De politie doet verder sporenonderzoek bij het Drents Museum na de kunstroof. Foto: Marcel Jurian de Jong
Een immense explosie in Assen zorgt voor een ongekende internationale rel. Drie overvallers raken de Roemeense natie in het hart met de roof van historische topstukken uit het Drents Museum. Een terugblik op een politieonderzoek onder extreme politieke hoogspanning.
,,Luister, als we dingen met jou hadden willen doen, had je al ‘gelegen’. Begrijp je dat?’’ Het zijn woorden die Jan B., dan 20 jaar, afgelopen maart worden toegebeten.
De jongeman uit Heerhugowaard denkt dan met geharde buitenlandse penoze uit Slovenië te onderhandelen over de buit die hij enkele weken daarvoor met twee anderen uit het Drents Museum zou hebben gestolen. Zij willen die kunstschatten van hem overnemen. Voor flink wat geld. Ze laten hem een sporttas zien die vol contant geld zit.
B. bijt.
Hij bevestigt de kraak te hebben gezet. Met twee anderen. Maar hij heeft de spullen zelf niet meer. Die heeft Chesley.
Brute kracht
Zondag is het een jaar geleden dat een achterdeur van het Drents Museum in Assen aan diggelen wordt geblazen met een Ti-Rex-explosief met 275 gram kruit. Drie inbrekers wrikken even daarvoor een witte buitendeur los en na de daaropvolgende ontploffing die ramen in de omgeving doet springen, kruipen de mannen de aanliggende expositieruimte in. Met brute kracht beuken ze sommige vitrines van de tentoonstelling Dacia - Rijk van goud en zilver kapot.
De collectie had het museum in Assen in bruikleen van het Nationaal Historisch Museum van Roemenië. De tentoonstelling met in totaal 673 objecten zou tot en met 26 januari 2025 te zien zijn. De dieven sloegen dus op het allerlaatste moment toe.
Tot overmaat van ramp hapert de rookbeveiliging van het museum waardoor vluchten mogelijk is. Binnen enkele minuten rennen de mannen naar buiten, laten een breekijzer en moker in het museum slingeren, dumpen een voorhamer die ze daarvoor hebben gekocht bij de Praxis in Assen in de sloot en springen in de gereedstaande gestolen Volkswagen die richting Rolde scheurt. Om daar de auto in de brand te steken en over te stappen in een gele vluchtauto richting bospark Lunsbergen nabij Borger waar het drietal een vakantiehuisje heeft gehuurd. Onderweg ontdoen de mannen zich van kleding en een Decathlon-sporttas.
Bij de kunstroof werd de helm van Coțofenești gestolen. Foto: Shutterstock
Onder de geroofde stukken is de gouden helm van Coțofenești. 725 gram zwaar, uit de vijfde eeuw voor Christus. Het topstuk van onschatbare culturele waarde staat in vrijwel elk geschiedenisboekje van het Roemeense onderwijs. Ook worden drie gouden armbanden gestolen.
Met de diefstal voelen de Roemenen zich geamputeerd. De helm is één van de symbolen van de rijke geschiedenis van het land. Hun trots. Het moet voelen alsof De Nachtwacht van Rembrandt van Rijn wordt gestolen, zal een officier van justitie het gevoel in Roemenië later omschrijven. Het land is dan ook te klein na de brutale roof. De president van Roemenië dreigt met een miljoenenclaim.
Assen schudt maanden na de spectaculaire kraak, die in binnen- en buitenland lange tijd hét onderwerp van gesprek is, nog na. Te midden van die chaos werkt het rechercheteam, ondersteund door internationale diensten, onvermoeibaar door. Met undercoveragenten is de hoop dat een bekentenis uit Jan B. kan worden getrokken, als blijkt dat de twee andere hoofdverdachten na hun arrestatie de kaken stijf op elkaar houden.
Deze Chesley W. (37) en Bernhard Z. (35) worden samen met de vriendin van W. al vier dagen na de inbraak van hun bed gelicht in Heerhugowaard. Een prestatie van formaat, is de algemene opinie.
