Minister-president Rob Jetten schud de hand van bondskanselier Friedrich Merz van Duitsland. Foto: ANP/Remko de Waal
Schoollokalen hangen vol met reclame voor betastudies. Dat leerlingen ook een taal kunnen studeren wordt hen nauwelijks verteld, schrijven universitair docenten Doris Abitzsch, Eva Knopp en Marije Michel.
Het nut van Duits en andere vreemde talen op middelbare scholen stond de afgelopen weken in diverse opiniebijdragen in deze krant opnieuw ter discussie. De één wil ermee stoppen, de ander wil bètaleerlingen ervan vrijstellen, een derde vraagt om minder bemoeienis van leraren bij het samenstellen van een vakkenpakket. Serieuze argumenten die allemaal draaien om één begrip: keuzevrijheid.
Keuzevrijheid veronderstelt informatievoorziening. En juist daar gaat het mis. Daarom schrijven wij hier niet over de keuzes die leerlingen maken, wél over de keuzes die ze nooit maken.
Blinde vlek
Uit ons onderzoek blijkt dat 95 procent van de examenleerlingen nooit heeft nagedacht over een talenstudie, specifiek Duits. Niet uit tegenzin, maar omdat slechts 2 procent er ooit over hoorde van hun schooldecaan. Wie niet weet dat iets bestaat, kan het niet kiezen. Dat is geen vrijheid. Dat is een blinde vlek.
Afbouwen van talenstudies begint bij voorlichting op de middelbare school
Er zijn genoeg leerlingen die goed zijn in talen, die taalleren als spannende analytische uitdaging ervaren en de wereld achter een taal en cultuur willen begrijpen. Voor hen is een taal- en cultuurstudie een logische stap, die ze zelden zetten, want slechts een enkeling hoort over die mogelijkheid.
Luc Sels, bestuursvoorzitter van de Universiteit Leiden, schreef onlangs in Trouw dat China investeert in talen- en regiostudies terwijl Europa ze afbouwt. Wat hij niet zegt: dat afbouwen begint niet aan de universiteit. Het begint bij de voorlichting op de middelbare school.
Losse initiatieven
Ongeveer een kwart van de taaldocenten geeft voorlichting over het eigen vak, maar losse initiatieven bereiken te weinig leerlingen. Lokalen hangen vol met promotie voor exacte studies, schooldirecteuren stellen ouders gerust dat de school er alles aan doet om een bètastudie mogelijk te maken. Onze alumni laten zien dat taalstudenten een stralend toekomstperspectief hebben: van onderwijs tot diplomatie, van EUREGIO-ambtenaar tot internationale handel. Maar dat verhaal bereikt de leerling niet.
De weinige bruggen die er wél zijn, worden één voor één opgehaald. Voorlichtingstrajecten over talenstudies worden stopgezet en investeringen in taal- en cultuurstudies blijven uit. Er is uiteraard campagnemateriaal, maar een folder zonder actieve informatieverstrekking wakkert geen interesse aan. Daar gaat de vrije keuze.
Decanen moeten een talenstudie niet alleen benoemen maar als serieuze optie inbrengen. Dus decanen en taaldocenten: grijp uw kans. Leerlingen kunnen zich nog tot 1 mei aanmelden voor een taal- en cultuuropleiding. Tijd genoeg voor een gesprek, een tip, een duwtje in de rug. Want keuzevrijheid zonder informatie is geen vrijheid. Het is willekeur.
Doris Abitzsch is docent aan de Universiteit Utrecht, Eva Knopp aan de Radboud Universiteit en Marije Michel aan de Rijksuniversiteit Groningen.