In de tuin van Reinder Hovinga staat een ophaalbrug die sprekend lijkt op de brug in Nienoord. Foto: Sebastiaan Rodenhuis
Landgoed Nienoord bestaat vijfhonderd jaar. Ster van het landgoed was Reinder Hovinga. Bijna vijftig jaar lang gaf deze eigenwijze intellectueel rondleidingen. Nu leeft hij teruggetrokken in een reusachtig landhuis in Zuidbroek, zonder partner maar mét Goethe. ‘U maakt er toch geen pretpark van?’
Reinder Hovinga (77) woont alleen in een oud landhuis bij de entree van Zuidbroek. Hij heeft lange, grijze haren als de manen van een leeuw. Sommige mensen vinden hem misschien vreemd of noemen hem een paradijsvogel. Vroeger was hij misschien wel de populairste gids op landgoed Nienoord en een lokale bekendheid in Leek.
Hij heeft een gigantisch huis, maar geen televisie, geen internet en geen telefoon. Hij heeft ook geen vrouw of man. Niet dat die er nooit geweest zijn. Hij heeft zijn portie wel gehad. Reisde graag naar Amsterdam om te proeven aan de homoscene.
Hij heeft wél een transistorradio. Die staat altijd afgesteld op, zoals hij het nog steeds noemt, Hilversum 4. Het station met klassieke muziek. En hij heeft duizenden boeken in eikenhouten boekenkasten die al bestonden voordat de boeken geschreven werden. Hovinga leest Goethe, Tolstoj, Vestdijk, Thomas Mann.
Zijn huis ademt ouderdom. Op de grote tafel in de eetkamer staat een antieke, tinnen theepot en droogbloemen. In de hoek van de erker staat een chaise lounge met aan het voeteneind een fles whiskey. Daar vleit Hovinga zich soms neer om naar de tuin te kijken.
Oude flessen wijn in de kelder. Foto: Sebastiaan Rodenhuis
‘Ster-rondleider’
Reinder Hovinga werd geboren in mei 1948 in Leek. Zijn vader was tuinman en imker op landgoed Nienoord in datzelfde dorp. Toen Reinder 20 werd kwam hij er ook werken. Hij leidde de mensen rond over het landgoed en werd al snel de ‘ster-rondleider’. Niemand anders durfde rondleidingen te geven in het Duits of het Engels. „Wat spreekt u goed Duits”, merkte een toerist wel eens op. „Ach, als je Goethe leest komt dat wel goed”, zei hij dan steevast.
Hij zou er 46 jaar blijven. Zes jaar lang gaf hij rondleidingen in het Rijtuigmuseum, daarna gaf hij rondleidingen in de oude kerk van Midwolde, onderdeel van het landgoed. Iedereen in Leek kende Reinder Hovinga. En Hovinga genoot van de grandeur van het oude landgoed.
‘Een aantasting van Nienoord’
En hij kon een lastige werknemer zijn. Vond hij dat iets niet deugde, dan stapte hij rustig het regiokantoor van Dagblad van het Noorden in Leek binnen. Vervolgens verschenen in de krant artikelen waarin hij dingen zei als: „Men is hard op weg er (het landgoed Nienoord red.) een soort pretpark van te maken.”
Of toen er net een rapport was verschenen over de toekomst van het landgoed: „De aanbevelingen in het rapport zijn vrijwel allemaal een aantasting van Nienoord. Al die plannen hebben niet voldoende historisch gewicht.” Het mocht niet baten.
Maar aan alles komt een eind. En tien jaar geleden ging hij met pensioen.
Hovinga schreef een boek over Nienoord en artikelen over de familie Van Panhuys. Foto: Sebastiaan Rodenhuis
Huis gekocht
Hij woonde toen al een jaar of tien in het huis in Zuidbroek. In 2005 kocht Hovinga het pand en de tuin eromheen: ruim 3600 vierkante meter. Hoe hij aan het geld kwam? Er zat nog wel wat in de familie en Hovinga leidde een sober bestaan. Geen vrouw, geen kinderen, geen auto. „Hoe zou ik anders al die boeken hebben kunnen kopen” zegt hij en wijst naar de boekenkasten. Die staan vol kostbare eerste drukken.