In de sporttas en op de kleding die zijn gedumpt in een vuilnisbak in Assen worden DNA-sporen van de verdachten gevonden. Net zoals glassplinters van de museumvitrines en minieme goudspoortjes. De vriendin van W. blijkt vanuit haar huisje in Heerhugowaard een plattegrond van het museum te hebben bekeken. Op een speciale site waar plattegronden van gebouwen worden gedeeld.
Bewijs van betrokkenheid genoeg. Maar in hun huizen geen spoor van het buitgemaakte goud. En ook niet in het vakantiehuisje nummer 123 bij Lunsbergen dat B. had afgehuurd.
Praten of anonimiteit verliezen
Politie en justitie gaan ver om de mannen aan het praten te krijgen, met onder meer uitputting en nachtelijke verhoren in een scheurpak. Een dag na hun aanhouding krijgen ze de keuze: of vertellen waar de buit is, of de hele wereld krijgt je naam en foto te zien.
Een ongekend zware maatregel in Nederland, zeker voor verdachten die al vastzitten. Maar B. en W. zwichten niet. Meer dan ‘zwijgrecht’ en vage ontkenningen krijgt het rechercheteam niet van ze. De advocaten van de verdachten zijn woest over de beslissing van het Openbaar Ministerie om hun identiteit op straat te gooien.
En niet alleen dat: de geleden schade van 5,7 miljoen euro hangt hen ook boven het hoofd, krijgen de verdachten al snel te horen. Bij een veroordeling zal de miljoenenschade een op een worden verhaald op hen. Een leven vol schulden na de gevangenisstraf is wat hen wacht, klinkt het waarschuwend tijdens een van de voorbereidende rechtszaken.
De 20-jarige Jan B. is dan nog vrij man, maar komt al vrij snel op de radar van het politieteam als een dag na de roof in het water rondom het museum in Assen een voorhamer wordt gevonden, gekocht bij de lokale Praxis. Het is B. die op camerabeelden van de bouwmarkt wordt vastgelegd terwijl hij die hamer en een moker koopt. Zijn beeltenis, in grijze sweater en met zwarte pet, wordt ook met het publiek gedeeld. Daarbij wordt in de expositieruimte waar de criminelen hun slag hebben geslagen de moker én een breekijzer gevonden.
Met DNA-sporen van Jan B.
Als voor justitie duidelijk is wie B. is, tuigt het politieteam een undercovertraject op rondom hem.
Daags na de roof maakt Jan B. grote bedragen over aan zijn broer
Heimelijk legt het politieteam op 3 maart vorig jaar contact met B.’s twee jaar jongere broer. De politie heeft dan al vastgesteld dat Jan B. enkele dagen na de roof twee keer geld heeft overgemaakt aan zijn broer. 15.500 euro op donderdag 30 januari en een dag later nog een keer dat bedrag. Waarom de dan 20-jarige B. de 31.000 euro op de rekening van zijn jongere broertje stort, blijft onduidelijk.
Onder een criminele dekmantel van Sloveense misdadigers tonen de agenten interesse in de gestolen stukken. Ze willen zijn broer Jan spreken.
Om hun wens kracht bij te zetten geven ze het broertje 500 euro en een telefoon die de 18-jarige aan Jan moet geven. Met de boodschap dat ze de Roemeense kunstschatten willen kopen.
Twee dagen later staart Jan B. naar een sporttas met 100 duizend euro er in. De geheim agenten en B. hebben contact. Ze willen hem laten zien dat het menens is. Hij krijgt zelf 5000 euro in de handen geschoven om ‘welwillendheid’ te laten zien. B. hoort dat er een bedrag van 400 duizend euro op tafel kan komen om de Roemeense kostbaarheden te kopen.
Maar de geheim agenten zijn niet alleen maar vriendelijk.
De Noord-Hollander wordt in de weken die volgen goed onder druk gezet. Zo wordt de verdachte kunstrover via chatberichten gemaand naar een zwarte Volkswagen Touareg te komen, om verder te praten. ‘Ik sta om de hoek bij de McDonald’s, laat me niet aanbellen!’, ontvangt hij.
