Voor virologen is de ontdekking van het hantavirus op cruiseschip de Hondius een van de vele uitbraken wereldwijd om in de gaten te houden. Het toont ook aan waarom ieder land investeringen in pandemische paraatheid behoeft. „Iedere pandemie begint als epidemie.”
Een zeldzaam virus, afkomstig uit een dier. Mensen die in quarantaine moeten. Vermoedens dat het virus ook tussen mensen is overgedragen. De eerste sterfgevallen.
Hoogleraar virologie Marion Koopmans (Erasmus MC) snapt wel dat er met de coronapandemie nog vers in het geheugen zoveel belangstelling is voor de uitbraak van het hantavirus op het Nederlandse cruiseschip Hondius, voor de kust van Kaapverdië. Voor sommigen roept het associaties op met ‘coronacruise’ Diamond Princess, die in februari 2020 twee weken in quarantaine moest voor de kust van Japan. Meer dan zevenhonderd opvarenden raakten besmet, veertien overleden.
Maar voor Koopmans is de uitbraak op de Hondius een van de vele wereldwijde uitbraken om in de gaten te houden. „Die zijn er elke maand wel ergens.” Ze noemt chikungunya, een infectieziekte die mensen kunnen oplopen na de beet van een gelekoortsmug of Aziatische tijgermug. „Daar zien we nu een flinke toename van in verschillende delen van de wereld en dat gaat ook geïmporteerd worden naar Europa. En zo kan ik wel meer voorbeelden geven.”
Virologen zijn altijd beducht op het ontstaan van een nieuwe pandemie, die de hele wereld overgaat, dus houden zij lokale uitbraken nauwlettend in de gaten. „Want iedere pandemie”, zegt Koopmans, „begint als epidemie”. De uitbraak op de Hondius toont volgens haar, net als al die andere uitbraken, „waarom ieder land investeringen in pandemische paraatheid nodig heeft”.
Tussen mensen overgedragen
Later deze maand beginnen in Den Haag de openbare verhoren van de parlementaire enquêtecommissie naar het coronabeleid. Ondanks de ervaring die Nederland nu heeft met een pandemie, en ondanks alle rapporten die er al over verschenen zijn: Nederland is nog steeds niet goed voorbereid op een volgende pandemie, vindt Koopmans, die ook wetenschappelijk directeur is van het Pandemic & Disaster Preparedness Center in Rotterdam, waar wetenschappers pandemische en klimaatgerelateerde dreigingen onderzoeken. „Dát er nieuwe epidemieën en pandemieën gaan komen, is zeker”, zegt Koopmans. „Alleen niet wanneer.”
De kans dat deze uitbraak van het hantavirus een pandemie veroorzaakt, lijkt klein. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) houdt er rekening mee dat het virus tussen mensen is overgedragen, maakte de organisatie dinsdag bekend. Meestal worden hantavirussen overgedragen door knaagdieren, bijvoorbeeld via luchtdeeltjes uit hun uitwerpselen.
Maar deze mededeling is niet zorgwekkend, volgens Koopmans. Het past bij wat bekend is over de hantavariant waar sprake van lijkt te zijn: het andesvirus. Dat is eerder „beperkt overdraagbaar” gebleken tussen personen, zegt Koopmans, dus van een zorgwekkende mutatie hoeft geen sprake te zijn. „Maar heel veel weten we nog niet, dus we moeten voorzichtig zijn met het trekken van conclusies.”
Koopmans vindt dat de politiek „aarzelend” is over de noodzaak van het investeren in een permanente paraatheid voor een volgende epidemie of pandemie. Het vorige kabinet besloot hierop te bezuinigen. Het schrapte de 300 miljoen euro per jaar die het kabinet-Rutte IV had uitgetrokken voor onder meer het opzetten van een soort crisiscentrum bij het RIVM, de Landelijke Functie Opschaling Infectieziektebestrijding (LFI). En voor onderzoeken naar onder meer het beter modelleren van uitbraken en het sneller beschikbaar krijgen van voldoende ziekenhuisbedden, hulpmiddelen en vaccins.
Privacybelemmeringen
Het kabinet-Jetten hield de bezuinigingen aanvankelijk in stand, maar draaide in maart alsnog een deel ervan terug. Er wordt nu tot 177 miljoen euro per jaar voor uitgetrokken.
„Ik zou niet zeggen dat we nu goed voorbereid zijn”, zegt Koopmans. „Wel op kleinere uitbraken die relatief beheersbaar zijn. Maar bij een uitbraak die snel blijft uitdijen, lopen we al snel tegen dezelfde problemen aan als bij Covid, denk ik.”
„Dan heb ik het over capaciteit bij GGD’s, waar nu ietsje meer in geïnvesteerd is, capaciteit in de zorg, capaciteit van testen, capaciteit van allerlei spullen.” In normale tijden, zegt ze, is er weinig testcapaciteit nodig voor huisartsen en ziekenhuizen. „Als je dat moet opschalen, zal dat weer tijd kosten.” En bij het delen van cruciale informatie tussen ziekenhuizen, GGD’s, laboratoria, het RIVM en onderzoekers ziet Koopmans nog te veel privacybelemmeringen. „Dat zijn een paar voorbeelden waarvan ik denk: hier zijn we niet veel beter in geworden.”
Als land moet je gewoon voorbereid zijn op de volgende pandemie, vindt Koopmans, „of daar nu veel of weinig geld voor beschikbaar is. Als je pas gaat investeren zodra het nodig is, blijf je achter de feiten aanlopen.”
Kan het cruiseschip dan dienen als wake-up call? Ze zucht. „Hoe vaak moet het dan nog in het nieuws komen? Het zou niet nodig moeten zijn, want we weten dit allang.”