Ik stond als een brave dertiger de was te doen, toen ik op een geweldige podcast stuitte. ‘Dertig Doen’ van Patriecia Kolthof (verslaggever bij Dagblad van het Noorden) en Lidian Boelens. Ze hebben het over dertig worden, als mijlpaal voor dit jaar en wat daarbij hoort. Want wat moet je allemaal bereiken voor je dertigste?
Heel veel, vinden ze zelf. In hun introliedje gaat het al over ‘kinderen, koophuis, carrière’, die niet te combineren grootheden. Zeker niet in deze tijd waarin die driehoek net zo onbereikbaar is geworden als de duivelsdriehoek (goed, snel en goedkoop). Je mag er maximaal twee kiezen.
Een koophuis moet je met een ton overbieden dus dan heb je geen geld meer voor kinderen, en heb je kinderen dan heb je (in ieder geval als vrouw) nog steeds last van de loonkloof van 14 procent en kun je de kinderopvang nauwelijks betalen en ga je dus maar minder werken.
Ze peinzen er in de podcast als 29’ers over alsof ze voor hun verjaardag een definitieve keus moeten maken. Hoeveel grapjes ze ook vertellen, er heerst twijfel in de onderstroom.
Ik voelde mij precies zo toen ik 29 was. We hadden een koophuis, gingen trouwen en ik werkte zoveel dat ik mezelf ’s avonds geregeld afvroeg of ik die dag iets had gegeten. Ik vond dat het erbij hoorde, ik wilde mijn studieschuld aflossen, ik moest mijn bazen tevreden houden (vond ik) en geloofde anderen als ze zeiden dat die kinderwens ‘snel zou komen’.
Toen ik dertig was, had ik het eigenlijk allemaal, behalve die kinderen. Terwijl ik in die relatie wachtte op de beloofde moedergevoelens, stortte het hele kaartenhuis in elkaar.
In dat perfecte leventje waarin we deden of het prima ging ,,Ja, mijn vader is gehandicapt geraakt maar hij ís er nog!’’ ,,Veel werken geeft ook afleiding!’’ ,,Nee hoor, je hoeft echt niet alles te bespreken in je relatie!’’ voelde ik mij steeds minder thuis.
Pas toen ik al twee jaar uit dat huwelijk weg was, zag ik dat ik verwachtingen en dromen van anderen op mezelf had geprojecteerd. Ik besefte dat ik grote mijlpalen nastreefde, omdat ik dacht dat het zo moest. Het gaf richting, maar daardoor sjeesde ik wel door het leven alsof ik haast had. Doodzonde.
Nu heb ik dat niet meer. Niks wat ‘hoort’ als dertiger. Ik heb geen koophuis, ik ben minder gaan werken en ik heb besloten dat kinderen niet voor mij zijn. Ik ben uit de duivelse driehoek van verwachtingen gestapt.