In de rijdende wagen wil de 20-jarige B. garanties dat hem zijn familie niets overkomt. Helemaal omdat de mannen dreigende taal uiten over zijn moeder. En zijn broertje. Over en weer spreken de mannen in straattaal. ,,Laat één ding fucking duidelijk zijn’’, bijten de undercovers Jan B. toe, die almaar nerveuzer wordt. ,,Als we iets hadden willen doen, dan hadden we je gelijk met je ‘kankergat’ in de kofferbak gegooid. Begrijp je wat ik bedoel!?’’
Jan bezweert: Chesley W. is het brein achter de kunstroof
In volgende ritjes worden de duimschroeven zwaarder aangedraaid. B. heeft volgens de criminelen maar één kans. ,,Als we je betrappen, dat je liegt, gaat de grote baas achter ons staan. Dan gaan er benen breken.’’
B. beweert dat hij niet weet waar de geroofde kunst is en dat hij eerst met Chesley moet overleggen. Ja, de kraak is als een team gezet, onthult hij. Maar Chesley W. zou alles hebben bedacht. Hij weet waar de gouden schatten zijn. Chesley is volgens hem ,,het brein achter de roof”.
,,Chesley ging de buit ‘stashen’ (verstoppen, red.)’’, zou de Heerhugowaardenaar het undercoverteam hebben toevertrouwd. Vanuit het vakantiehuisje in Borger. Met het idee om de gouden helm en de drie armbanden met een totale (verzekerings)waarde van 5,7 miljoen euro later te verkopen.
De heimelijke gesprekken lijken een eerste succes in de beladen zoektocht van justitie. Maar Jan B. is inmiddels ook bang geworden. Hij wil niet meer zo goed. Probeert te duiken. Als het erop lijkt dat de gesprekken tussen de geheim agenten en B. niet veel verder meer komen, arresteert de politie ook hem.
De verhoudingen tussen de drie hoofdverdachten – voor zover die er zijn – komen daarmee zwaar onder druk te staan. Chesley W. wil niets, maar dan ook niets meer met B. te maken hebben. Het liefst wil hij hem aanvliegen en een ,,paar tikken geven”.
Ook in gevangenschap worden de mannen lange tijd ‘bewerkt’ door justitiële foefjes. Bernhard Z. stelt dat er plots Roemenen in zijn cel stonden en beweert in de bajes op een geplant mobieltje te zijn gestuit. Hij fulmineert dat er ook afluisterapparatuur in zijn oude cel is geplant. Maar Z. is gehard in het bajesleven: hij zat al geruime tijd binnen voor een zeer gewelddadige overval waarbij ook kinderen betrokken waren.
Kunstroof heeft zelfs effect op familie verdachten in voogdijzaak
Z. is vooral woest dat zijn foto en naam zijn gedeeld met het publiek. Zijn zusje heeft nog een voogdijzaak met haar ex lopen over hun kind ook zij heeft hier volgens hem nu ,,last van”. Het zusje wordt volgens hem onder de neus gewreven: ‘Heeft die broer van jou niet te maken met die grote roof?’ Het stoort Z. zichtbaar.
Chesley W. klaagt op zijn beurt steen en been over de cellen waar hij wordt geplaatst. De eerste zit onder de schimmel (,,plakken zo groot als mijn bovenlichaam”) en het tocht verschrikkelijk. In de tweede cel probeert hij te slapen terwijl de mieren volgens hem over hem heen kruipen. En ook hij wordt in de nachtelijke uren gewekt. Voor plotselinge gesprekken en verhoren terwijl hij weinig om het lijf heeft. Ook krijgt W. het ‘voorstel’ om te vertellen waar de gouden kunstschatten zijn: tegen 50 procent strafvermindering. Zaken waar niet alleen W. over klaagt. Zijn advocaat Dennis Vlielander vindt dat justitie veel te ver gaat. Of de tochtende cel en de mierenhoop onderdeel zijn van een tactiek durft Vlielander niet te beweren. Opvallend vindt hij het wel.
