherp door dreigende beperkingen door natuurwetgeving. Het georganiseerde verzet is begonnen op Vlieland, net als 46 jaar geleden. Aant Durk van der Veen (43) en Marieke Hoedemaker (58) vertellen.
Wie een dezer dagen op een Waddeneiland komt, kan het niet ontgaan. Op allerhande plekken wapperen paarse vlaggen, of hangen vergelijkbare posters achter het raam. De tekst varieert. Op de ene vlag staat: ‘Vrije vogels, gekooide mensen’, op de andere: ‘Vrije vogels vrije mensen’.
„De eerste slogan is al bijna vijftig jaar oud, toen speelde precies hetzelfde. Maar er kwamen al snel mensen die zich niet in dat gekooid konden vinden, in wat er nu allemaal speelt in de wereld”, zegt Aant Durk van der Veen. „Toen hebben we gezegd: we bedenken een slogan waar iedereen zich in kan vinden, we willen een brede beweging worden. Er zijn nu twee varianten.”
Al die vlakken waar je niet meer mag komen, het begon mij te duizelen voor de ogen. En dan moet het beheerplan voor de duinen nog komen
De eerste 350 protestvlaggen waren in anderhalf uur uitverkocht. Er zijn inmiddels 1500 gemaakt, en de vraag neemt alleen maar toe, zegt Aant Durk.
Emoties
De emoties lopen sinds een maand of twee hoog op in het Waddengebied. Aant Durk kan precies vertellen hoe het zover is gekomen. Hij is sinds tien jaar ondernemer, exploiteert onder meer de Vliehors Express en hotel-restaurant Het Posthuys, op het midden van het eiland. Hij behoorde tot het selecte gezelschap genodigden voor een ‘Maatregel-tafel N2000 Vlieland’, op 23 april in badhotel Bruin.
‘De input uit deze sessie wordt gebruikt om de haalbaarheid en impact van conceptmaatregelen in kaart te brengen, en vormt een belangrijke bouwsteen voor het plan MER en het ontwerpbeheerplan’, valt er te lezen. „Niet echt een wervende uitnodiging toch? Heel summier, nauwelijks begeleidende stukken”, vertelt Aant Durk op een terrasje aan de Dorpsstraat. Geen enkele urgentie straalt van de uitnodiging af. Toch besloot hij te gaan. „Onderbuikgevoel.”
Platen op tafel
Er kwamen grote platen op tafel. Gebaseerd op een ecologisch plan van adviesbureau Witteveen+Bos. Het was een potentiële bouwsteen voor het Natura2000-beheerplan voor de Waddenzee en voor de Noordzeekustzone. Aant Durk schrok zich wezenloos. Er waren rode vlakken over en langs Vlieland gelegd en grijze vlakken in zee. „De rode vlakken wilden ze afsluiten, in ieder geval in het broedseizoen. Dat was bijna tweederde van het eiland! In de grijze vlakken wilden ze strikte rust hebben. Bijvoorbeeld in een groot vlak in het zeegat tussen Vlieland en Texel, je kunt er nog net langs varen. Toen zei een ecoloog van de provincie: ‘Misschien moeten we dat hele gebied gelijk trekken, anders kunnen we het niet handhaven’.”
De kaart van Vlieland, zoals die getoond werd in badhotel Bruin, met rode en grijze vlakken. Foto: Aant Durk van der Veen
Alle alarmbellen gingen af bij Aant Durk. Hij vroeg aan de provincieambtenaar die heeft meegeschreven aan het huidige natuurbeheerplan hoe het zit met het zogenaamde bestaand gebruik. Het bestaand gebruik ligt uiterst gevoelig op de eilanden. Het wordt in alle Natura2000-plannen meegenomen en houdt volgens Aant Durk in dat eilanders en bezoekers kunnen blijven doen wat ze altijd al deden: pieren steken, zeevissen, droogvallen, bessen plukken, met kinderen op het wad spelen en nog tientallen andere activiteiten. „In 2005 is nog gezegd dat het bestaand gebruik zeker nog honderd jaar geldig zou blijven.”
Post-it
‘Aant, je moet je niet zo druk maken. Bestaand gebruik blijft bestaan’, zou de provincieambtenaar hebben gezegd. Daarna vroeg de omgevingsmanager van Rijkswaterstaat of er nog dingen waren waar ze rekening mee moesten houden. „We kregen vijf minuten de tijd om wat op zo’n geel post-itkaartje te schrijven. Toen verdwenen de kaarten snel van tafel, ze moesten de boot halen.”
Vijf dagen later werd een vergelijkbare besloten bijeenkomst gehouden in hotel Skylge op Terschelling. Waar op Vlieland nog gezegd zou zijn dat bestaand gebruik voor de eilanders belangrijk was en dus beschermd, zou dit op Terschelling niet in de plannen voorkomen. De bom barstte toen op 12 mei in Studio Z aan het Zaailand in Leeuwarden een ‘maatregel-tafel voor het Natte Wad’ werd gehouden, zegt Aant Durk. Een Texelse collega was erbij en hield zijn oren en ogen open voor hem.
Aant Durk van der Veen, voorzitter van Wij zijn de Wadden. Foto: Dirk Bruin
„Ze waren met alternatieven bezig. Corridors waar je nog wel mag komen en corridors waar je alleen onder strikte voorwaarden mag komen”, zegt Aant Durk. Het o zo belangrijke bestaand gebruik stond niet meer in de plannen. Hij belde de provincieambtenaar, die zich verontschuldigde. „Juridisch was het niet meer te onderbouwen, waarom kon hij me niet uitleggen.”