Onder zijn huis zit een reusachtige kelder. Hier bewaart hij wijn, potjes ingemaakte groenten en conserveblikken. Alles keurig op een rijtje. Er is een kennis die hem af en toe wat brengt. Hij kan er nauwelijks tegenaan eten.
Maar, Hovinga merkt dat hij ouder wordt. De trap naar de kelder is stijl en nogal wiebelig en ook Hovinga loopt steeds minder makkelijk. Er gaan dagen voorbij dat hij geen bezoek heeft. Als hij valt kan het dagen duren voor zijn broer of zus eens langs komt en hem vindt. Daarom haalt hij af en toe wat potjes naar boven zodat hij minder vaak de trap af hoeft. Die zet hij dan in de gang neer, op de grond.
Hovinga's boekenkast staat vol oude boeken. Foto: Sebastiaan Rodenhuis
Frankfurter Allgemeine
En niet alleen Hovinga wordt ouder, ook zijn landhuis wordt ouder. Her en der likt de schimmel aan de muren. „Je bent er tot je dood mee bezig”, zegt Hovinga dan. „Zo’n huis ademt historie. Het ademt verval. Het huis leeft.” En dat geldt ook voor de tuin. Met de hulp van tuinmannen groeit daar een gecontroleerde jungle van bessenstruiken, fruitbomen en andere wilde planten. En overal kwetteren de vogels.
Via kleine klinkerpaadjes baant Hovinga zich een weg door de tuin. Naar de westkant, waar hij een prieel heeft laten bouwen in Engelse stijl, tot de noordkant waar een ophaalbrug over het watertje ligt. Het lijkt sprekend op zijn geliefde landgoed in Leek.
In zijn huis droomt hij nog wel eens terug van de oude gloriedagen van landgoed Nienoord. Hij bestond toen ook nog niet, maar hij heeft er veel over gelezen: de tijd dat de familie Van Panhuys er nog woonde. Zij kwamen in 1907 om het leven bij een noodlottig ongeval. Tijdens een mistige nacht belandt hun koets in het Hoendiep. Hovinga heeft er boeken en artikelen over geschreven. „Dat was de oude aristocratie. Zij hadden nog liefde en gevoel voor de tuinen.” Iets wat, volgens Hovinga, helemaal verdwenen is.
‘U maakt er toch geen pretpark van’
Na hun overlijden raakte de borg in verval tot het in 1950 werd gekocht door de toenmalige gemeente Leek. Vlak na de aankoop kwam koningin Juliana op bezoek. Wat de koningin precies heeft gezegd kwam nooit naar buiten, maar Hovinga weet vrij zeker dat ze de burgemeester op het hart drukte: „U maakt er toch geen pretpark van.”
Dat gebeurde wel, zegt Hovinga. Eerst kwam er een kinderboerderij, maar al snel groeide die uit tot een grote speeltuin. Daarnaast kwam nog een subtropisch zwembad en de teloorgang was volgens Hovinga compleet. Het mag dan zijn wat de mensen leuk vinden, maar, vindt Hovinga, „de cultuurwaarden worden onderuitgehaald. Het wordt zo goedkoop.”
Naar de viering van het 500-jarig bestaan van het landgoed gaat hij niet. Hij heeft geen uitnodiging gekregen en bovendien, hij kent het programma niet.
En hij wil graag nog wat kwijt. Tot voor kort las Hovinga graag de Frankfurter Allgemeine. Deze Duitse krant is gemaakt voor liefhebbers van letters. Tot 2007 stonden er geen foto’s op de voorpagina. Alleen deze krant is nergens meer te koop in Groningen. „Schandalig dat de Frankfurter Allgemeine niet meer te koop is in een universiteitsstad.”
Reinder Hovinga in zijn landhuis in Zuidbroek. Foto: Sebastiaan Rodenhuis