Alles lijkt in ieder geval in het werk te zijn gesteld om de mannen te ‘breken’ of te betrappen. De mannen vrezen dat de geheime politiedienst AIVD hierbij betrokken is. Net zoals de Roemeense inlichtingendienst en mogelijk zelfs de MIVD, de militaire inlichtingendienst.
Maar een jaar later is de harde conclusie ook dat de gouden helm en armbanden nog altijd foetsie zijn. Het OM lijkt vooralsnog geen spoor van een idee te hebben waar de gestolen kunstschatten zijn.
Op 14, 16 en 17 april behandelt de rechtbank in Assen de zaak tegen Chesley W., Bernhard Z. en Jan B. inhoudelijk. De voorzitter van de rechtbank in Assen laat op een eerdere zitting al doorschemeren dat er ,,veel ligt” tegen de mannen, waar zij zelf weinig tegenover stellen. ,,Dan zou de rechtbank het daarmee moeten doen’’, probeert ook hij een verklaring los te wrikken.
Wederom en vooralsnog voorlopig zonder succes.
Politiek loopt het hoog op
Harry Tupan staat de pers te woord. Op de achtergrond minister Bruins. Foto: Marcel Jurian de Jong
Een zichtbaar aangeslagen museumdirecteur Harry Tupan van het Drents Museum spreekt enkele uren na de kunstroof van een ‘ongelooflijke zwarte dag’. Voor het museum. Maar ook voor Roemenië.
Daar is de verontwaardiging immens. Uit stukken die zijn opgevraagd via de Wet open overheid komt al gauw naar voren dat er politiek op internationaal niveau snel wordt geschakeld. Premier Dick Schoof en president Klaus Iohannis nemen nog diezelfde dag contact met elkaar op. De premier van Roemenië dreigt dan al met een ‘ongekende schadeclaim’. Het ministerie van Buitenlandse Zaken in Nederland bemoeit zich al snel met de zaak. Ambassadepersoneel wordt ingeschakeld om ook een vinger aan de pols te houden over de sentimenten in het Oost-Europese land.
Want in Roemenië veroorzaakt de roof een immense schok. Maar er is ook verbazing: Waarom zijn deze belangrijke schatten uitgeleend? En waarom aan ‘een plek als Assen’, vragen velen zich daar af.
Vrijwel direct na de roof worden Interpol maar ook de Nationaal Coördinator Terrorisme en Veiligheid (NCTV) aangehaakt. De Roemenen stellen zelf een speciale taskforce op die de samenwerking met Nederland moet overzien. Nederlandse agenten vliegen al vrij snel naar Boekarest om de Roemenen te informeren over de vorderingen. Uit de Woo-stukken (Wet open overheid) blijkt dat er in de ministerraden van eind januari en februari uitgebreid wordt stilgestaan bij de roof.
In Assen is iedereen erop gebrand om vooral de goede naam van het Drents Museum niet meer te beschadigen dan al is gebeurd door de roof, blijkt uit Woo-stukken. Alles was goed geregeld en beveiligd, klinkt het overal. Inmiddels zijn daar al wel vraagtekens bij gezet. De hoge vitrine waar de helm van Coțofenești in lag, was al na twee slagen met de hamer kapot. Het museum beweert weliswaar dat aan alle verzekeringsvoorwaarden is voldaan, maar toch stelt de verzekeraar dat de ‘inbraakwerendheid’ van het vitrineglas niet goed zou zijn. De twee vitrines waar kunstschatten uit zijn gestolen had geen sponning, blijkt uit documenten. En was daarom veel te makkelijk kapot te beuken.
,,Roemenië moet niet alleen bekend staan door dieven, bedelaars en aardbeienplukkers, maar ook door het feit dat het een buitengewoon rijke cultuur heeft”, zegt museumdirecteur Ernest Oberländer-Tarnoveanu van het Nationaal Historisch Museum in Boekarest, die de kunst uitleent aan Assen. Oberländer weigert op te stappen, maar wordt de laan uitgestuurd door de Roemeense regering. De museumdirecteur voelt zich openlijk geslachtofferd. Later zal hij ook zeggen dat het Drents Museum niet eerlijk is geweest over de beveiliging.
