Stel: iets is onvermijdelijk en logisch. Gebeurt het dan ook? In de kern is dit het vraagstuk van de circulaire economie, een transitie die ondanks alles vaak moeizaam van de grond komt. Maar soms is de transitie niet het hoofddoel, maar een handig middel om andere problemen op te lossen. En dan blijkt de omslag wel snel mogelijk.
De circulaire economie is onvermijdelijk omdat onze aarde slechts een beperkte hoeveelheid grondstoffen bevat. Alsmaar nieuwe producten van nieuwe grondstoffen maken houdt daardoor een keer op. De oplossing ligt voor de hand: oude producten niet meer verbranden of begraven in een vuilnisbelt, maar bruikbare materialen terugwinnen en daar weer nieuwe producten van maken. Geen speld tussen te krijgen.
En dan opeens blijkt de circulaire economie een originele oplossing te bieden
De onvermijdelijke transitie wordt tegengewerkt, omdat korte-termijnbelangen nogal eens haaks staan op lange-termijnbelangen. Op korte termijn bezorgt circulair zowel bedrijven als consumenten hogere kosten en meer gedoe. Daarnaast verlopen systeemtransities zoals de circulaire economie altijd stapsgewijs. Het begint met idealisten en visionairs. Zij ontwikkelen uiteenlopende innovaties zoals zonnepanelen, isolatiemateriaal van natuurlijke grondstoffen, modulaire en repareerbare telefoons (Fairphone) en initiatieven voor lokaal en biologisch voedsel (Herenboeren).
Niet snel rijk
Hierdoor ontstaat bewustwording, terwijl concrete oplossingen aantonen dat wat in theorie mogelijk is, ook daadwerkelijk kan. Echter, vaak alleen op kleine schaal en economisch weinig aantrekkelijk. Met een voedselpluktuin word je niet snel rijk. En is dus voor veel mensen niet aantrekkelijk.
Toch is de grote massa, zowel consumenten als bedrijven, vaak best van goede wil. Maar ze komt moeilijk in beweging. We vinden het allemaal wel een goed idee, maar nu nog even niet. De overheid kan dan helpen, maar helaas gebeurde dat afgelopen jaren niet. En dus bleef het circulair kwakkelen.
Dat blijkt ook uit recent onderzoek van twee van mijn studenten. Dat bevestigt dat circulair voor bedrijven een uitgebreid leerproces is dat vraagt om experimenteren en veel veranderingen. Voortgang is soms moeilijk vanwege aarzelingen bij klanten, voortkomend uit prijsgevoeligheid, risicopercepties en onbekendheid met circulaire oplossingen. Is een product gemaakt van hergebruikte onderdelen wel even goed als een geheel nieuw product? En voldoet het aan alle standaarden? Hierdoor staat de uitkomst van de transitie niet vast, soms blijven bedrijven steken in het leerproces en besluiten dat de tijd nog niet rijp is.
Perverse prikkels
Ook ontstaan in de transitie soms ongewenste neveneffecten door perverse prikkels. Zo is mede dankzij de opkomst van elektrische auto’s minder benzine nodig, maar oliemaatschappijen willen graag tot de laatste druppel geld verdienen. Dus wat gebeurt? Doordat de olieprijs sinds medio 2022 bijna gehalveerd is, wordt het maken van nieuw plastic uit olie steeds goedkoper. Met als resultaat dat inmiddels al vele Nederlandse plasticrecyclingbedrijven failliet zijn gegaan.
Ik schreef al eens eerder dat we moeten voorkomen dat het de wal is die het schip dwingt te keren. Maar soms is het niet anders. Een goed voorbeeld komt uit Friesland. Daar speelden gelijktijdig meerdere problemen, zoals woningcorporaties die talloze huizen moeten isoleren, bouwbedrijven die klemzitten door stikstof en boeren die worstelen met stikstofregels, lage prijzen en mestoverschotten.
En dan opeens blijkt de circulaire economie een originele oplossing te bieden, uitmondend in de Fryske Vezelhennepdeal. Meer dan honderd Friese boeren, ruim twintig bouwbedrijven, vijf woningcorporaties en de provincie maakten gezamenlijk afspraken om met in Friesland geteelde vezelhennep meer dan duizend huizen te isoleren.
De bouw vlottrekken
Dus het hoofddoel is niet om een idealistisch geitenwollensokken ideaal te realiseren, maar gewoon: de bouw vlottrekken, de landbouw versterken en het wooncomfort van huurders vergroten. En als bijvangst slaat vezelhennep CO2 op, zowel in woningen als in de grond, en daalt de CO2-uitstoot vanwege verminderd vervoer van bouwmaterialen.
Op zich is het natuurlijk jammer dat het de wal is die het schip moet keren. Maar we leven nu eenmaal niet in een perfecte wereld. Idealisten en visionairs deden het licht aan en ontwikkelden bruikbare oplossingen. Dan is het toch prachtig als we die kunnen gebruiken voor het creatief oplossen van maatschappelijke problemen.
Dr. Eelko Huizingh werkt bij de vakgroep Innovatiemanagement & Strategie van de Rijksuniversiteit Groningen en is auteur van het boek Innovatiemanagement.