Een nagespeelde stalkingssituatie, ter illustratie. Beeld: Shutterstock
Advocaat Suzan Özsaran uit Groningen zag zich dit jaar in een scheidingszaak genoodzaakt haar werk neer te leggen toen ook zij slachtoffer werd van de stalkende ex-man van haar cliënt. De man mailde, belde en appte duizenden keren.
‘Als u dacht dat ik nu vervelend ben, kent u mij nog niet’, citeert de voorzitter van de Groningse rechtbank dinsdag een mail van de stalker (39) aan het kantoor van Özsaran. ‘Ik los de omgang met mijn kind zelf op en ga voor eigen rechter spelen. Bel de politie maar.’
Een tekst waar ook de rechter bang van zegt te worden. Maar tegenover haar lijkt dinsdagmiddag de goedheid zelve in de rechtszaal te zitten. De Groningse verdachte spreekt rustig en vriendelijk. Ook hij is enorm geschrokken van zichzelf. ,,Ik had een paar jaar geleden niet kunnen denken dat ik voor dit soort feiten hier zou eindigen.’’
Instanties worden zijn allergrootste vijanden
De zaak draait om een Turks stel uit Groningen, dat in 2020 na zo’n 7 jaar uit elkaar gaat en samen een dochter heeft. Er wordt een omgangsregeling afgesproken, maar in de zomer van vorig jaar ontstaan er problemen over wie wanneer het meisje mag zien. Vanaf dan worden betrokken instanties in de ogen van de vader zijn allergrootste vijanden en neemt hij vooral zijn ex kwalijk dat hij hun kind minder ziet.
In oktober vorig jaar belt de man in iets meer dan een week tijd ruim 350 keer naar zijn voormalige partner, die zijn nummer dan al heeft geblokkeerd. Terwijl de rechtszaken over de voogdij beginnen te lopen, voert de politie een eerste zogeheten stopgesprek met de man. ,,En naar mijn mening is het toen alleen nog maar verder geëscaleerd’’, blikt hij terug.
De ex doet begin dit jaar opnieuw aangifte. Haar ex bestookte haar opnieuw talloze keren, en dit keer zijn ook vrienden en familie de dupe. Tussen december 2023 en juni van dit jaar telt de recherche 1500 telefoontjes. Daar komen nog stapels berichten op Facebook bij. Wat niet meehelpt, is dat de man in januari zijn kind zonder toestemming een dag meeneemt als hij haar tegenkomt in Stad.
Het is ook in die tijd dat het kantoor van Özsaran steeds grimmiger mailtjes van de man ontvangt. De stalker lijkt haar te zien als verlengstuk van zijn ex. De raadsvrouw besluit aangifte te doen en wordt daarmee een partij in de strafzaak. Ze ziet zich genoodzaakt het werk voor haar cliënt neer te leggen. De berichtjes laten de strafrechtadvocaat niet koud, leest de rechter in het dossier. ,,Een poos lang keek ze om zich heen als ze naar buiten ging.’’
Vrouw woont met dochter in geheime opvang
De verdachte is zelf als juridisch adviseur geen onbekende in de rechtbank. Hij staat zijn toegewezen advocaat Niek Heidanus niet toe iets te zeggen, hij wil zijn eigen verdediging voeren. Waarom de verdachte Özsaran zo nodig in een mail moest uitmaken voor kutwijf? ,,Ik had nog veel grievendere dingen kunnen zeggen’’, reageert hij als eerste. ,,Maar ik had het ook niet kunnen zeggen, natuurlijk.’’
Het gezag over zijn dochter is de man inmiddels kwijt. Zij is met haar moeder verhuisd naar een vrouwenopvang op een geheime locatie.
Voor zowel justitie als de rechtbank rest de vraag: wat als hij weer vrijkomt? Twee keer werd hij onder voorwaarden uit zijn voorarrest geschorst en twee keer kwam hij afspraken niet na en werd hij weer opgepakt.
‘Voorspellende waarde voor vrouwenmoord?’
En, zegt een van de rechters: ,,Heeft uw gedrag misschien geen voorspellende waarde, als we kijken naar de opmaat in zaken over vrouwenmoord? Is iedereen veilig als u weer ‘buiten’ komt?’’ De man zegt een boek te willen gaan schrijven. ,,Wie weet haal ik daar mijn gram en geeft dat mij rust.’’
Daar wil de officier van justitie niet op vertrouwen. Ze wil dat de man een half jaar de cel in gaat, met daarnaast een half jaar voorwaardelijk als stok achter de deur. Maar daarnaast eist ze een GVM-maatregel, die maakt dat als de man de komende 3 jaar contactverboden met een van de gedupeerden schendt, hij steeds twee weken kan worden vastgezet.
De man vindt het prima. ,,Eigenlijk is het niet nodig, wie wil ik nog bellen? Ik ben alles al kwijt. Het is zo zonde.’’ De rechtbank doet 24 december uitspraak.