Joop Hallatu bij de Molukse kerk uit 1960 in Appingedam Foto: Kees Bouma
De leden van de Molukse Kerk Eben Haëzer vieren zaterdag 23 augustus feest. Hun godshuis bestaat 65 jaar, de eerste Molukse Kerk in Nederland. Het feest heeft een sterk cultureel karakter, er wordt gedanst, gezongen, gemusiceerd en natuurlijk worden Moluks- Indische hapjes gepresenteerd. Ouderling Joop Hallatu vertelt graag over zijn kerk.
In 1960 is het een bijzondere decembermaand voor de Molukse families in Appingedam. Kort daarvoor woonden ze in Finsterwolde in tijdelijke barakken, maar nu hebben ze een eigen woonwijk gekregen in het stadje aan het Damsterdiep. Hun gloednieuwe kerkgebouw heet Eben Haëzer - ‘Tot hiertoe heeft de Here ons geholpen’ - en daar vieren ze hun eerste Kerstfeest.
De kerk was – en is - meer dan vier muren en een dak. Veel meer. De Molukkers die hier kwamen vanuit Indonesië hadden niets, behalve hun Bijbel. Het christelijk geloof was in het begin het weinige houvast dat er nog was. Nu toont Joop Hallatu (61) trots het gerenoveerde kerkgebouw. Als ouderling en lid van de Kerkenraad doet hij van alles: ,,Als de dominee er niet is, vervang ik hem. Ik besteed er veel tijd aan.’’ Een vriend die binnenkomt: ,,Hij doet alles!’’
Hallatu’s geschiedenis is bijzonder: ,,Ik ben geboren in Indonesië, in Jakarta. Ik werd meegenomen door mijn oom en tante naar Nederland om hier te studeren. Ik was toen 12 jaar.’’ Het was onverwacht: ,,Ik kwam binnen toen mijn tante op bezoek was en ze vroeg: ‘Wil je naar Nederland?’ Doe maar,’ antwoordde ik.’’
Hallatu ging nog een jaar naar de basisschool, de Rengersborg in Farmsum om beter de Nederlandse taal onder de knie te krijgen. Hij is nooit bij zijn ouders teruggekeerd. Hallatu had drie broers, die in Indonesië bleven. Later is hij geadopteerd door zijn oom en tante en heeft hun achternaam gekregen.
Zijn oom was ook kerkenraadslid in de kerk in Appingedam. Hallatu ging elke zondag mee. De gemeente had ervoor gezorgd dat de Molukse gemeenschap een eigen plek kreeg. Veel Nederlandse overheidsinstanties zaten destijds enigszins met de Molukse zaak in de maag, omdat van de beloofde terugkeer voor de KNIL-militairen (die voor het Nederlandse leger vochten) niets terechtkwam.
Hallatu: ,,Bijna iedere Molukse wijk in Nederland heeft een kerk. Het is een symbool voor ons, maar ook voor de verbondenheid met de Nederlandse samenleving. Molukkers zijn helemaal geïntegreerd.’’ Vroeger gingen alle Molukkers naar de kerk: ,,Ook als we laat thuiskwamen moesten we om 10 uur in de kerk zitten. Dat was verplicht. Nu is de betrokkenheid bij de kerk veel minder, net zoals in de hele Nederlandse samenleving. We hebben nog een kleine hechte groep die elke zondag komt. Onze dominee uit Assen preekt in meerdere kerken.’’
Het Molukse geloof is te vergelijken met de PKN, de gefuseerde Gereformeerde en Hervormde kerken in Nederland. ,,We hebben dezelfde psalmen en gezangen. Maar in onze diensten wordt tweetalig gepreekt: Maleis en Nederlands. Ja, nog altijd.’’
Bij de viering op 23 augustus ligt de nadruk op de culturele kant. Uit heel Nederland komen oud – Damsters van Molukse origine terug om te genieten van zang, dans en muziek. Hallatu verheugt zich op die dag. Er worden gospels gezongen, maar ook traditionele Maleise muziek gemaakt.
De Molukse gemeenschap nodigt alle geïnteresseerden uit kennis te maken met de Molukse cultuur en te genieten van muziek, dans en culinaire specialiteiten. De middag wordt geopend door Mina Ferdinandus en Ben Zuur (het duo Dusted Roads) met een lied over de komst van de Molukkers naar Nederland. ,,We willen ook dank zeggen, dat God ons 65 jaar lang een kerkgebouw heeft gegeven.’’