Dansstudenten uit Amsterdam zetten een van de vier performances van De Route neer. Foto: Corné Sparidaens
Een van de belangrijkste bestaansredenen van het Jonge Harten Festival (15 tot en met 23 november) in Groningen is nieuw jong publiek warm maken voor theater. Tegelijkertijd wil het festival een springplank voor jong talent zijn. Dat komt samen in De Route, waarbij brugklassers korte stukken zien van mbo-theaterstudenten. ,,Er hoeft er maar één ‘s avonds thuis te denken: wat betekende het eigenlijk?”
Hoe je jongeren het theater in krijgt? Het is deze donderdagavond eigenlijk al een overwinning voor het Jonge Harten Festival dat er überhaupt mensen zijn gekomen. Overal in Groningen staat het verkeer muurvast, bussen kunnen niet rijden, fietsen of lopen is een hachelijke onderneming in de gladde, natte smurrie.
Toch staan zo’n negentig mensen aan de Bloemsingel klaar in het festivalhart op de Kunstwerf om opgedeeld in twee groepen een theateravontuur te beleven. We volgen De Route, een onderdeel van het jongerentheaterfestival dat specifiek bedoeld is om echt jonge jongeren – brugklassers – kennis te laten maken met theater. ,,Om te voorkomen dat ze een of twee keer bijvoorbeeld moderne dans zien, ze het niks vinden en dan maar meteen de conclusie trekken dat theater niets voor hen is”, zegt curator/programmeur Gregory Caers van het Jonge Harten.
De Route bestaat uit vier korte voorstellingen, gemaakt door jonge makers samen met mbo-artieststudenten van Albeda uit Rotterdam, Firda uit Leeuwarden, Noorderpoort uit Groningen en dansstudenten (expanded contemporary dance) van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten. Ze hebben allemaal in een week tijd, samen met jonge makers, hun voorstelling in elkaar gezet. Tot slot is er een dansvoorstelling van een groep hbo-dansstudenten uit Amsterdam. Deze donderdagavond proberen de groepen het voor het eerst uit voor publiek, maar vrijdag volgt de echte uitdaging. Dan komen er in de ochtend zes groepen met zo’n twintig brugklassers van het Groninger Stadslyceum naar hen kijken. En in de middag nog een tweede lichting van zes groepen.
‘Wel wat stress van gehad’
Het mes snijdt dus aan twee kanten: brugklassers komen in aanraking met theater en de jonge theaterstudenten krijgen, samen met de jonge makers Eileen Graham en Katelijne Beukema, Ryan van der Elst en Miro Straub, Just van Bommel en Emma van den Elshout de kans om te laten zien wat ze in huis hebben. Tweedejaars Noorderpoortstudent Leon Schaap (17) uit Assen speelt mee in de voorstelling. ,,Vorige week maandag kwamen de twee makers (Eileen Graham en Katelijne Beukema van theatergezelschap coupdeboule uit Utrecht, red.) bij ons op school. Het enige wat we te horen kregen was het thema van onze voorstelling: het past niet. Deze hele week hebben we met hen geschreven en gerepeteerd. Ik heb er persoonlijk wel wat stress van gehad, want het was heel veel maken met weinig overzicht. Maar op het laatst kwam het toch allemaal samen.”
De Noorderpoortstudenten uit Groningen zijn met een grote groep: 'het past niet'. Eerste van rechts in de bovenste rij is Leon Schaap. Foto: Corné Sparidaens
Medestudent Sela de Vries (21) uit Groningen vult aan: ,,Als je in zo korte tijd iets moet maken, moet je echt vertrouwen op de regisseurs, dat het goedkomt. Dat geeft ook wel rust. En het is heel leerzaam.” Eva Perdok (18) uit Zuidhorn, die ook meespeelt, vindt het wel een spannende week. ,,We moesten echt wat neerzetten, ons creatieve brein aanzetten, terwijl je normaal vooral aan het leren bent op school. Maar we zijn trots op wat we hebben neergezet.”
Hebben ze er vertrouwen in dat ze de brugklassers een leuke dag bezorgen? ,,Ik was eerst heel erg bezig met die brugklassers. Hoe spreken we hen aan, hoe maken we het zo dat we hen bereiken? Maar Eileen en Katelijne verzekerden ons dat het wel goed zou komen. Zij spelen zelf altijd stukken voor volwassenen, die ook voor tieners geschikt zijn. We moeten juist niet te veel met dat publiek bezig zijn”, vertelt De Vries. ,,Ze hoeven het ook niet allemaal fantastisch te vinden. Als er maar één is die ‘s avonds thuis op de bank nog denkt: hmm, wat betekende het eigenlijk wat ik heb gezien, dan is het al geslaagd.”
