Gaande directeur Henk Boldewijn (l) en komende directeur Errit Bekkering van vastgoedfonds Roemte. Foto: Geert Job Sevink
Na drie jaar pionieren staat het vastgoedfonds Roemte klaar om de vleugels verder uit te slaan in de Groningse aardbevingsregio. Tijd voor directeur Henk Boldewijn om het stokje over te dragen.
Aan de vooravond van zijn afscheid, vrijdag in Maarhuizen, durft hij het wel te bekennen. „Ik heb wel drie keer gedacht: ik ga weg, ik stop ermee.”
Inmiddels staat de trein stevig op de rails, maar dat ging niet zonder strijd, blikt Henk Boldewijn terug op de afgelopen drie jaar aan het roer van Roemte, het investeringsfonds dat met een zak ‘aardbevingsgeld’ creatieve nieuwe bestemmingen moet vinden voor leegstaande scholen, kerken en ander ‘maatschappelijk vastgoed’.
Roemte komt voort uit Toukomst, het initiatief waarmee het Nationaal Programma Groningen leefbaarheidsprojecten ‘van, voor en door de Groningers’ wil stimuleren. Er is 100 miljoen euro voor vrijgemaakt. Roemte was in januari 2021 één van de 44 projecten die door een onafhankelijk Burgerpanel werden geselecteerd uit liefst negenhonderd ideeën die ‘gewone Groningers’ na een oproep van het NPG indienden voor een beter en mooier Groningen.
Een plus een maakt drie: halt aan verpaupering en oppepper leefbaarheid
Het idee achter Roemte is even slim als simpel. Aan de ene kant staan in de provincie tientallen leegstaande scholen, kerken, dorpscafés en andere publieke gebouwen te verkommeren. Aan de andere kant zijn er evenzovele Groningers met goede ideeën voor een nieuwe invulling maar zonder geld. Door zulke plannen van de grond te helpen met een goedkope lening slaat Roemte twee vliegen in één klap. De leefbaarheid in dorpen en wijken knapt ervan op en de verpaupering van waardevolle en vaak karakteristieke panden wordt een halt toegeroepen. Een plus een maakt drie, zogezegd.
Boldewijn stond als mede-bedenker van Roemte in voorjaar 2021 te trappelen van ongeduld om aan de slag te gaan met de ruim 22 miljoen die het plan kreeg toebedeeld uit de Toukomst-pot. Maar het geduld werd aanvankelijk zwaar op de proef gesteld. Het is een sympathiek idee: geef Groningers de gelegenheid om zélf - ‘van onderaf’ - de leefbaarheid van hun dorp of wijk op te krikken en je bent verzekerd van draagvlak in de gemeenschap. Maar als overheden er zoveel geld tegenaan gooien, willen ze ook zekerheid dat het goed besteed wordt.
Dat geeft spanning tussen al die enthousiaste Toukomst-plannenmakers en de ‘bestuurlijke wereld’, zoals Boldewijn dat betitelt. Ook ‘zijn’ eigen Roemte kreeg er in de aanloopfase mee te maken. „Die bestuurlijke wereld zegt: Wij stoppen 22 miljoen in Roemte dús wij bepalen wat daarmee gebeurt. Maar bij Toukomst zei het Burgerpanel: Dit is van en voor de Groningers. Dus niet alleen voor, maar ook ván. Daar moet ik nog steeds op blijven wijzen: Roemte is óók van de initiatieven die te horen hebben gekregen dat ze met ons konden gaan werken aan de realisatie van hun plannen.”
Van wie is het geld: overheid of plannenmakers?
„Daar hebben we zeker in de opstartfase heel veel strijd over gehad met de provincie en het NPG”, zegt Boldewijn. „Dat was echt een heel moeilijke tijd, waarin ik meerdere keren heb getwijfeld of ik wel door wilde. Je wordt er moe van om steeds weer richting bestuurders te zeggen: dat geld ís niet van jullie, dat is van óns en van de initiatiefnemers. En die initiatiefnemers, dat zíjn geen mensen die geld weggooien. Daar zitten hoogleraren tussen, juristen, en god mag weten wat nog meer voor slimme mensen. Daar zit misschien nog wel meer geleerdheid, dan bij die hele bestuurlijk/ambtelijke wereld bij elkaar. Dat zijn allemaal mensen met ideeën, die wíllen iets. Daar moet je vertrouwen in hebben als je als regionale overheden iets wilt bereiken.”
