Het Wall House in de Hoornse Meer in Groningen. Foto: Jaspar Moulijn
Het Wall House in Groningen bestaat 25 jaar. Eigenaar het Groninger Museum viert dat door het architectonische hoogstandje in z’n oorspronkelijke staat terug te brengen zodat kunstenaars er tijdelijk kunnen wonen.
Het Wall House past met z’n eigenzinnige en kleurrijke uiterlijk precies bij het Groninger Museum, zegt artistiek directeur Roos Gortzak van het Groninger Museum. Ze vindt het de uitgelezen plek waar kunstenaars, die via exposities van hun werk verbonden zijn aan het Groninger Museum, kunnen verblijven. Daarmee wordt het Wall House weer een kunstenaarsresidentie, een functie die het jarenlang had.
Daaraan kwam een eind toen het Groninger Museum het Wall House tien jaar geleden overnam en er een culturele ontmoetingsplek voor de Hoornse Meer van maakte. „Van global naar local’’, was het motto van toenmalig museumdirecteur Andreas Blühm. De meubels en de keuken werden uit het pand verwijderd zodat het louter een expositieruimte was.
Keuken teruggevonden
Gortzak draait dat terug. „De keuken is teruggevonden in een boerderij ergens op het platteland’’, zegt ze. Ze ziet het Wall House als een kans voor Groningen en ziet het boek dat op initiatief van fotograaf Gea Schenk wordt uitgebracht ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan als ‘bewijs van het belang van het Wall House binnen de architectuur.’’
Schenk was de afgelopen 10 jaar conservator van het Wall House en had als doel om er een kunstzinnige plek van de buurt van te maken. Ze is blij met het enthousiasme van Gortzak. „Zij omarmt het Wall House en heeft fantastische ideeën. Ik vind het belangrijk dat wat ik heb opgebouwd in het Wall House wordt voortgezet.’’
Architecten uit New York en Berlijn
Volgens Schenk is het niet eenvoudig om het Wall House op de kaart te krijgen. „Het is heel beroemd onder architecten. Als ik er in de weekenden was, kwamen er spontaan architecten uit New York en Berlijn en overal vandaan langs. Dan merk je hoe bekend het is. Mensen lopen er rond alsof het het walhalla is. Tegelijkertijd weet ik dat heel veel Groningers het niet kennen.’’
Ze heeft er talloze exposities gehouden, van een portrettengalerij van buurtgenoten tot een Bauhaus-tentoonstelling. Dat leidde tot zo’n 2500 bezoekers op jaarbasis. Op last van de brandweer mogen er hooguit 35 mensen tegelijk in het gebouw aanwezig zijn.
Kruisbestuiving
Schenk bood met de exposities niet alleen kunstenaars een podium, maar ook het Wall House zelf. De meest gestelde vraag aan haar als conservator was: Is dit huis te koop?
Dat is het niet. „Het is de ideale plek om te mijmeren, waar kunstenaars en schrijvers op ideeën komen. In het Wall House vormen zich ideeën. Ik ben blij dat kunstenaars die verbonden zijn aan het Groninger Museum er weer verblijven, want dan krijg je een soort kruisbestuiving. En dan wordt het vanzelf een plek waar de buurt trots op is.’’
Op 18 april maakt het Groninger Museum bekend op welke manier, naast het jubileum-boek, het 25-jarig bestaan van het Wall House wordt gevierd. Aanvang 12 uur, in het Wall House.
Wall House
Het Wall House is een creatie van de beroemde Amerikaanse architect John Hejduk (1929-2000). Dertig jaar lang was het een idee dat praktisch nauwelijks uitvoerbaar leek. Hij ontwierp het in eerste instantie als buitenverblijf voor landschapsarchitect Arthur Edwin Bye, die het wilde laten bouwen in Connecticut. Het kwam er nooit, evenmin als andere ontwerpen voor Wall Houses die Hejduk maakte.
Toen Groningen in de jaren 90 van de vorige eeuw uitgroeide tot een favoriete plek voor moderne architecten, liet dat z’n sporen na in de stad. Toenmalig stadsbouwmeester Niek Verdonk spande zich in om het Wall House in Groningen te krijgen, omdat Hejduk door architecten bewonderd werd. „Het Wall House paste in de Hoornse Meer. We wilden met die wijk laten zien dat architectuur meer was dan prefab-bouwen’’, zei Verdonk vijf jaar geleden in deze krant over het Wall House dat als woonhuis bedoeld was.
Volgens Verdonk maakte Hejduk onderscheid tussen bouwkunde en bouwkunst. „Een gebouw moest de ziel ontroeren, net als een kunstwerk. Dat een huis ook bedoeld is om in te wonen, vond Hejduk minder belangrijk.’’
Het Wall House kreeg geen vaste bewoners, maar kunstenaars die er tijdelijk woonden en werkten. „Het Wall House is een kunstwerk waarin je kunt wonen’’, zei kunstenaar Javier Marchán, een van de eerste zogeheten ‘artists in residence’.