Archibald Pouwels luidt de giga-midwinterhoorn in Veele bij de start van de midwinterhoornwandeling in Veele. Foto: Huisman Media
De vijftiende midwinterhoornwandeling in Veele is ingeluid met de nieuwe giga-midwinterhoorn. Volgens traditie liep een stoet van honderden mensen door het donkere sprookjeslandschap, terwijl hoorns de boze geesten verjoegen.
De ‘ooohs’ en ‘aaaaaahs’ vullen de donkere nacht bij Veele als het doek wordt weggetrokken. Daar is ie dan. De nieuwe midwinterhoorn van De Giezelbaargbloazers in Veele. Van de brede mond, langs de ranke hals tot het mondstuk is het vier meter en 65 centimeter pure, met de hand vervaardigde glorie uit coniferenhout.
Het gevaarte rust op een sierlijk, ijzeren kunstwerk van Willy Oosterveld, bij wie de conifeer ook vandaan kwam. „’t veurste stuk ben scheuvels, en achter dat mot ‘n arrenslee wezen”, legt Oosterveld uit. In het midden van de ijzeren constructie maakte hij een eerbetoon aan alle vrijwilligers: „dai soam scholders d’r under steken”
.
Willy Oosterveld legt uit waarop de grote midwinterhoorn rust. Foto: Huisman Media
Willy
Archibald Pouwels (78) neemt een flinke teug lucht. Hij weet dat er aardig wat meer nodig is dan voor een traditionele hoorn. Iedereen is stil. Dan vult hij de duisternis met een indringend, luid zoemen in vijf tonen. De trommelvliezen trillen. Het is een natuurgeluid, omschrijft Pouwels. Het wordt gemaakt met de mond en vergt nogal wat lipkracht.
Jammer, maar helaas: het is niet de grootste hoorn, erkent wethouder Giny Luth in een toespraak. De oud-Veeler is desalniettemin verguld. Ook als in Diever een grotere staat. Uit het publiek klinkt: ‘maar deze maakt geluid!’, verwijzend naar het vermeende onvermogen van de hoorn van Diever om te presteren.
Luth ziet vooral een uitdaging om een groter stuk hout te vinden en een nieuwe te maken. „’t Laifst zaacht hòlt, aans weden zai zo laang aan ‘t waark.”
Dan kan over een paar jaar een briefje naar Diever: ‘wij hebben de grootste’, voorspelt Luth. Maar vooralsnog moet eerst een naam worden bedacht voor de pas onthulde midwinterhoorn. Het zou volgens haar maar zo kunnen dat ze ‘m Willy noemen.
De Giezelbaargbloazers in Veele kunnen nog steeds rekenen op jonge aanwas. Niet alleen voegde Lydia Goudeket (80) zich bij de gelederen, ook Roel Keizer (32) stond dit jaar langs de wandelroute met zijn midwinterhoorn.
Lydia Goudeket, één van de nieuwe aanwisten van de Gieselbaargbloazers. Foto: Huisman Media
Hij komt uit Twente, waar het blazen een eeuwenoud gebruik is. Sinds kort woont hij met zijn vriendin in Gasselte. „Vorig jaar was ik hier ook, toen had ik mijn eigen hoorn mee. Dat vonden de Giezelaargbloazers leuk, ze vroegen of ik dit jaar weer wilde komen.” Nu staat hij in het tenue van de club.
Vriendin Agatha Oostenberg (30) kan er wel van genieten. Hij mag oefenen in de garage. En dat doet hij niet het hele jaar. Zoals hij er in Twente mee opgroeide, toetert hij vanaf de eerste zondag van de advent tot driekoningen (6 januari): „Vandaag is het de laatste keer, het is afblazen.”