Nog dezelfde middag richtte hij de appgroep ‘Vrije vogels, gekooide mensen’ op. Begin van de avond waren er al vele honderden mensen aan toegevoegd. Een paar weken later was de oprichting van de stichting Wij zijn de Wadden een feit. „Al die vlakken waar je niet meer mag komen, het begon mij te duizelen voor de ogen. En dan moet het beheerplan voor de duinen nog komen, dat volgt na de zomer, dat is nog niet ingetekend. Er komt straks een heel groot bord op het eiland, we mogen nergens meer in.”
Tegenbeweging
De geschiedenis herhaalt zich, ziet Marieke Hoedemaker (58). Bijna een halve eeuw geleden was het haar vader Herman die op Vlieland mede het comité Vrije vogels gekooide mensen had opgericht. Dat was een onderdeel van het comité Anti-Waddenzeewet. In die wet werd er volgens de Vlielanders aan voorbijgegaan dat ook de mens deel uitmaakt van de natuur. ‘Als er zo’n wet komt, is er alleen nog maar plaats voor vogels en een paar biologen op de Waddeneilanden’, zei Herman Hoedemaker in de zomer van 1980 tegen de Leeuwarder Courant.
De oprichting van het comité was destijds ook een tegenbeweging tegen de oprichting van de Landelijke Vereniging tot Behoud van de Waddenzee, tegenwoordig beter bekend als de Waddenvereniging. „Wees wijs met de Waddenzee had besloten dat er verstoring op het wad was en daar waren wij, de eilandbewoners, de oorzaak van”, zegt Marieke, vanaf haar vakantie-adres in Oostenrijk.
Zeehond dreigde uit te sterven
„Het klopte dat het met de natuur niet goed ging, dat zagen wij ook. Wij gingen met onze boot vissen, zetten netten diep en dan joeg je de vis erin. We zagen steeds meer vissen met kankergezwellen.” Bovendien waren er nog maar amper 500 zeehonden in de Nederlandse Waddenzee (tegen 16.000 nu). „Er moest ingegrepen worden om uitsterving te voorkomen.”
Een actieposter op Vlieland. Foto: LC
Maar volgens Marieke lag dat niet aan de bewoners en bezoekers van het wad, maar vooral aan het gif dat met de Rijn en andere rivieren meekwam naar het wad. „Wij waren daardoor de grootste rioolput. Je had toen kwik, pcb’s en wat niet meer. Dat was wel heel alarmerend. Maar waarom mochten wij dan niet meer met onze bootjes het wad op om te vissen? Of wurmen dollen, zoals wij pieren steken noemen? Je hele leven, je passie met de natuur, buiten genieten en ontspannen, dat zou weg zijn.”
Historisch medegebruik
De cultuurhistorische onvervreemdbare rechten van de bevolking op het wad stonden op de tocht. Het ging toen over historisch medegebruik. Bestaand gebruik (alle activiteiten die al plaatsvonden voordat de gebieden als Natura2000 werden aangewezen, oftewel 1 oktober 2005) is nu de term.
Wat er nu gebeurt, is nagenoeg hetzelfde, stelt Marieke. Destijds was er steun op alle eilanden, nu weer. De Waddenzee is tegenwoordig een stuk minder vuil, maar er wordt nog steeds geloosd en er is plasticvervuiling en pfas. Dáár zou je wat aan moeten doen, vindt Marieke. „En stoppen met gaswinning, met windmolens en met kabels leggen in het Waddengebied.”
Aant Durk van der Veen in het centrum van Vlieland. Aan de mast hangt een protestvlag. Foto: LC
Het verzet vanaf de Waddeneilanden leidde in november 1980 tot een ‘stormloop’ op een hoorzitting over de wet voor Kamerleden in Harlingen. Alle draagvlak verdween. In februari 1983 maakte minister Pieter Winsemius bekend dat de Waddenzeewet in de beoogde vorm er niet zou komen.
Ondernemers
Aant Durk vecht nu als voorzitter van Wij zijn de Wadden voor een vergelijkbaar resultaat. De beheerplannen worden de komende twee jaar waar mogelijk aangevochten, kondigt hij aan. Het brede bestuur van de beweging bestaat uit mensen van de eilanden, maar ook uit Ternaard, Ie, Lauwersoog en Harlingen.
Relatief veel ondernemers roeren zich, zoals ook Aant Durk. „Maar mijn gevoel als eilander weegt veel zwaarder dan mijn gevoel als ondernemer. Ik moet er niet aan denken dat ik niet meer met mijn kinderen het wad op kan, dat ik hier niet meer mag vissen. Dat moet voor iedereen mogelijk blijven.”
Sceptisch, maar positief
Minister Vincent Karremans (Infrastructuur en Waterstaat) heeft al gezegd dat natuurgebieden niet gesloten worden en dat er iets niet goed is gegaan in de communicatie. Hij beloofde dat Rijkswaterstaat terugkomt naar de eilanden om dat beter te doen. „Daar hebben we nog niks van gehoord”, zegt Aant Durk. Hij is sceptisch, maar blijft positief. „Het zou heel fijn zijn om met elkaar om tafel te zitten. Wij zijn helemaal niet onwelwillend, wij willen ook dat de natuur floreert op de eilanden.”
Reactie provincie Fryslân
Het Rijk werkt in samenwerking met onder andere de provincie Fryslân aan de actualisatie van de N2000-beheerplannen voor het Waddengebied. Dit is een lang en complex proces, waarin ook wordt gesproken met betrokkenen en bewoners. De besluitvorming hierover moet nog plaatsvinden. De provincie heeft aangegeven – ook in de gesprekken – dat we inhoudelijk niet kunnen vooruitlopen op de besluitvorming hierover.