Een medewerker van de kerncentrale van Tsjernobyl voor de nieuwe veilige insluiting (NSC), een metalen koepel die de sarcofaag omhult die de vernietigde vierde reactor van de kerncentrale van Tsjernobyl bedekt, op 9 april 2026. Foto: ANP/AFP
Nederland wil verder met kernenergie, maar Tsjernobyl is nog lang niet voorbij, stelt Herman Damveld. Volgens hem dragen veertig jaar na de ramp miljoenen mensen nog steeds de gevolgen, terwijl het beleid terugkeert naar de plannen van vóór 1986.
Door het ongeluk op 26 april 1986 met de kerncentrale Tsjernobyl in Oekraïne werd de bouw van kerncentrales aan de Eemshaven opgeschort. Nu, 40 jaar later, pakt de Nederlandse regering de draad weer op. Maar in Oekraïne, Wit-Rusland en Rusland zijn de gevolgen van het kernongeluk nog lang niet voorbij.
Plannen Eemshaven
De Nederlandse regering koos na veel discussie op 24 januari 1986 drie plaatsen voor de vestiging van nieuwe kerncentrales: Eemshaven, Borssele en de Maasvlakte. De Tweede Kamer was in meerderheid voor, maar vroeg op 21 april 1986 meer informatie over het risicobeleid. De toenmalige milieuminister Winsemius stelde op 25 april voor om het Kamerdebat met de definitieve beslissing over de locaties op 6 mei 1986 te laten plaatsvinden.
Maar in de nacht van 25 op 26 april 1986 gebeurde het ongeluk met de kerncentrale in Tsjernobyl. Aanvankelijk waren er hele vage berichten, die ik niet thuis kon brengen.
De schade aan de afscherming die voorkomt dat straling ontsnapt uit de vernietigde vierde reactor van de kerncentrale van Tsjernobyl, nadat deze werd geraakt door een Russische drone. Foto: ANP/EPA
Op maandag 28 april, in de loop van de middag, ging het over verhoogde radioactiviteit bij Zweedse kerncentrales. Om iets na acht uur ‘s avonds ging de telefoon. Het was Kees Wiese, wetenschapsjournalist van wat toen nog het Nieuwsblad van het Noorden heette en ook van de Gemeenschappelijke Persdienst, het samenwerkingsverband van regionale dagbladen.
Hij vroeg me of er kerncentrales in de buurt van Kyiv stonden. Ik zocht het uit. Een paar minuten later belde hij weer. Op de telex stond een bericht over een ongeluk bij Tsjernobyl. Of ik alles wat ik over Tsjernobyl had meteen bij elkaar wilde zoeken, vroeg hij, omdat hij het binnen een half uur zou komen ophalen.
Ik ging aan het zoeken en de volgende journalist was aan de telefoon. Ik wimpelde hem af met de mededeling dat ik informatie aan het opzoeken was. Toen Kees Wiese kwam had ik artikelen over het type Tsjernobyl, een doorsnede van dit ontwerp en waar Tsjernobyl precies ligt. Op 29 april stond mijn informatie in het Nieuwsblad en later ook in alle regionale bladen.
Overal voorpaginanieuws
Tsjernobyl werd overal voorpaginanieuws. De regering besloot vervolgens op 1 mei het debat over de nieuwe kerncentrales niet door te laten gaan.
De koeien moesten op 3 mei 1986 op stal, omdat het gras te radioactief was
Op 2 mei, het einde van de middag, kwamen kort achter elkaar telefoontjes van verontruste vrienden en kennissen. In de loop van die middag was de radioactieve wolk in Nederland aangekomen en als eerste gemeten bij het Kernfysisch Versneller Instituut (KVI) in Groningen. Of ik dat wel wist.
De dag daarop werd het slechter weer. Met regenbuien sloegen radioactieve deeltjes neer op de grond. De koeien moesten op 3 mei 1986 op stal, omdat het gras te radioactief was. Op 7 mei werd ook besloten de spinazie door te draaien. De Tweede Kamer besloot eveneens op 7 mei 1986 de besluitvorming over nieuwe kerncentrales op te schorten.