De overheidsdrang om controle te houden over het proces kan het enthousiasme smoren, ziet Boldewijn om zich heen. Hij herkent wel iets in de teleurstelling die enkele van de uitverkoren Toukomst-plannenmakers van het eerste uur vorig jaar in Dagblad van het Noorden uitspraken over het feit dat ze twee jaar na de selectie nog nauwelijks verder waren gekomen met hun initiatief. Zelf moest Roemte ruim een halfjaar wachten voor er uiteindelijk in de zomer van 2021 enigheid was over de financiële spelregels en de gesprekken met plannenmakers konden beginnen over de eerste projecten en leningen.
Het is een leerproces dat nog steeds niet helemaal is afgerond, stelt Boldewijn vast. Inmiddels mag Roemte zelfstandig beslissen over investeringen tot 50.000 euro, projecten die daar overheen gaan worden getoetst door een eigen maar onafhankelijke investeringscommissie. „Aanvankelijk zouden we voor elke investering langs de provincie moeten. Maar daarvan heb ik meteen gezegd: dat gaan we dus niet doen. Voor je groen licht hebt op het provinciehuis ben je zo drie maanden verder. En ondertussen ligt alles stil. Dat werkt niet, zeker niet als je praat over de aankoop van een pand. Daar komen ook andere kopers op af. Dan moet je binnen een week kunnen beslissen.”
Inmiddels kan het twaalfkoppige Roemte-team op het projectbureau in de Groningse binnenstad heel wat slagvaardiger opereren. „Al zal ik je niet vermoeien met de administratieve rompslomp, aan kwartaalrapportages en alle mogelijke documenten die we nog steeds om de haverklap moeten aanleveren bij NPG en provincie. We hebben intern gelukkig heel goeie mensen die daar mee om kunnen gaan. Aan de ene kant is het begrijpelijk want het gaat om veel overheidsgeld. Maar het is wel eens ingewikkeld.”
Inmiddels voor 5 miljoen aan leningen uitgezet
Maar de trein rolt. Inmiddels heeft Roemte acht leningen uitstaan, voor in totaal 5 miljoen euro. De portfolio loopt van het Café Bulthuis in Eenrum, dat na het afscheid van de uitbaters een nieuwe toekomst krijgt als dorps- en cultuurhuis, tot het Land van Aine, het ‘ecodorp’ dat een groep enthousiastelingen nu opricht in en rond de voormalige aardappelmeelfabriek in Ter Apel. (Zie inzetkader voor een uitgebreidere greep uit de Roemte-projecten).
Van de eerste tranche van 10 miljoen is nu een groot deel uitgezet, dit najaar beslist de provincie over een tweede ronde van 12,7 miljoen voor de komende jaren. „Gezien de resultaten en de ontwikkeling van Roemte zou dat voor de Staten een hamerstuk moeten zijn”, zegt Boldewijn.
Een heet hangijzer was in de beginfase de vraag of een lening al dan niet zou zijn te betitelen als ongeoorloofde want vrije marktverstorende staatssteun. Daar is veel discussie overheen gegaan terwijl projecten in de wacht stonden. Roemte vraagt nu een rente over zijn leningen, die bijna de helft lager is dan wat de banken vragen. Maar het tarief is wel ‘staatssteun-proof’, zegt Boldewijn.
De angst voor een tik op de vingers van Brussel is achteraf goeddeels koudwatervrees gebleken, stelt hij. „Als overheidsgeld bijdraagt aan de versterking van de culturele of maatschappelijke infrastructuur, staan de Europese concurrentieregels veel meer toe dan gedacht. Daar wordt soms veel te rigide mee omgegaan. Roemte ís er nota bene omdat de banken niet in dit soort investeringen stappen. Kort door de bocht: wij zijn opgericht om de markt te verstoren.”
De Roemte-portfolio beperkt zich al lang niet meer tot de Toukomst-projecten van het eerste uur die voor realisatie aan het vastgoedfonds waren gekoppeld. Ook andere plannenmakers weten Roemte inmiddels te vinden. „Iedere week komen er nog weer nieuwe dingen bij”, zegt Boldewijn.
In een paar gesprekken kijkt Roemte met de initiatiefnemers of hun plan om een gebouw een nieuwe bestemming te geven een haalbare kaart is. Is het antwoord ‘ja’ dan wordt er een concreet plan gesmeed en komen er architecten en adviseurs bij voor een verbouw- en exploitatieplan. Roemte schiet de kosten voor. Komt het project van de grond dan lossen de initiatiefnemers de lening af, zo niet dan is het risico voor Roemte.
