Het door vogelgriep getroffen bedrijf in Holwierde. Foto: DVHN
Een pluimveehouderij in Holwierde is getroffen door vogelgriep. Om verspreiding van het virus te voorkomen zijn maandag alle 48.000 kippen op het bedrijf geruimd. Het is het vierde besmettingsgeval in Groningen en Drenthe in korte tijd. Het einde lijkt nog niet in zicht.
De 48.000 vleeskuikens scharrelen maandag vroeg in de middag nog rond in de drie stallen van het bedrijf. Afgelopen vrijdag zag de boer meer dode en zieke kippen dan gebruikelijk, waarna hij de dierenarts erbij haalde. Die vertrouwde het niet. Een specialistisch team van de Nederlandse Voedsel-en Warenautoriteit (NVWA) werd vervolgens ingeschakeld. Na analyse van monsters uit de stallen kwam er in de nacht van zondag op maandag duidelijkheid: het gevreesde virus had toegeslagen.
Het is de vierde uitbraak in Groningen en Drenthe sinds begin oktober. In Gasselternijveenschemond en Opende moesten, net als in Holwierde, pluimveebedrijven worden geruimd. In Coevorden werden tientallen dode ganzen gevonden in een park en bij een plas.
Luguber karwei
Later op maandag beginnen in witte en blauwe pakken gestoken medewerkers van de NVWA aan een luguber karwei: het vergassen van 48.000 vleeskuikens. De dode dieren worden met shovels in vrachtwagens geladen om ze naar een destructiebedrijf te brengen. Dezelfde beelden zagen we vorige week in Opende. Daar moesten 56.000 dieren op een besmet bedrijf worden gedood.
„Het is verschrikkelijk”, zegt Tom de Winter van pluimveebedrijf Eijgelshoven in Holwierde door de telefoon. „Het is te emotioneel, ik kan nu niet met de media praten.” De Winter zit samen met zijn vrouw en schoonouders in de maatschap van het bedrijf. Schoonvader René Eijgelshoven reageert later op de dag wat kalmer:„Je moet er even doorheen”, zegt hij met gevoel voor understatement. „De kuikens zouden morgen weggaan voor de slacht. Dit is niet waar je het voor doet natuurlijk.”
Extra hekken en kettingen
Rond het getroffen pluimveebedrijf is een beschermingszone van drie kilometer ingesteld. De drie pluimveebedrijven binnen die zone worden door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) gescreend. Een van die boeren werd maandagochtend in alle vroegte uit zijn bed gebeld met het slechte nieuws. „Het is spannend en niet leuk”, zegt hij. „We waren al heel voorzichtig, maar ik heb toch maar extra hekken geplaatst en kettingen opgehangen om het erf af te schermen.”
Deze boer weet wat zijn collega-pluimveehouders twee kilometer verderop doormaken. „Ik ben zelf een paar jaar geleden ook door de vogelgriep getroffen, waarna alle kippen moesten worden geruimd. Dat was op 27 februari 2023, die datum staat in mijn geheugen gegrift.” Deze pluimveehouder heeft er vertrouwen in dat die ellende deze keer aan zijn deur voorbij gaat. Maar garanties zijn er niet, weet hij: „Heel veel wilde eenden zijn besmet, en een donsveertje kan genoeg zijn om de besmetting over te brengen.”
Duitsland geïnformeerd
Binnen een straal van tien kilometer rond de besmette locatie liggen elf andere pluimveebedrijven. Voor dat gebied geldt een verbod op het vervoer van vogels en eieren. Ook mag er geen mest of stalstrooisel worden afgevoerd. Omdat een deel van de tien kilometer zone in Duitsland ligt, zijn ook de Duitse autoriteiten geïnformeerd.
Volgens de vakgroep Pluimveehouderij van boerenorganisatie LTO Nederland neemt het aantal besmettingen de laatste weken sterk toe. „Ik denk dat we inmiddels op ongeveer twintig gevallen zitten”, zegt vakgroep-voorzitter Kees de Jong. „Het zijn er drie tot vier per week.” Volgens hem lijkt het op een besmettingsgolf die aan het groeien is, al is het nog niet zo erg als 2021/2022 toen het aantal besmette bedrijven nog hoger lag. „Maar het begint dit jaar wel in de buurt te komen.”
Vergoeding voor geruimde dieren
De vleeskuikens in Holwierde zijn acht weken oud en zouden dinsdag weggaan voor de slacht. Nu de dieren worden vergast, krijgt de pluimveehouder de dagwaarde van de kippen vergoed. Dat geld komt uit het zogeheten Diergezondheidsfonds, waar iedere pluimveehouder verplicht aan moet bijdragen. Die vergoeding roept de vraag op waarom het ruimen van kippen, die toch geslacht gaan worden, zoveel emoties kunnen oproepen bij de getroffen boeren.
„Vergeet niet dat de pluimveehouders hun ziel en zaligheid gelegd hebben in het grootbrengen van dieren”, zegt De Jong daarover. „Dat deden ze met het idee dat ze een bijdrage leveren aan de voedselketen. De pluimveehouders willen dat de kippen levend het erf af gaan. Nu zitten ze eerst in spanning over een mogelijke besmetting. Daarna zien ze mannen in witte en blauwe pakken dode dieren afvoeren. Neem van mij aan: dat gaat onder je huid zitten.”