De zwaar met cesium belaste wolk kwam niet boven Nederland drijven. „Als dat wel was gebeurd had zelfs het graasverbod weinig effect gehad”, zei de toenmalige minister van Landbouw, Braks, op 10 november 1986 en hij voegde eraan toe: „We hebben al met al veel geluk gehad.”
Herbezinning en studie
Zo begon een langdurige periode van herbezinning en studie. Het duurde tot 2026 voordat de Eemshaven weer hoog op de lijst kwam te staan. Dat blijkt uit stukken die het ministerie van Klimaat en Groene Groei (KGG) op 11 februari 2026 heeft uitgebracht.
Blijvende stralingsgevolgen
Nederland mag dan geluk gehad hebben, dat geldt niet voor de getroffen regio’s. Toch lezen we vaak dat de gevolgen meevallen. Echter, 200.000 vierkante kilometer land werd radioactief besmet; 350.000 mensen werden geëvacueerd; het totaal aantal doden door dit ongeval liep in de duizenden, maar is niet exact bekend. De economische schade was zo’n 650 miljard euro.
De reactor brandde 11 dagen en van de vrijgekomen radioactiviteit sloeg 36 procent neer in Oekraïne, Rusland en Wit-Rusland, terwijl 53 procent terechtkwam in de rest van Europa; de overige 11 procent daalde neer in de rest van de wereld, blijkt uit een op 29 augustus 2023 verschenen analyse.
Drone raakt dak kerncentrale Tsjernobyl. 3D-overzicht overkapping kerncentrale. Foto: ANP/Infographics
In 2005 berekende het Internationaal Atoom Energie Agentschap (IAEA) dat 4.000 mensen gestorven waren door de stralingsbelasting van Tsjernobyl. De Duitse afdeling van Artsen voor Vrede (IPPNW) noemde in 2006 zo’n 10.000 tot 25.000 extra doden door kanker. In januari 2018 hadden 1,8 miljoen mensen in Oekraïne de status van stralingsslachtoffer, waarvan 377.589 kinderen.
De regering van Oekraïne betaalde in 2019 een uitkering aan 36.000 weduwen van mannen die gestorven waren als gevolg van het ongeluk in Tsjernobyl. Van de 860.000 jonge mensen die ingezet werden bij opruimwerkzaamheden, de zogeheten liquidatoren, waren er in 2011 al 112.000 tot 125.000 overleden: het sterftecijfer lag vijf keer zo hoog als bij leeftijdsgenoten, blijkt uit gegevens uit 2020.
De IPPNW hield op 7 maart 2026 een conferentie over de gevolgen van Tsjernobyl. Daar gaf Alexenko, directeur van het Onafhankelijk Instituut voor Stralingsveiligheid in Minsk in Wit-Rusland, een lezing over zijn onderzoek over cesium bij kinderen. De afgelopen 12 jaar zijn zo’n 300.000 kinderen onderzocht. Bij 50 procent van de kinderen werd vastgesteld dat ze in hun lichaam meer cesium hebben dan volgens de stralingsnorm aanvaardbaar is.
Russische drone-aanval
Na de ramp met Tsjernobyl-4 wilde men de andere drie kerncentrales zo snel mogelijk weer in bedrijf nemen. Om de lozing van radioactiviteit zoveel mogelijk te stoppen maakte men een bouwwerk: de sarcofaag.
De sarcofaag bleek niet zo stevig als men aanvankelijk hoopte. Onder invloed van radioactiviteit en vocht brokkelde het gebouw af. Daarom werd een tweede sarcofaag gebouwd om de eerste heen. Die was in november 2016 klaar.
Op 14 februari 2025 werd deze tweede sarcofaag beschadigd door een Russische drone-aanval. Er ontstond een brand die drie weken duurde. Op 18 september 2025 bleek dat volgens het ontwerp de sarcofaag wel rekening had gehouden met tornado’s of aardbevingen, maar niet met drones of raketten.
Reparatie kost zo’n 500 miljoen euro en is in 2030 klaar, bleek op 26 maart 2026. De Tsjernobyl-ramp is dus nog lang niet voorbij.
Herman Damveld, zelfstandig onderzoeker en publicist te Groningen