Vier maanden na de roof zijn er verkiezingen gehouden en rechts[-extremistische] partijen gebruikten de roof om te zeggen dat Roemenië niet in staat is om hun nationale schatten te bewaken. ,,Net zoals het zijn menselijke schat, het Roemeense volk, niet beschermt!”, schrijft bijvoorbeeld een ultrarechtse politicus. Daarbij speelt dat twee maanden voor de roof de eerste presidentsverkiezingen in Roemenië door het grondwettelijke hof ongeldig worden verklaard wegens verregaande buitenlandse inmenging. De vingers wijzen daarbij naar Rusland dat twee jaar daarvoor Oekraïne binnenviel. Overigens is daar nooit bewijs voor geleverd.
Wie zijn de hoofdverdachten?
De verdachten Chesley W., Jan B. en Bernhard Z. op een samengevoegde tekening van eerdere zittingen in de rechtbank in Assen. Tekeningen: Petra Urban
Chesley W. (37) uit Heerhugowaard. Hij wordt als architect van de kunstroof gezien. Dit omdat een mede-verdachte in opgenomen gesprekken met geheim agenten rept over ,,het brein achter de roof”. W. werkte als schilder en deed bouwklussen. Op zijn huis en bezittingen ligt een beslag. W. heeft een strafblad, onder meer vanwege [gewelddadige] inbraken. Hij werd vier dagen na de roof samen met zijn vriendin opgepakt. De twee werden twee weken voor de roof samen in het Drents Museum gezien: als bezoekers van de Dacia-expositie.
Bernhard Z. (35) uit Heerhugowaard. Is een geharde crimineel die door buurtgenoten als een ,,getroebleerde man” wordt omschreven. Een man die problemen aantrekt alsof het een automatisme is. Z. wordt er van verdacht de sporttas te hebben gekocht waarbij de kunstschatten zijn vervoerd, de vluchtauto te hebben gejat en wordt gezien als een van de hoofdverdachten van de roof. Z. heeft een stevig strafblad. Hij wordt in 2014 veroordeeld tot 5,5 jaar cel voor zijn aandeel in een gewelddadige woningoverval op een gezin met jonge kinderen in Heerhugowaard. Later bedreigt hij zijn toenmalige, zwangere vriendin met een pistool. Hij bezit meerdere vuurwapens. In een uitspraak van het gerechtshof in Amsterdam wordt later vermeld dat Z. een niet aangeboren hersenletsel heeft.
Jan B. (21) uit Heerhugowaard. Hij is omschreven als de ‘Praxis-man nadat de politie camerabeelden van hem deelde toen B. materiaal kocht om de kraak te kunnen zetten. B. huurde ook het vakantiehuisje nabij Borger. Hij werd na een wekenlang undercovertraject uiteindelijk opgepakt in april.
Formeel verdenkt het Openbaar Ministerie de drie mannen van inbraak, brandstichting en vernieling, in vereniging gepleegd. Dat laatste werkt vaak strafverzwarend, als bewezen wordt dat er nauw en bewust is samengewerkt. Er wordt constant gezegd dat er een 12-jaarsgrond (een reden voor voorlopige hechtenis bij verdachten waarbij een gevangenisstraf van 12 jaar of meer is voorgeschreven) ligt op de verdenking tegen W., Z. en B.. Dat komt ook omdat er gebruik is gemaakt van zware explosieven.
In 2021 kreeg de toen 59-jarige Nils M. de maximale straf van 8 jaar cel voor de diefstal van schilderijen van Vincent van Gogh en Frans Hals uit musea in Laren en Leerdam. In Laren sloeg hij glazen deuren aan gruzelementen en nam De Lentetuin mee onder zijn arm.
De Van Gogh behoorde toe aan het Groninger Museum en kwam uiteindelijk via kunstdetective Arthur Brand terug in Groningen. Volgens Brand wilden criminelen het schilderij inzetten als ruil tegen een lagere straf.
Wat is er met de helm gebeurd?
De gouden helm en armbanden zijn een jaar spoorloos. Dit zijn mogelijke scenario’s (natuurlijk niet uitputtend) voor het lot van de Roemeense kunstschatten die zijn gestolen uit het Drents Museum.