Directeur Merijn de Boer met een van de schilderijen in het museum Kees Bouma
Denk je aan het landschap van Noord-Groningen, dan zie je de expressieve schilderijen van kunstkring De Ploeg voor je: akkers, boerderijen, kerken, het Reitdiep en het wad, vastgelegd in felle kleuren en krachtige penseelstreken. Een deel van die schilderijen is nu samengebracht in het nieuwe kunstcentrum in Wehe-den Hoorn, dat deze week de deuren opende voor publiek.
De karakteristieke voormalige Sint-Jozefschool, midden in het dorp, is gerestaureerd en heringericht tot een modern kunstcentrum waar het erfgoed van de Groninger kunstenaarsgroep De Ploeg tot leven komt. Dinsdag 8 juli gingen de deuren open. In september volgt de officiële opening. Directeur Merijn de Boer en kwartiermaker Maria Bolt heten de eerste bezoekers hartelijk welkom. De Boer leidt ze enthousiast rond. De bordjes onder de schilderijen ontbreken nog: ,,Ja, die haal ik vanmiddag op,’’ zegt hij met een glimlach.
De Boer wordt vaak even weggeroepen of gebeld. Er is hard gewerkt is om de opening te realiseren. Het moest zelfs nog een week worden uitgesteld. ,,Het is een bijzonder moment voor ons. Ik kan het bijna niet bevatten. Dit plan loopt al 15 jaar. Toen heeft de Stichting Herstel Erfgoed De Marne dit pand aangekocht. Vijf jaar geleden is besloten hier een Ploegmuseum te maken. Ik ben in februari begonnen. Ik moet relevante tentoonstellingen organiseren, maar ook de horeca met 54 zitplaatsen valt onder mijn verantwoordelijkheid.’’
Het kunstcentrum moet een plek worden waar verleden en heden samenkomen. Het exterieur straalt na een grondige restauratie in volle glorie. Rondom ligt een sierlijk aangelegde tuin die bezoekers verwelkomt. Binnen is het pand volledig vernieuwd, maar de authentieke en karakteristieke sfeer is grotendeels behouden.
Van huiskamer naar museum
De Ploeg werd in 1918 opgericht als kunstenaarscollectief. In felle kleuren schilderden de kunstenaars het Groningse stad en land. Zeven jonge schilders wilden de Groningse kunst ‘omploegen’, van daar de naam. In Wehe-den Hoorn zie je schilderijen van onder meer Johan Dijkstra, Jan van der Zee, George Martens, Alida Jantina Pott en Jan Altink. Opvallend is dat veel schilderijen, ongeveer de helft van de collectie, afkomstig zijn uit privébezit. De Boer: „Buiten die huiskamers zijn deze schilderijen nooit eerder te zien geweest.” De overige werken zijn in bruikleen van andere musea.
,,De schilders van De Ploeg werkten op aanraden van hun leraren van Minerva vaak in de open lucht. ’t Blauw Börgje in Groningen was een populaire plek. Als je goed kijkt voel je bijna de wind, zoals bewoners van deze streek dat altijd doen,’’ zegt De Boer. Bijzonder is dat een technisch team van enkele schilderijen bewegende beelden – korte animaties - hebben gemaakt. Je ziet opeens mensen over de Steentilbrug in Groningen lopen, rond de kerk in Termunten of door het winderige Zoutkamp. De minifilmpjes duren samen een minuut.
Wat is de persoonlijke favoriet van de directeur? ,,Dat is het schilderij van Johan Dijkstra waarop je de grens van Noordoost-Friesland en Groningen ziet. Ik rijd er vaak langs. Je ziet de wind in de bomen. Het kleurgebruik van Dijkstra is heel bijzonder. Hij was de Vincent van Gogh van De Ploeg, Van Gogh was een grote inspiratiebron voor hem. Je ziet echt het typische Johan Dijkstra–oranje. Een prachtig werk.’’
Ontmoetingsplek
Het kunstcentrum is méér dan alleen een expositieruimte. Het moet een bruisende plek worden van ontmoeting, inspiratie en beleving. In de komende maanden wordt alles verder geoptimaliseerd. Met een toegewijde groep vrijwilligers en een klein, vast team bouwt men aan een duurzaam, gastvrij en levendig centrum voor kunst, cultuur en gemeenschap.
In september al volgt al een tweede expositie. De kleuren van het wad is het onderwerp, ook met eigentijdse schilders. In februari 2026 staat een expositie met stadsgezichten op het programma.