De leraar Nederlands had me stevig bij de schouders gepakt en geprobeerd me door elkaar te schudden. Dat lukte niet zo goed, want ik was een stuk groter dan hij. Hij had zijn gezicht veel te dicht bij mijn gezicht gebracht waardoor ik zijn adem rook. Een soort stallucht. Ook kon ik zo de zweetdruppeltjes goed zien op zijn bovenlip. Hij had ingehouden, grommend tegen mij gezegd dat ik geen knip voor de neus waard was. Dat ik van school gestuurd zou worden als ik mijn leven niet zou beteren. Ik moest leren luisteren, anders zou ik nooit voor een baas kunnen werken en al helemaal geen vrouw kunnen trouwen.
Dit gebeurde in een vol klaslokaal. Ik had geen idee wat ik verkeerd gedaan had. De klas begon te lachen. De leraar werd nóg kwaaier. Hij stuurde mij naar de deur. Ik zei iets wat hem nog bozer maakte. Hij probeerde mij een schop in de kont te geven, maar ik deed een sprongetje naar voren. Ik keek achter me en zag hem, behoorlijk uit balans, bijna omvallen. De klas gierde het uit. Ik maakte dat ik wegkwam en hoorde op het schoolplein de leraar nog schreeuwen tegen mijn klasgenoten. Ik weet nog dat ik dacht: bekijk het met je kutzooi. Ik pakte de fiets uit het fietsenhok en weet nog goed dat ik dacht: hier kom ik nooit weer. Ik fietste naar een stil plekje waar ik in de slootkant ging zitten. Het was prachtig weer. Het gras was groen, het water was helder en het fluitenkruid bloeide. Ik was opgelucht. Ik was blij. Vrijheid. Ik was rustig en voelde iets door mij heen stromen wat ik achteraf als puur geluk zou omschrijven.
Gisteren zat ik weer langs een slootkant. Het was precies zulk weer als op die dag. Daarom moest ik denken aan dat voorval. Ik vroeg me af of ik spijt had van wat er toen gebeurd was. Een beetje spijt voelde ik wel. Voor die leraar. Dat ik blijkbaar een volwassen meneer zo gek in de kop had gekregen dat hij zo tegen mij tekeer was gegaan. Dat was niet mooi. Maar ja. Ik had echt niet een hele grote bek gehad of zo. Ik deed alleen niet wat hij wilde. Niet eens bewust, denk ik. Ik was gewoon bezig met andere dingen. Toen ik er gisteren verder over nadacht, voelde ik me weer precies als toen, al die jaren geleden in die slootkant.