Ineke van Gent wordt bestuurder bij het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG), na zeven jaar burgemeesterschap op Schiermonnikoog. Ze vertelt waarom.
Waarom wilde u juist bij het IMG aan de slag?
„Ik heb gelukkig nog energie genoeg na zeven jaar burgermoeder te zijn geweest. Nu wil ik mijn bijdrage leveren om mensen met mijnbouwschade te helpen. Ik wil zorgen dat dit nog sneller en menselijker gaat. Er gaat veel goed bij het IMG, maar het kan nog beter. Ik vind het fijn dat ik me daarvoor mag inzetten.”
Wat gaat u eigenlijk doen als bestuurder?
„Ik krijg de sociaal-maatschappelijke portefeuille. Daarvoor mag ik met mensen in gesprek die het lastig vinden een aanvraag te doen of die wantrouwen voelen naar de overheid. Goed naar hen luisteren, zodat ik weet wat ze nodig hebben en hoe ik daar bestuurlijk een mouw aan kan passen. Ik praat liever met mensen dan over mensen. Je moet nooit vergeten voor wie je het doet.”
Snakte u terug naar de stad?
„Ik wilde terug naar mijn roots in Groningen. Ik blijf zeker terugkomen op Schiermonnikoog, hoor. Maar ik heb de stad wel een beetje gemist.”
Hoe kwam IMG bij u uit?
„Ik heb na jaren weer eens ouderwets gesolliciteerd, met een brief. Ik zag de vacature zelf en kreeg ‘m ook getipt van vrienden: dit was volgens hen echt iets voor mij.”
Wat maakt u de juiste persoon voor de job?
„Ik ben politiek betrokken en heb veel ervaring als bestuurder. Ik hoop ook dat mijn regionale en landelijke netwerk helpt. Mensen lopen nog te veel tegen bureaucratie aan, ik wil de drempel verlagen voor gedupeerden om een schadevergoeding aan te vragen. Zodat iedereen krijgt waar hij of zij recht op heeft.”
U gaf aan meer politieke vrijheid te verlangen. Komt dat wel goed bij een overheidsinstantie?
„Met die uitspraak bedoelde ik dat ik met passie opkom voor datgene waar ik voor sta. Ik blijf een politiek mens, dat zit in mijn genen. Men weet wie ik ben. Maar het gaat verder dan partijpolitiek, ik wil opkomen voor mensen. Prachtig dat dat nu weer kan met deze functie, in de regio waar ik vandaan kom.”