‘Istanbul depremi kapida!’ De Istanboel-aardbeving staat voor de deur. ‘Uyan!’ Word wakker! Deze teksten staat gespoten op een muur in mijn straat. Tussen de politieke boodschappen, liefdesverklaringen en kunstuitingen die de muren in deze wereldstad altijd zo tot leven brengen. Word Wakker! Een noodkreet die Istanbulieten moet herinneren aan wat ze allang weten. Maar waar ze liever niet te vaak aan denken.
Ik zie de gestencilde graffititekst opeens overal opduiken. Ik heb geen idee wie het op de muren spuit, maar het geeft de huidige gespannen sfeer in de stad goed weer.
Zolang ik in Istanboel woon, weet ik dat ik in een aardbevingsrisicogebied leef. Dat betekent dat er bij mij thuis een vluchttas klaar staat bij de voordeur. We hebben een voorraad houdbaar voedsel in huis, in elke kamer staan extra flessen water. Mijn dochter van 7 krijgt aardbevings-drills op school. We kennen de snelste vluchtroute naar buiten. Best even wennen voor iemand die is opgegroeid in een veilig land waar natuurgeweld niet (meer) een directe dreiging is. Maar ik probeerde er vooral niet te veel aan te denken.
De ramp heeft diepe wonden geslagen
Sinds De Ramp is alles anders. De aardbeving op 6 februari maakte van een groot deel van zuidoost Turkije een massagraf. Vijftigduizend slachtoffers is een aantal dat nog altijd moeilijk te bevatten is. Turkse families zijn groot en hecht en verspreid over het hele land, dus iedereen kent wel iemand die getroffen is. De ramp heeft diepe wonden geslagen.
En na de rouw, kwam ook de collectieve angst. Want iedereen had nu met eigen ogen gezien, op TV of in het rampgebied zelf, hoe het eruit ziet als het mis gaat.
In Hatay stond ik naast een ingestorte flat waarvan ik wist dat de bewoners sliepen toen het noodlot had toegeslagen. Er werd nog gezocht naar tekenen van leven, maar het bleef stil. Ik zag brokstukken van wat gewone woonflats waren geweest. Type flats die ik maar al te goed kende. Ik woonde zelf ook in zo’n flat.
Ik denk aan de graffiti op de muur. Wakker? We zijn klaarwakker.
De meest zenuwslopende stad waar ik ooit heb gewoond
Istanboel is een plek van extremen. Het is de mooiste stad ter wereld, maar het is ook de meest zenuwslopende stad waar ik ooit heb gewoond. Ik verloor mijn hart aan deze stad toen ik voor het eerst op de boot de mystieke Bosporus skyline aan me voorbij liet dobberen. Maar het onzichtbare gevaar ligt altijd op de loer in deze megastad. De beruchte Noord-Anatolische breuklijn ligt 20 kilometer verderop onder de Zee van Marmara. Experts houden rekening met een grote beving van boven de 7 op de schaal van Richter ergens binnen de komende tien jaar. Zo’n grote klap zal Istanboel onherkenbaar verwoesten met honderdduizenden doden tot gevolg.
Toen ik na tien slopende dagen in het rampgebied thuiskwam in Istanboel, wenste een collega in Nederland me ‘even lekker een paar dagen bijslapen’ toe. Ik dacht vooral: hoe kan ik nu nog slapen in deze stad? Ik kon niet meer ontspannen rondlopen. Ik zag elke scheur, in gevels, in muren. Ik dacht in termen van ‘dit gebouw zal instorten, deze blijft misschien net staan’.
Slecht gebouwde huizen, willekeurige of illegale stedenbouw op te zachte grond en een gebrek aan controle. Het was de perfecte storm in februari in het Zuidoosten. In Istanboel zijn de omstandigheden niet anders. ,,Een aardbeving in Istanboel is onvermijdelijk”, zei de burgemeester in maart. De realiteit is grimmig: zeker negentigduizend flats zullen waarschijnlijk niet overeind blijven staan. Het is een (veel te late) race tegen de klok om miljoenen huizen beter bestendig te maken tegen de komende aardbeving. Want dat ie komt is zeker, we weten alleen niet precies wanneer.
Kennis geeft je een betere kans om een aardbeving te overleven, leek me. Dus ik vroeg informatie op bij de gemeente, belde met experts en las me grondig in. Al gauw bleek dat de buurt waar ik met mijn gezin woonde knalrood is op de risico-kaart. De flat is gebouwd op zachte grond en niemand kan de bouwtekeningen nog vinden. Huiseigenaren weigeren een aardbevings-check uit te laten voeren.
Er valt een grote lading stress van mijn schouders af
Als kers op de taart woonden we ook nog dichtbij zee en dus in de tsunamizone. Alle seinen stonden op rood. Zorgelijk: al mijn vrienden en collega’s zaten in soortgelijke situaties. Was veilig wonen in deze stad überhaupt wel mogelijk? En in een tijd van exorbitante inflatie en extreme stijging van huurprijzen, leek verhuizen een onmogelijke opgave.
Zeven maanden na de ramp die alles veranderde, loop ik door mijn nieuwe straat. Ik heb net het huurcontract getekend en de sleutels opgehaald. De nieuwe flat galmt nog van leegte en ik inspecteer voor de zoveelste keer de muren en steunpilaren. Het pand is zes jaar oud en de gemeente heeft tijdens de bouw inspecties uitgevoerd. Het staat op het hoogste punt in de wijk, de ondergrond is van steen. De kans dat we een aardbeving zullen overleven is in elk geval een stukje groter geworden.
Ik ga zitten op het stoffige laminaat en er valt een grote lading stress van mijn schouders af. Maar in plaats daarvan drukt er nu een lading privilege op die schouders. Het besef dat ik de middelen wel heb om mijn kind naar een veiliger onderkomen te verhuizen.
En dat bij veel van haar leeftijdsgenoten in deze stad, hun ouders die keus niet hebben.
Onze V/M
Mitra Nazar (Delfzijl, 1980) is nieuw in onze serie van acht mediacorrespondenten verspreid over de hele wereld. Nazar is Turkije-correspondent voor onder meer de NOS, Nieuwsuur en het AD. Ze woont met haar partner en dochter sinds 2020 in de wereldstad Istanboel. Voordat ze neerstreek in Turkije was ze jarenlang vanuit Belgrado correspondent op de Balkan. Ze heeft een Iraanse vader en een Friese moeder, groeide op in Hurdegaryp en Leeuwarden en studeerde Taal- en Cultuurstudies en Pedagogische Wetenschappen (met een minor Journalistiek) in Utrecht.