‘Buiten je comfortzone’
De drie studenten vertellen dat de theateropleiding hen veel gebracht heeft. ,,Het is heel goed voor je ontwikkeling”, zegt Eva Perdok. ,,Je moet vaak dingen doen die buiten je comfortzone liggen. Daardoor durf je steeds meer.” Leon Schaap vult aan: ,,Je leert om schaamteloos jezelf te zijn.”
Na zes trappen gaan we de eerste zaal in, waar de Rotterdammers beginnen met een jongen achter een dweilmachine. Dan volgt er een meisje dat een microfoon en een katheder neerzet. Ze leest langzaam half afgemaakte zinnen voor, terwijl er steeds meer mensen het toneel opkomen die haast verstild tassen uitpakken en spullen neerleggen, een jas, een trui, een haarspeldje. ,,Er mist iets. Er is iemand niet”, zegt het meisje achter de katheder op trage, theatrale toon. Langzaam dringt door: dit gaat over verlies, en over wat iemand na zijn of haar dood achterlaat.
Studenten uit Rotterdam in een stuk over verlies. Foto: Corné Sparidaens
Veel tijd om erover na te denken is er niet, Laura dirigeert ons vastberaden naar de volgende speellocatie. Daar staan acht jongeren vrolijk te hossen op een stevige beat – met zijn allen onder een wit laken. Een voor een komen ze er angstig onder vandaan. De horizon ziet er vreemd uit, er is iets met de lucht. Ze trekken doeken op, als dijken, om zichzelf te beschermen? Het stuk is een beetje beklemmend.
Spotlicht en afwijzing
Hoppa, en weer door naar de volgende theaterzaal op de Kunstwerf. Tijd voor de Groningers. De Noorderpoortstudenten zijn met een grote groep van 26 en hun optreden is verreweg het grappigst. Gaat het spotlicht aan, dan beginnen ze druk door elkaar te praten en te gebaren. Ze proberen elk op te vallen in de massa. Gaat het licht uit, dan is het meteen stil. Tot er een laatkomer binnenkomt. Opeens vormen al die individuen samen een groep die staat te smiespelen. De afwijzing van die ene buitenstaander is bijna voelbaar.
Groot applaus, dit is duidelijk een thuiswedstrijd. ,,Ik snap dat jullie allemaal met de spelers willen praten”, roept host Laura, ,,maar we moeten nog even door naar de laatste voorstelling.” Dus de kou weer in, richting theater De Machinefabriek ditmaal. Daar zien we een stuk of twintig dansstudenten, die in slow motion lopen, kruipen, tijgeren door de zaal. Tot er een besluit iets heel anders te doen. Na afloop vertelt curator Caers de zaal dat deze dans alleen een begin- en eindpunt kent. De rest is geïmproviseerd, dus ziet elk optreden er anders uit. Knap gedaan, al is het erg abstract.
Mbo-theaterstudenten uit Leeuwarden zetten een ietwat beklemmende performance op De Route neer. Foto: Corné Sparidaens
‘Verder dan leuk of niet’
Deze avond zit erop, maar de brugklassers zullen vrijdag nog nagesprekken krijgen met de makers en de spelers. ,,Het is een uitdaging om hen met theater in contact te laten komen”, zegt curator Gregory Caers. ,,Daarom hebben we De Route ontworpen. Dat doen we nu vier jaar. We laten brugklassers zo in een half dagdeel met jonge theatermakers in contact komen en we leren ze door de gesprekken hoe ze kunnen kijken naar een abstracte voorstelling. Dat gaat verder dan de vraag of ze iets leuk vonden of niet. Bovendien zien ze stukken van mbo-theaterstudenten, die nog maar een paar jaar ouder zijn dan zijzelf. Zo hopen we hen te inspireren.”
Maar daar stopt het niet, zegt Caers. ,,De jongeren die als brugklassers meededen aan De Route, krijgen als ze 16 of 17 zijn via school vouchers voor theatervoorstellingen die ze zelf mogen kiezen. Het is belangrijk dat jongeren zelf kunnen ontdekken wat ze mooi en leuk vinden. Projecten als De Route zijn cruciaal om ze daarmee in aanraking te laten komen.”