Doel komt in zicht: ‘Roemte is er om te blijven’
Inmiddels vloeien de eerste aflossingen terug in de Roemte-kas. Daarmee komt voorzichtig het beoogde doel in zicht: een ‘revolverend’ fonds dat zichzelf in stand houdt en de terugvloeiende rente weer kan uitzetten voor volgende leningen. En dat opent ook zicht op de volgende fase: een verzelfstandiging los van NPG en de provincie.
Maar dat is een klus voor zijn opvolger Errit Bekkering, die in februari overkwam van de Noordelijke Ontwikkelingsmaatschappij. Dat het lukt staat voor Boldewijn nu al vast. „We kunnen ons op termijn zelf bedruipen, daar ben ik niet bang voor.” Verwijzend naar de titel van zijn allereerste businessplan: „Roemte is hier om te blijven.”
Van de vijftig projecten die in drie jaar tijd bij Roemte zijn aangedragen, zijn er nu dertig geselecteerd waaraan het vastgoedfonds nu concreet werkt met de initiatiefnemers. Scheidend directeur Henk Boldewijn doet een greep uit de portfolio:
Café Bulthuis Eenrum: Een lokale initiatiefgroep kreeg een lening van 4,5 ton om het enige plaatselijke café om te bouwen tot dorps- en cultuurcentrum. Het pand is al aangekocht, DAAD Architecten ontwerpt nu een bouwplan en een adviseur broedt samen met de initiatiefnemers en Roemte op een businessplan.
Cultuurhistorisch Centrum Loppersum: Roemte kocht een karakteristiek winkelpand en verhuurt dat nu aan de lokale cultuurhistorische vereniging. Die maakt er een streekmuseum en activiteitencentrum van. Roemte steunt het initiatief financieel, met de inkomsten van het centrum neemt de vereniging het pand op termijn over.
Land van Aine, Ter Apel: een coöperatieve wooncommunity kocht samen met gemeente Westerwolde de oude aardappelmeelfabiek en realiseert daar een ecodorp. Roemte leende 2 ton voor reparatie voor het dak, terug te betalen uit inkomsten uit onder meer de verhuur van het fabrieksgebouw voor (mode-)fotoshoots.
Zuurstoffabriek, Groningen: Initiatiefgroep met onder meer boekhandel Riemer en Koffiestation wil leegstaand fabriekscomplex aan de Pop Dijkemaweg ontwikkelen tot creatieve broedplaats. Roemte overweegt lening voor 15 à 20 procent van de kosten. Daarnaast kijkt Roemte met stadsbestuur naar kansen om meer broedplaatsen een permanent karakter te geven.
Speel en Buitenplaats De Borg, Groningen: wijkbewoners praten met Bureau Meerstad over koop van een voormalige boerderij in deze nieuwe stadswijk. Plannen voorzien in recreatieve en horeca-voorzieningen, verblijfs- en groepsaccommodatie.
Kunstencentrum De Ploeg, Wehe den Hoorn: Stichting Erfgoed De Marne restaureert oude school dankzij subsidie NPG en Waddenfonds. Roemte werkt mee aan een herinrichting tot Ploeg-museum en denkt mee over businessplan.
Theaterboerderij, Oosterwijtwerd, Dit jaar het toneel voor de derde Zummerbühne-theaterproductie (na eerdere edities op Hoog Hammen en Maarhuizen). Voor verdere toekomst onderzoekt Roemte samen met de eigenaren of de boerderij nog meer een plek kan worden voor sociale, culturele en recreatieve activiteiten. Tijdens Zummerbühne is er een popup-expositie gepland van een ander uitverkozen Toukomst-project: het Aardbevingsbelevingscentrum, inmiddels omgedoopt tot EPIQ.
Verder in de pijplijn: dorpscentrum in oude gemeentehuis Leens, herinrichting voormalige bieb Warffum tot dorpscentrum ‘t Wieshoes annex Vakland-dependance, Zorgboerderij Nieuwolda, creatieve broedplaatsenplan Winschoten, Nieuwe Zaaiplaatsen-mobiele popschool Pekela.
PASPOORT
Naam: Henk Boldewijn
Geboren: 22 februari 1949, Putten
Opleiding: Academie van Bouwkunst Groningen,
Master Entrepreneur De Baak Noordwijk.
Loopbaan:
- Architect, oprichter en directeur KAW architecten (1976-2005), Projectleider en interimmanager bij woningbouwverenigingen, KUUB, en diverse architectenbureaus.
- Gemeenteraadslid PvdA Groningen (2002-’06) en bestuurslid Waterschap Noorderzijlvest (2007-’15).